Holle wegen

Beekerberg

Omdat de verknipte Van Randwijckweg beenharen ten berge deed rijzen is de opgang van de ‘Gelderse Cauberg’ door de politiek gered van stoemploze ondergang. De nieuwe gemeente Berg en Dal heeft als wegbeheerder de wijzigingen teruggedraaid, maar niet helemaal, want de Hogeweg mag nog steeds beklommen worden. De klimwaarde van dit alternatieve traject is met een strook van 13 % zelfs licht gestegen,

Beekerberg

Beek-Ubbergen – Van Randwijckweg, Hogeweg
5 – 6 – 6 – 6 – 5 – 7 – 10 – 13 – 7 – 6 %
71 hm – 1000 m – 1073 wtr – 10 ufl
Grote Kop

De steile klim door het diep uitgesleten Beeksmansdal, niet afdalen!, ligt sinds 1914 helemaal in Nijmegen. De turbohelling begint onderaan de noordelijke steilrand bij de Ubbergseweg vanaf polderniveau meteen met 11 %. De laatste strook is met een stijging van 13 % het zwaarst. Dit is tevens het maximale percentage op de Nijmeegse stuwwal. De middenstroken kunnen zittend. Bewaar je punch tot het laatst.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Nijmegen-Oost – Beekmansdalseweg
11 – 8 – 8 – 13 %
40 hm – 400 m – 836 wtr – 9 ufl
Hanenberg

Waar de Nieuwe Holleweg vanuit Beek linksaf tegen de Beekerberg opkronkelt, slaat de Oude Holleweg rechts af de Hanenberg op. Voor het Kastanjedal draait de weg weer scherp naar links en stijgt 500 meter lang aan 10 % richting de noordelijke kern van Berg en Dal. Op de top kijk je uit over het Oliemolendal en spot je het kerkje van Persingen. De Oude Holle beklim je, en daal je nooit af.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Beek-Ubbergen – Nieuwe Holleweg, Oude Holleweg
5 – 5 – 6 – 12 – 9 – 11 – 10 – 11 – 4 %
73 hm – 900 m – 1275 wtr – 11 ufl
Kleine Kop

Vanaf polderniveau in Ubbergen volg je de Rijksstraatweg en sla je rechts af de Ubbergse Holleweg richting Nijmegen in. Waar de bochtige klinkerweg door het Kopsendal overgaat in de Holleweg fiets je rechtdoor aan 10 % verder over de klinkers. Sla je bij de driesprong rechts af, dan beklim je de Grote Kop. Linksaf kun je half verhard naar de Hengstberg met op de top de St. Maartenskliniek.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Ubbergen – Rijksstraatweg, Ubbergse Holleweg, Holleweg
3 – 7 – 10 – 9 – 6 – 6 – 10 %
51 hm – 700 m – 794 wtr – 9 ufl
Sterrenberg

Door de wijziging op de Hogeweg kan, naast de Beekerberg, voortaan ook de Sterrenberg apart beklommen worden, als nieuwe klim in de zwaarste categorie. Vanuit het centrum van Beek steek je direct aan 13 % omhoog over de Van der Veurweg en Bosweg, die als een zoomweg boven het Elzendal liggen. Sla bij de splitsing met de Nieuwe Holleweg links af en ga op de kruising verderop nogmaals links over de Westerbergweg.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Beek-Ubbergen – Nieuwe Holleweg, vd Veurweg, Bosweg, Westerbergweg
3 – 13 – 1 – 9 – 2 – 6 – 10 – 10 – 3 %
57 hm – 900 m – 833 wtr – 9 ufl
Stollenberg

De Stollenberg begint in Beek op de Rijksstraatweg en loopt via de Boterberg met een scherpe linkse hoek over de Jan Dommer van Poldersveldtweg, gevolgd door de Stollenberglaan naar Berg en Dal. De 83 meter hoge Stollenberg was de scherprechter bij het WK Studenten 2008. De aanloop over de Rijksstraatweg vanuit Ubbergen is slechts een fractie minder zwaar. In de afdaling afremmen voor de klinkerstrook!

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Beek-Ubbergen – Rijksstraatweg, Jan D V Poldersveldtweg, Stollenberglaan
3 – 5 – 8 – 3 – 2 – 1 – 12 – 10 – 5 – 6 – 5 – 4 – 4 %
69 hm – 1300 m – 840 wtr – 9 ufl

Back to top of page

Pvbel Randwijckweg

Oude Holle of Randwijck

In de aanloop naar de start van de Giro d’Italia in Gelderland werd logischerwijs gepleit om de Oude Holleweg (1275 wtr) op te nemen in het parcours. Deze opgang bleek echter te smal, daarom was de parcoursbouwer genoodzaakt te kiezen voor de op papier minder zware, maar langere Van Randwijckweg (1060 wtr). De vraag is of de Oude Holleweg wel zo veel selectiever is, ook al heeft de helling een grotere klimwaarde. Om deze vraag te beantwoorden is gebruik gemaakt van gereden tijden op Strava-segmenten.

