Klimringen bij Nijmegen

Alpering

AlpeduHexe

Als je in de polder een klimring kunt aanleggen om een heuvel te maken, kun je in de heuvels een berg realiseren. Met een effectiever gebruik van nabije hoogteverschillen kunnen jaarlijks miljoenen autokilometers, enkel om bergop te fietsen, worden voorkomen. Om zo’n verre Alp na te bootsen heb je wel een helling en een afdaling nodig die allebei voldoende steil zijn. Beter een goede buur, dan een verre tiend. Als klap op de vuurpijl is deze ronde door Beek en Berg en Dal verlicht, dus ook geschikt voor de winteravond.

AlpeDuHexe
280 hm – 8 km – 310 alp

HohoZeven

Meerdere keren is geprobeerd de Gelderse heuvels van Berg en Dal te profileren als volwaardig alternatief voor Zuid-Limburg, maar deze koersen eindigden in een sprintersbal. De storende factor blijkt de beroemde Zevenheuvelenweg, waarvan de selectiviteit relatief laag is. Klimmen worden effectiever als hindernis, door ze niet te kort na een afdaling of niet te lang na een bocht te leggen, zoals de U-bocht voor de Cauberg in Valkenburg. Het voordeel van rijden in een peloton wordt nu een nadeel door het harmonica-effect.

HohoZeven
240 hm – 14 km – 110 alp

Septinima

Het concept ‘zeven heuvels’ of ‘septem montes’ ontstaat in of bij Nijmegen pas rond 1825, na sloop van de Valkhofburcht. In de 14e eeuw waren het er wel zeven en de Romeinen hadden een soort Randstad op zeven heuvelen. Tussen 1650 en 1950 stond Nijmegen juist bekend om haar vijf heuvels, met een gelijknamig opbouwplan, tot de Benedenstad werd aangewezen als beschermd stadsgezicht. Voor de Klokkenberg en Lindenberg kwam dit deels te laat door het Groene balkon. De straten rond de Gruitberg zijn eerder verdwenen.

Septinima
53 hm – 3 km – 101 alp

Ubering

Superbus

Superbus is wat je krijgt als je de Nimmalaya aan de Kalkarpaten koppelt. Met meer dan 2100 gefuseerde hoogtemeters tussen Nijmegen en Xanten ziet een ware heuvelkerncentrale het licht, die net zo goed Hügelwunderland Kalkar of Monsterklim van Gochness zou kunnen heten. De mooiste vergezichten vind je rond de heuveldorpen Groesbeek en Sonsbeck, waar akkerland tegen de hoge stuwwallen gedrapeerd is voor een Zuid-Limburgs decor, terwijl het Reichswald bij Kranenburg juist aan de uitgestrekte bossen op de Veluwe doet denken.

2110 hm – 200 km – 8500 zwi

Opgelder

Zo’n opening van de Gelderse Poort is natuurlijk hartstikke mooi, maar kan ie ook weer dicht? De heuvels van het Montferland, Veluwe en Rijk van Nijmegen waren in theorie ooit met elkaar verbonden, of was het toch de Utrechtse Heuvelrug? Dat het laaggelegen land ertussen niet vrij is van hoogteverschillen blijkt uit de gemiddelde stijging van de Polderingen. Deze kun je dus prima gebruiken in een klimroute die hoogten verbindt. Het antwoord is dus ja. A ridge too far, or to(o) close? Marketing van je achtergarden om ons heerlijk Ghelders Rijneken.

Opgelder
2050 hm – 185 km – 8500 zwi

Clustering

Nimmalaya

Klimringen kun je aan elkaar schakelen tot een grotere ronde, of juist doorknippen, en een van de zijden gebruiken om een doorgaande route te creëren. Waar de Oberingen vrijwel alleen gebruik maken van de stuwwallen zijn de Niederingen diverser, maar niet in de Nimmalaya. Op de Hatertse sandr ligt een Obering, tussen Nijmegen-Centrum aan de Waal en Molenhoek op de provinciegrens van Gelderland en Limburg. De klimring van Reichswalde is een Niedering, over de sandr van het Reichswald op de overgang naar de Kalkarpaten.

Σ 1700 hm – 165 km

Kalkarpaten

De Moylander en Uedemer stuwwallen zijn minder hoog en breed dan die van Nijmegen en Kleve, maar hebben beide voldoende body voor een Obering, zeker in combinatie met de ongelaagde stuwwal van Louisendorf. Van de binnenkant is de Uedemer stuwwal veel minder herkenbaar, behalve bij Kalkar en vooral Uedem, op de hoekpunten. Aan de overkant van het Uedemerbruch begint de Sonsbecker Schweiz met de beboste gescheiden stuwwallen van Sonsbeck en Xanten, goed voor twee Oberingen.

Σ 1520 hm – 195 km

Afferdennen

Gennep had al een gouw, maar heeft voortaan ook een eigen hoogmakerij. Aan de voet van de Nijmeegse stuwwal kun je tussen Mook en Milsbeek overstappen naar een klimcomplex met acht Niederingen, bijgenaamd de Afferdennen. De westelijke groep bestaat uit rivierduinen (3.1) en de oostelijke groep uit rivierterrassen (1.1). Geologisch gezien de gordel van Maasduinen, de terraseilanden van Wemb en Twisteden en de terrassen van de Niers. Lastiger aaneengesloten hoog te leggen door de typische infrastructuur tussen rivier en grens.

Afferdennen
Σ 1080 hm – 195 km

Bekijk Opbergtheorie