Zevenheuvelenweg

Knotseklef

De Knotseklef of Panoramaberg is de eerste heuvel van de Zevenheuvelenweg naar Berg en Dal. Vanuit het Hoenderdal loopt de straat vanaf de oude kerk in Groesbeek steil omhoog. De tweede heuvel van het oude pad was de Galgenhei die vroeger gebruikt werd als vuilstort. De nieuwe weg schampt de Kampheuvel en bestijgt de Boksheuvel.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg, Chopinstraat
7 – 8 – 2 – 5 %
22 hm – 400 m – 262 wtr – 4 ufl
Kampheuvel

Een ouderwets debat betreft het aantal hellingen van de Zevenheuvelenweg, voorheen gesteld op vijf. Data van 21 profrenners uit de 2e etappe van de Giro d’Italia 2016 laten echter zien, dat de Kampheuvel en Boksheuvel twee momenten van vertraging opleveren, die niet verklaard kunnen worden door het verschil in stijging alleen. De data van de dag erna laten zien dat ook de Posbank een voorzettafeltje heeft.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
4 – 7 – 2 – 3 %
16 hm – 400 m – 143 wtr – 3 ufl
Boksheuvel

Alom bekend van de derde dag van de Vierdaagse, is de Boksheuvel de zwaarste van de hobbelige hellingen in het Groesbeeks Bekken, de Zeven Heuvelen. De klim begint in de zogenaamde Dodemansbocht, gelegen in het smalle droogdal tussen de Kampheuvel en Boksheuvel. Als verzwaring toegevoegd aan de omloop van het NK Weg 2002 en decor voor de tussensprint in de 2e etappe van de Giro d’Italia 2016.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
8 – 9 – 7 – 6 – 3 %
33 hm – 500 m – 461 wtr – 6 ufl
Vlierenberg

De Vlierenberg is als vierde heuvel van de Zevenheuvelenweg onderdeel van de Zevenheuvelenloop en van de Nijmeegse Vierdaagse. Tijdens het NK Weg in 2001 was het de vierde en in 2002 de vijfde helling op het parcours. De vlier(enberg) is gewijd aan Vrouw Holle. Zij houdt draadloos bij of mensen vlijtig of lui waren. Snel je device uitschakelen helpt hier dus niet.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
8 – 7 – 3 %
18 hm – 300 m – 230 wtr – 4 ufl
Engelenberg’

Vanuit Groesbeek gezien is dit de vijfde helling van de Zevenheuvelenweg en ook de een na laatste beklimming van de Zevenheuvelenloop. Op de derde dag van de Nijmeegse Vierdaagse volgt nog de klim naar de Brantberg in Berg en Dal. De laatste meters over het fietspad naar de top zijn venijnig steil, de rijbaan zelf is ingesneden en ligt een paar meter lager.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Berg en Dal – Zevenheuvelenweg
5 – 8 %
13 hm – 200 m – 177 wtr – 3 ufl
Brantberg

Bij de T-splitsing van de Meerwijkselaan en de Zevenheuvelenweg kun je rechtsaf richting Groesbeek naar de Engelenberg, of linksaf tussen de Brantberg en de Duivelsberg naar Berg en Dal. Bij de NK’s Wielrennen beklom het peloton de Brantberg en bij de Vierdaagse wordt deze heuvel ook beklommen. Dank aan Remco Hovestadt voor het juiste toponiem.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Berg en Dal – Meerwijkselaan, Zevenheuvelenweg, Bosweg
2 – 2 – 6 – 2 – 6 – 5 %
23 hm – 600 m – 196 wtr – 3 ufl
Advertenties

Pvbel Zevenheuvelenweg

Vermogensprofessie

De Prins van Belvedere Giro is een lekenonderzoek naar de geschatte klimwaarde (WTR’) van trajecten aan de hand van aangemaakte Strava-segmenten. Voor de Giro d’Italia zijn twee hellingen op het Gelderse parcours gekozen als meettraject (Pvbelgiro). De verwachting is dat de gemiddelde snelheid (km/u) te herleiden is uit de geschatte klimwaarde (WTR’) en het gemiddelde vermogen (W) per profrenner. De gekozen trajecten Boksheuvel en Posbank kennen met 479 en 503 wtr een vergelijkbare geschatte klimwaarde (WTR’), dus een gelijk gemiddeld vermogen (W) zou dezelfde gemiddelde snelheid (km/u) moeten opleveren.