Straatresultaat

De 184 renners die in 2016 van januari tot en met april het segment Oude Holleweg hebben gereden, behaalden een gemiddelde snelheid van 10,66 km/u. De 242 renners op het segment Van Randwijckweg 12,89 km/u. Een ongepaarde T-toets classificeert dit verschil van 2,23 km/u als significant (p=0.00001). De gemiddelde klimprestatie (BKM) is op beide hellingen gelijk (466 en 476 bkm). De gemiddelde rijtijd op beide hellingen blijkt echter ook gelijk te zijn (337 en 335 s). Wat betekent dit voor de gewenste selectiviteit?

Klimwaarde ≠ selectiviteit

In de tweede Giro etappe werd de Van Randwijckweg beklommen met een gemiddelde snelheid van 25,20 km/u. Op de Oude Holleweg zou dit ongeveer 22,90 km/u zijn geweest. De rijtijd is in beide gevallen 157 seconden. De tijd voor een aanvaller om het verschil te maken is dus gelijk, alleen is het aandeel luchtweerstand op de Oude Holleweg, met deze snelheden, 2,15 % kleiner en hiermee ook het pelotonsvoordeel ten opzichte van de aanvaller. Het verschil in klimwaarde bedraagt 11 %, dus klimwaarde ≠ selectiviteit.

Klipfactor

Aangezien toergroepen fors lagere klimsnelheden hanteren dan profrenners, valt het voordeel van het rijden in een peloton al veel eerder weg. Bij het plannen van een route kan aan de hand van de klimprestatie (BKM) rekening gehouden worden met de klipfactor. Op de Stekkenberg (337 wtr’) met 310 bkm wordt de ingevulde formule 7,25 maal 22 km/u maal 44 hoogtemeters in het kwadraat gedeeld door 1300 meter, daarna gedeeld door 310 bkm = 0,77 klf, tegen 0,90 klf van de profrenners op de Muur van Beek tijdens de Giro.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Prins van Belvedere 2014

De Prins van Belvedere is een lekenonderzoek naar de zwaarte van trajecten aan de hand van geselecteerde Strava segments en gereden tijden. Voor 2014 zijn een aantal trajecten (pvbel14) aangemaakt die bestaan uit meerdere hellingen. Het doel is om aan de hand van de verdeling van BKM scores te onderzoeken hoe de oorspronkelijke WTR formule toegepast kan worden op meerdere hellingen achter elkaar. Het wegen van de niet-WTR hoogtemeters in routes valt buiten de scope.

Verwachte snelheid km/u vs. BKM-score
Segment WTR 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Holleweg 1646 2 4 6 8 11 13 15 17 19 21
Beekdom 1419 3 5 8 11 13 16 18 21 23 25
Oesellang 279 11 19 26 31 35 39 42 45 48 50
Hunerhaan 281 11 19 26 31 35 39 42 45 48 50

Zoals in de tabel valt af te lezen zullen de grootste verschillen in gemiddelde snelheid naar verwachting niet worden gerealiseerd op het zwaarste segment, maar op het lichtste. De verhoudingen zullen wel ongeveer gelijk blijven. Bij een individuele klimtijdrit zijn de absolute verschillen in tijd, tussen renners met verschillende maximale BKM-scores, vooral afhankelijk van de zwaarte van de klim in relatie tot de lengte. De onderstaande steekproeven zijn gematched door de oorspronkelijk gepaarde gemiddelde snelheden per segment te sorteren van hoog naar laag. In de regel leveren renners binnen en tussen ritten namelijk niet op elke helling dezelfde inspanning, of nemen wanneer zij dit wel doen, niet dezelfde rust, behalve bij bloktraining. In het segment Beekdom zijn de niet WTR hoogtemeters (8 hm) over de Ubbergseveldweg, alsnog betrokken in de berekening, 1296 WTR voor, 1419 WTR na.

