Inschakelen en kortsluiten

Opwerken in het Oostblok

Aangezien de Noord-Europese Laagvlakte wordt gekenmerkt door laagdrempelige stuwwallen, legt een fietsformule voor exploitatie van bergketens het af. Met het opstapelen van hoogtemeters blijf je hier aan het kortste eind trekken en het rendement blijft beperkt. Het resultaat van efficiënt lokaal opwerken blijkt uit de kaarten: afb. 1) Oostblok-12, afb. 2) Oostblok-14 en afb. 3) Oostblok-16. De huidige omgang is 40 % korter en heeft 25 % minder hoogtemeters. De klimwaarde (WTR) stijgt met 10 % en de klimkracht (UFL) blijft gelijk. Gezien de reacties in het milieu heeft kernachtig trainen niet altijd een goede uitstraling in verband met de halfwaardetijd.

Meltdown in de stadskern

Opwerken begint met het inschakelen (OWT1) van de juiste klimmen, waarna je significante hoogtemeters optimaal gaat kortsluiten (OWT2). Voltanken (OWT3), het opvoeren van de klimspanning, doe je door het toevoegen van sterk hellende hectometers, gevolgd door het aftappen (OWT4) van laaggeladen hoogtemeters. Oostblok 2012 bestaat nog uit drie heuvelkernen, geisoleerd door twee plateaus (Hunerberg en Kwakkenberg). Na het doorontwikkelen van de beschreven opwerktechnieken (OWT 1-4), is de klimsterkte (Alpere) met 95 % gestegen en de klimspanning (Heuvolt) met 115 %. Een heuvelkern is afgestoten, terwijl de andere twee zijn versmolten.

Advertenties