Globaal even zwaar

Na herziene heuvelmetingen blijkt dit werkelijkheid. 21 profrenners, die hun data op Strava hebben gepubliceerd, realiseerden 30,80 km/u op het segment Boksheuvel (479 wtr’) en 30,57 km/u op het segment Posbank (503 wtr’). Een gepaarde t-toets merkt het verschil van 0,23 km/u aan als niet significant (p=0.6327). Op het segment Boksheuvel leverden de Giro-renners een gemiddeld vermogen van 419 W en op het segment Posbank 408 W. Een gepaarde t-toets geeft het gemeten verschil van 11 W als niet significant (p=0.3891). De Posbank en de Boksheuvel op de Zevenheuvelenweg zijn dus globaal even zwaar.

Na vijven en zessen

Een ouderwets debat betreft het aantal hellingen van de Zevenheuvelenweg, voorheen gesteld op vijf. De eerste data-analyse van de 2e etappe van de Giro d’Italia 2016 op de Zevenheuvelenweg laat twee momenten van vertraging zien, die niet verklaard kunnen worden door het verschil in stijging alleen. Dit is opgelost door de Boksheuvel op te delen in Kampheuvel en Boksheuvel. Zo heeft de Zevenheuvelenweg voortaan zes heuvels in plaats van vijf. Uit de gepubliceerde gegevens van de 3e etappe blijkt verder dat ook de Posbank een dergelijk voorzettafeltje heeft. Waar een Gelderse Giro al niet goed voor is.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Over de Zeven Heuvelen

Heuvelgraven

Hoe zit het met de Gelderse Zeven Heuvelen? In Zuid-Limburg liggen ze bij Gronsveld. Noord-Brabant kent meerdere Zevenbergen, waaronder die bij het Vorstengraf in Oss. Zeven verwijst op beide plekken naar een zevental grafheuvels uit de prehistorie. De stad Nijmegen is naar Romeinse traditie gebouwd op zeven heuvels. In haar omgeving ligt een illustere heuvelige weg, waarvan het aantal maar niet klopt. Een loopje met de waarheid? In 2016 is naast het oude pad van Groesbeek naar Beek een zestal grafheuvels ontdekt, of is ook hier de zevende heuvel weg? Van hellend vlak naar Ad Chartam.

Bergendalsebaan

De weg heette in 1885 nog gewoon Berg en Dalsche Baan naar Groesbeek. Wel worden de Engelenburg en Flierenberg genoemd. In 1570 liggen in het Nederrijkswald vooral bospaden, maar prijken de Molenberg, Boksheuvel en Brantberg. Vanuit de Heerlijkheid Groesbeek loopt in 1768 de Beeksche Straat over de Knotseklef, langs het gericht op de Galgenhei, slingerend het Nederrijkswald (1758) in. Dit pad sluit in de Meerwijk aan op de rechthoekige parkaanleg, waarvan de doorgetrokken noordelijke zijde rond 1900 de naam Weg over de Zeven Heuvelen krijgt. In 1953 wordt de Galgenhei echter omgelegd.

Wegverbergen

In 1825 wordt de weg van Nijmegen naar Groesbeek de meeste allure van het Geldersch Lustoord toegekend, omdat deze ‘door zijne rijzingen en dalingen, zeven heuvelen vormt, en even zo vele dalen’. De wandeling tussen Berg en Dal en Groesbeek wordt niet gemaakt. Hij keert op landgoed de Groote Vlierenberg, waar ook nu de verlichting op het fietspad ophoudt, bij het beeld van de Zevenheuvelenloper. In 1882 koppelt een andere wandelaar door Nederland het toponiem ‘zeven heuvelen’ aan de Berg en Dalsche baan. De weg van Nijmegen naar Groesbeek is geëffend en hij gaat trouwens per trein.

Rijkaardskunde

Terwijl rijkaards spreken over Zeven Heuvelen, nog in 1848 op de Groesbeeksche baan, spreken aardrijkskundigen over de Mokerheide (1843, 1860). Met de opkomst van de wielrijder stelt de professionele recreatieve kampioen in 1888 dat de weg tussen Berg en Dal en Groesbeek ‘over zeven heuvelen’ loopt. Een aarzelende aardrijkskundige schrijft in 1907 over de zogenaamde ‘weg over de zeven heuvelen’, met de verantwoording dat deze haaks op droogdalen is aangelegd. Zeven is hier dus een telwoord, en de bron van het toponiem staat sinds 2015 ook te boek als de bedenker van de term ‘keizerstad’.