Holleweg vs. Beekdom km/u
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Holleweg 1646 1912 100 15,15 15,16 0,94 z-waarde -3.6886
Beekdom 1419 2006 100 16,85 16,91 1,22 p-waarde 0.0002
Holleweg vs. Beekdom BKM
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Holleweg 1646 1912 100 7,30 7,25 0,47 z-waarde 0.5172
Beekdom 1419 2006 100 7,04 7,06 0,54 p-waarde 0.6031

Het segment Holleweg start in Beek en voert via de Nieuwe Hollweweg, vd Veurweg, Bosweg, Nieuwe Holleweg en Oude Holleweg over de Sterrenberg en Hanenberg naar Berg en Dal. Beekdom begint in Nijmegen en loopt via de Beekmansdalseweg, Ubbergseveldweg, Ubbergse Holleweg, Rijksstraatweg, JDV Poldersveldtweg en Stollenbergweg over de Grote Kop en Stollenberg naar Berg en Dal. Als je de som van de hellingzwaartes (∑WTR) als uitgangspunt neemt dan zou de gemiddelde snelheid op het segment Beekdom lager zijn dan op het segment Holleweg. Dit is echter niet het geval, 16,91 versus 15,16 km/u, te verklaren door de hogere samengestelde routezwaarte (WTR) van het segment Holleweg. De lengte van de afdaling en de nabijheid van de volgende klim zijn dus medebepalend voor de zwaarte van een traject. Door de correctie van het segment Beekdom is tevens de invloed van ‘dwergheuvels’ op de routezwaarte aannemelijk gemaakt. De testen zijn overigens uitgevoerd op de mediaan.

Oesellang vs. Hunerhaan km/u
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Oesellang 279 335 99 25,60 25,49 2,40 z-waarde 0.7990
Hunerhaan 281 323 99 25,60 25,44 2,21 p-waarde 0.4237
Oesellang vs. Hunerhaan BKM
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Oesellang 279 335 99 3,00 3,00 0,42 z-waarde 0.0891
Hunerhaan 281 323 99 3,00 2,99 0,38 p-waarde 0.9283

Het segment Oesellang start in Heilig Landstichting voert via de Nijmeegsebaan, over de Oeselenberg en Langenberg naar Groesbeek. Hunerhaan begint in Nijmegen en loopt via de Berg en Dalseweg en Oude Kleefsebaan over de Hunerberg en Hanenberg naar Berg en Dal. Of je nu de som van de hellingzwaartes (∑WTR), of de samengestelde routezwaartes (WTR) als uitgangspunt neemt, de gemiddelde snelheid zal op beide segmenten gelijk zijn. Dit is ook het geval, 25,49 versus 25,44 km/u, te verklaren door de gelijke samengestelde routezwaartes (WTR) als input in de BKM formule voor klimprestatie (3,00 versus 2,99). De in de tijd ontstane doorgaande wegen van Nijmegen naar respectievelijk Berg en Dal en Groesbeek blijken dus exact even zwaar.

Zwaartebepaling
WTR = 0,95 * h * (% * (1 + %l/l) + s% / (1 + %l/l)) en ∑WTR ≠ WTR

Formules waarbij zwaartes van hellingdelen worden opgeteld zijn geschikt voor het vergelijken van gelijkvormige, of vloeiende hellingen. Voor het beschrijven van de zwaarte van een serie ongelijkmatige klimmen bij Nijmegen zijn dergelijke formules minder toegerust. Ter vergelijking, bij het optellen van hellingen heeft een etappe met aankomst bergop dezelfde zwaarte als die etappe inclusief afdaling. De WTR formule geeft een andere uitkomst, omdat bij aankomst bergop een groter deel van de etappe uit helling bestaat. Het relatieve gemak en hogere snelheid in de afdaling worden niet meegenomen in het berekenen van de gemiddelde snelheid, die dus bij aankomst bergop lager zal uitvallen. De ratio tussen ∑WTR en WTR geeft aan hoe effectief de beschikbare klimmen gebruikt worden in een klimroute. Lange klimmen en korte afdalingen geven in de regel een hogere ratio dan andersom. Met een mix van lange klimmen en afdalingen tussen klimpockets, en korte klimmen en afdalingen binnen klimpockets, wordt meestal de hoogste WTR waarde bereikt. Zware hellingen zijn helemaal niet nodig voor een goede klimroute. Belangrijker is dat ze voldoende steil, hoog, talrijk en nabij zijn.