Kaarten
 * T. Witteroos, Het Nederrijkswald en omliggende plaatsen (1570) Geverifieerd door waldgraaf Thomas van Appeltern.
 * J. van Aarden, Cart van den Nederrijxe Walt : met desselfs inleggende gecultiveerde landerijen (1758).
 * J. van Aarden, Cart van de heerlijkheid Groesbeek..., in het laatst des jaars 1768 (1768).
* Tranchot en von Müffling, Kartenaufnahme der Rheinlande durch Tranchot und von Müffling, 1 Nijmegen Nord - 3 Nijmegen Sud (1803 - 1820). 
* N.N, Van Nijmegen naar Berg-en-Dal. Wandelkaart van Ubbergen, Beek, Berg-en-Dal en de Meerwijken (1885).
 * N.N, Nijmegen en omstreken (ca 1900).
Teksten
 * C. ten Hoet Jz, Het Geldersch lustoord, of Beschrijving van de stad Nijmegen en derzelver omstreken, met geschied- en oudheidkundige bijzonderheden (1825), p 53.
 * A.J. van der Aa, Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden, vierde deel (1843), p 899.
 * P. Nijhoff, Een Geldersch reisje, van Amsterdam of elders, naar Arnhem, Zutphen, Het Loo en Nijmegen (1848), p 83.
 * A.J. van der Aa, Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden, dertiende en laatste deel (1851), ZEV p 144-172.
 * W.C.H. Staring, De bodem van Nederland, de zamenstelling en het ontstaan der gronden in Nederland, tweede deel (1860), p 49-56.
 * J. Craandijk, Wandelingen door Nederland met pen en potlood deel 6 (1882), p 216.
 * J.B.M. van Galen, No 194 ANWB Cleve, in de Kampioen maart 1888 (1888), p 94.
 * E.J. Brill (red.), Tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Aardrijkskundig Genootschap, 2 reeks: d.24 (1907), p 668.
 * Dr. Beckers, Voordracht Archeologische onderzoekingen in Z.-Limburg, in Natuurhistorisch Maandblad, 20e jaargang - No.1 (1931), p 10.
 * J.F. van Agt, Zuid-Limburg uitgezonderd Maastricht (1962), p 14.
 * G.G. Driessen en J.D.G. Montenberg, Oud-Groesbeek in woord en Beeld (1980), p 25, 29, 144 en 148.
 * H. Fokkens, R. Jansen en I.M. van Wijk (red.), Oss-Zevenbergen; de langetermijn-geschiedenis van een prehistorisch grafveld Archol Rapport 50 (2009), p 227.
* W. de Jonge, Keizerstad; Het keizerlijke imago van Nijmegen (2015), p 19. 
* P. Klinkenberg en W.J.A. Kuppens, Identificatie van een prehistorisch grafveld in de Westermeerwijk, gemeente Berg en Dal (2016), p 16.

De originele zeven

Een heuvel over

Waar is de zevende heuvel van die weg gebleven? Bekijk hiervoor het hoogteprofiel van het slingerende pad vanaf de kerk in Groesbeek over de velden het Nederrijkswald in, en vanaf de parkaanleg van de Meerwijken rechtsom langs de buitenrand naar Berg en Dal, zoals weergegeven op de Tranchotkaart uit het begin van de 19e eeuw. Hoewel een heuvel meer, is het hoogteverschil in vergelijking met de zes heuvels van de huidige Zevenheuvelenweg hier 20 % kleiner (100 vs. 125 m), doordat de weg dichter langs de kam loopt, waar de droogdalen minder diep zijn. Je moet er maar opkomen.

Op de weg terug

Ooit lagen er Zeven heuvelen op de route van Groesbeek naar Berg en Dal: 1. Knotseklef, 2. Galgenhei, 3. Boksheuvel, 4. Hogeklef, 5. Vlierenberg, 6. Engelenberg en 7 Brantberg. De oude route over de Galgenhei is steeds meer naar het oosten verschoven. Tegen de tijd dat de weg dus eindelijk haar naam kreeg, had zij reeds een heuvel verloren. Deze heuvel kun je terugwinnen door op de Zevenheuvelenweg links naar de Mozartstraat af te slaan, rechts af te slaan bij de Dries, en na kort links over de Nieuweweg, rechts af te slaan naar de Siep, die in vroeger tijden bekend stond als de Maldensebaan.

Reizende bergen

De originele zeven rijzingen zouden zich tot 1850, voor effening van de Groesbeekseweg en Nijmeegsebaan, bevinden op de weg van Nijmegen naar Groesbeek: 1. Huiselenberg, 2. Kentenberg, 3. Ketelberg, 4 Oeselenberg, 5 Lage Langenberg, 6, Hoge Langenberg en 7. Stekkenberg. De nummers drie, zes en zeven kun je met een kleine omweg herbeleven. Ketelberg: RA v. Cranenborchstraat, LA v.d. Boekhoffstraat, RD Peter Scheersstraat, LA Schlatmaeckerstraat. Hoge Langenberg: RA Nijmeegsebaan, RD Parklaan en Stekkenberg via het terrein van Werkenrode parallel aan de Nijmeegsebaan.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.