Elementen routekwaliteit
1) Sterk hellende hectometers
2) Significante hoogtemeters
3) Verhouding klimmen en dalen
4) Verhouding klim- en routezwaarte

Hellingen met een WTR kleiner dan 75 werden tot nu toe beschouwd als niet significante hoogtemeters. Bij het uitdrukken van routezwaarte in ∑WTR was hun bijdrage aan het totaal namelijk gering, maar in WTR ligt dit anders. Daarnaast ging ik er vanuit dat deze zogenaamde dwergklimmen gelijk verdeeld zijn en een gelijke impact kennen. Deze aanname is in WTR niet langer houdbaar. Het is goed denkbaar dat de invloed wel degelijk verschilt. De stuwwal is per slot van rekening niet overal even hobbelig. Een van de aanbevelingen van de Prins van Belvedere 2014 is daarom om de onverkende dwergklimmen beter in kaart te brengen. In het verlengde hiervan ligt de gedachte dat de kwaliteit van een heuvelstelsel mogelijk beter tot uitdrukking komt als deze wordt gemeten aan de hand van de zwaarste ronde van 15 kilometer in plaats van de zwaarte van de aanwezige hellingen. Niets meer dan een stap verder in het optimaal gebruiken van beschikbare hoogteverschillen op de fiets.

Back to top of page

Prins van Belvedere 2013

Onderstaand de gestandaardiseerde bulkgetallen voor de Prins van Belvedere 2013, een vergelijking van de gemiddelde snelheid op de Grote Kop, Kleine Kop, Hanenberg en Sterrenberg. Op basis van omgerekende inspanning (BKM) volgen de Strava leaderboards een redelijke normaalverdeling met een iets grotere groep onder het gemiddelde. Aangezien de data afkomstig zijn van trainingen op de openbare weg is het niet raadzaam uit te gaan van de maximaal behaalde snelheid, maar van de gemiddeld behaalde snelheid. Bovendien rekent Strava om naar hele seconden en bepaalt het de positie aan de hand van beschikbare GPS gegevens. Een losse meting zegt dus weinig, maar de hele set ook niet alles. Voor het verder vergelijken van de heuvels is daarom uitgegaan van een selectie van renners waarvan de snelheid per renner op beide te vergelijken segments niet meer dan 2,5 km/u afwijkt, zie Sterrenberg vs. Hanenberg en Grote Kop vs. Kleine Kop.

Snelheid km/u
Segment WTR Z=+2 Z=+1 Z=0 Z=-1 Z=-2 N M SD
Sterrenberg 1507 19,4 16,5 13,6 10,7 7,8 205 13,6 2,9
Hanenberg 1477 19,4 16,3 13,3 10,2 7,2 1665 13,3 3,1
Grote Kop 992 21,1 17,4 13,6 9,9 6,1 1176 13,6 3,8
Kleine Kop 933 21,4 18,4 15,4 12,4 9,4 329 15,4 3,0
Verdeling BKM scores
Segment Z>+2 Z>+1 Z>0 Z<0 Z<-1 Z<-2 N M SD
Sterrenberg 2,4% 14,1% 32,2% 38,5% 10,7% 2,4% 205 6,0 1,3
Hanenberg 2,9% 10,3% 36,8% 39,7% 8,8% 2,9% 1665 5,7 1,4
Grote Kop 4,4% 9,2% 29,2% 43,8% 11,4% 1,0% 1176 4,0 1,2
Kleine Kop 2,4% 13,0% 33,9% 36,7% 11,2% 2,4% 329 4,3 0,9

Cijfers om nader te bestuderen in een ‘within context’ zijn die van de Hanenberg, die zwaarder lijkt dan de Sterrenberg, gezien de hogere gemiddelde snelheid daar. Het lijkt erop dat de steekproeven van elkaar verschillen. Ook de hoge gemiddelde, maar relatief lage maximum snelheid op de Kleine Kop roept vragen op. Voor deze verschillen zijn legio verklaringen te vinden, zoals de betrouwbaarheid van de data in het geval van korte segments, het zogenaamde ‘snipen’ van segments, wat betekent dat er pas gas gegeven wordt op dat deel van een overlappend segment dat korter is en dus meer deelnemers kent, en de bekendheid van de klim, waardoor de populairdere segments minder geoefende fietsers trekken. Voor nu ligt de focus op de verschillen tussen de Sterrenberg en Hanenberg enerzijds en die tussen de Grote Kop en de Kleine Kop anderzijds. De vraag is of de metingen en de WTR waarden voor deze hellingen bevestigd worden door de afgeleide inspanningsdata.

Sterrenberg vs. Hanenberg km/u
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Sterrenberg 1507 1485 82 13,52 1,16 36,6% t-waarde 3,0389
Hanenberg 1477 1382 82 13,75 1,25 63,4% p-waarde 0,0032
Sterrenberg vs. Hanenberg BKM
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Sterrenberg 1507 1485 82 5,92 0,52 46,3% t-waarde 0,1879
Hanenberg 1477 1382 82 5,91 0,50 53,7% p-waarde 0,8515

Om de vraag te beantwoorden of de Hanenberg, of juist de Sterrenberg, de zwaarste klim bij Nijmegen is, zijn de gepaarde gemiddelde snelheden van 82 Strava renners, die in 2013 beide hellingen beklommen, geanalyseerd met een gepaarde T-toets. Hieruit volgt dat de behaalde gemiddelde snelheden op de Sterrenberg significant (p<0,01) lager liggen, dan die op de Hanenberg. Van alle mogelijke verklaringen is de meest plausibele dat de Sterrenberg voor de meeste renners een zwaardere klim is dan de Hanenberg. Om de prestaties van de renners te vergelijken kan gebruik gemaakt worden van de nieuwe BKM formule die rol-, lucht- en klimweerstand optelt. In een vergelijking met een gepaarde T-toets blijken de BKM scores niet significant (p>0,01) te verschillen. De renners doen dus op beide hellingen even hard hun best.

Grote Kop vs. Kleine Kop km/u
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Grote Kop 992 881 82 15,62 3,02 35,4% t-waarde 3,0167
Kleine Kop 933 852 82 16,08 2,64 64,6% p-waarde 0,0034
Grote Kop vs. Kleine Kop BKM
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Grote Kop 992 881 82 4,66 0,98 56,1% t-waarde -2,3684
Kleine Kop 933 852 82 4,54 0,82 43,9% p-waarde 0,0203

De Grote Kop en de Kleine Kop zijn twee dicht bij elkaar in de buurt liggende klimmen, die bijna even zwaar zijn, maar verschillen in lengte, hoogte, steilte en wegdek. De Grote Kop is lager, korter, steiler en bekleed met glad asfalt, terwijl de Kleine Kop hoger, langer, minder steil en voorzien is van klinkers. Ook hier zijn de gepaarde gemiddelde snelheden van 82, deels andere, Strava renners, die in 2013 beide hellingen beklommen, geanalyseerd met een gepaarde T-toets. Hieruit volgt dat de behaalde gemiddelde snelheden op de Grote Kop significant (p>0,01) lager liggen. Hoewel de verschillen klein zijn, is de Grote Kop gemiddeld een zwaardere klim dan de Kleine Kop. Bovenstaande resultaten bevestigen zowel de heuvelmetingen als de WTR formule. Op grond van de steekproeven van de Prins van Belvedere 2013 is de belKOM formule bijgesteld en hernoemd naar BKM formule.

Snelheid km/u vs. BKM-score
Segment WTR 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Sterrenberg 1507 3 5 7 10 12 14 16 18 20 22
Hanenberg 1477 3 5 7 10 12 14 16 18 20 22
Grote Kop 992 4 7 10 13 16 19 22 25 28 31
Kleine Kop 933 4 8 11 14 17 20 23 26 29 32

Zoals in de tabel af te lezen worden de grootste verschillen in gemiddelde snelheid niet gerealiseerd op de zwaarste klim, maar juist de lichtste. De verhoudingen blijven echter ongeveer gelijk. Bij een individuele klimtijdrit zijn de tijdsverschillen tussen renners met verschillende maximale BKM-scores daarom vooral afhankelijk van de zwaarte van de klim in relatie tot de lengte. De tijdsverschillen tussen BKM-scores kennen grofweg dezelfde verhouding als die van de WTR waardes maal de lengte van de klimmen. Zo zullen de verschillen in tijd, tussen renners met een gelijk verschil in BKM, naar verwachting een factor 1,31 groter zijn op de Kleverberg (1042 WTR, 1,9 km), dan op de Sterrenberg op plaats 2 (1507 WTR, 1 km), gevolgd door de Hanenberg en Stollenberg op de plaatsen 3 en 4. De Kleine Kop en de Grote Kop staan pas op plaats 15 en 22 in deze theoretische ranglijst.

Klimprestatie
BKM = ((4 * m/s) + (0,2 * m/s3) + (0,1 * WTR * m/s)) / 100

Back to top of page

Profielen holle wegen

Vijf van Nijmegen

Holle straten klimmen het hardst. Deze vijf opgangen en hun varianten zijn ongetwijfeld de zwaarste stuwwalhellingen van de Benelux. Een reisje langs de Rijn meer dan waard. Vanuit de Randstad liggen de heuvels van Vlaanderen en Zuid-Limburg minstens dubbel zo ver. Daarbij komt dat in het laatst genoemde gebied slechts twee heuvels beduidend zwaarder zijn, dan de beklimmingen over de Oude en de Nieuwe Holleweg.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page