Categorie: Auteurkoersen wielrennen

In 12 jaar (2009-2021) rijd ik 328 wedstrijden bij de trimmers en amateurs van de nationale en vrije bonden, reis per trein en train in de heuvels.

  • Ronde van Elden

    16 juni 2013 – Elden

    De Ronde van Elden wordt sinds een aantal jaar afgewikkeld op een 1650 meter lang bochtenarm parcours met een lange oprit naar het viaduct over de snelweg als klim. Tevens present is een stuk binnendijk en zelfs een klinkerstrook is verwerkt, voordat je langs de bomvolle terrassen op het dorpsplein weer aan de volgende van de in totaal 47 ronden begint. Met bijna 100 coureurs aan de start, verdeeld over de klassen elite, belofte en amateurs, besluit ik achteraan te starten. Het doel is het uitrijden van een naar mijn verwachting razendsnelle koers over 80 kilometer. De thermometer geeft stiekem 10 graden meer aan dan de beloofde 17 graden.

    Vrijwel direct kiest een omvangrijke kopgroep van 12 renners het hazenpad. Hoe hard er precies gereden wordt kan ik enkel gokken. Feit is dat mijn ketting al na een paar ronden niet meer doorslaat op 55×11. Vooral de lange klinkerstrook naar de finish nodigt de achterste renners van het omvangrijke peloton uit tot snelheden van tegen de 60 km/u. Al uitrollend kun je daarna de scherpe bocht na de finish nemen om na een paar honderd meter aan de viaductklim te beginnen. Slechts eenmaal kom ik een ronde lang in de wind bij het lijmen van het op tweederde van de koers in twee stukken gebroken peloton, dat later als geheel, maar wel gedubbeld door de koplopers, zonder ongelukken finisht.

    • Ronde van Elden, bron: Oypo
    • Ronde van Elden, bron: Oypo
    • Ronde van Elden, bron: Oypo
    • Ronde van Elden, bron: Melissa Donker
  • Ronde van de Blauwe Kei

    9 juni 2013 – Breda

    Met vier bochten op een vijfhoekig parcours van een kilometer lengte is de jaarlijks terugkerende Ronde van de Blauwe Kei een schoolvoorbeeld van een buitenwijkcriterium. Dat de stadsarchitect het stratenplan heeft ontworpen voor auto’s en niet voor huifkarren, merk je aan de snelle afgeronde bochten. Ik realiseer mij dat dit de eerste koers is, waar ik voor de vijfde keer start. Door de ruime opzet van de finishstraat, met de stoep en weg gescheiden door grasperken, staat hier toch altijd wind, en deze keer tegen op de derde parcourszijde. Het startveld bestaat uit veertig coureurs, klaar voor zestig touren om het buurtwinkelcentrum.

    Direct na het startsein vliegt de snelheid de lucht in. Achterin begonnen rijd ik al snel aan de staart van een woest kronkelend lint. Passeren of opschuiven is nauwelijks mogelijk, behalve op de lange aankomststraat. Twee-aan-twee de bocht door blijkt enkel in theorie haalbaar. Wringen uit den boze. Na twaalf ronden kletteren vier elkaar aantikkende renners ongelukkig over de licht opgehoogde weghelftscheiding. Na het gezamenlijk melden van de val bij de jury, krijgen alle achtergebleven renners een rondevergoeding, maar de koers wordt al snel geneutraliseerd. Bijna twaalf ronden lang rijden we geregisseerd op inrijsnelheid, totdat het parcours vrijgegeven wordt.

    De twee overgebleven koplopers krijgen uiteraard bij de herstart hun voorsprong van een halve minuut terug. Daarna trekt het peloton de roulette weer op gang, voor de vijfendertig resterende ronden. Georganiseerd achtervolgen is lastig op de Blauwe Kei, dus je hoeft geen helderziende te zijn om te weten dat we rijden voor plek drie. Als bij de frequente uitvallen steeds vaker breuken ontstaan besluit ik naar voren te schuiven. Met mijn neus op het stuur vind ik uiteindelijk de aansluiting bij de vijftien voorste achtervolgers. Hierna lijkt het een flipperkast, waarin ik spring op alles wat beweegt. Regelmatig schuift de groep in en uit elkaar als een op hol geslagen harmonica.

    Een tiental ronden voor het eind zwalkt mijn voorganger lek gereden de bocht door. Gelukkig kunnen ik en de renners achter mij met enige vertraging alsnog de curve maken. Daarnaast herinner ik mij ook nog een door het peloton stuiterende voetbal?! Het enige wat ik vanaf de voorste gelederen kan doen is wijzen, roepen, inhouden en horen dat het goed gaat. Omdat ik niet van plan ben om de eindsprint aan te gaan, hoop ik mee te kunnen glippen met een slot-attack. Als een thuisrijder en erkend verslagenschrijver reageert op een alleenstaande demarrage spring ik op vinkenslag mee, om net op tijd voor de aanrollende heksenketel als vierde de streep te passeren.

    • Ronde van de Blauwe Kei, bron: Jeroen Rovers
    • Ronde van de Blauwe Kei, bron: Jeroen Rovers
    • Ronde van de Blauwe Kei, bron: Jeroen Rovers
  • Klimcriterium ‘s-Heerenberg

    8 juni 2013 – ‘s-Heerenberg

    Op de zuidoostpunt van een noordoostelijke buurstuwwal wordt sinds enkele jaren het Wielerfestival Montferland georganiseerd met diverse activiteiten, waaronder een klimcriterium in het golvende ‘s-Heerenberg. Naast de sportklasse start ook een combinatie van elite, beloften en amateurs, op een kort parcours bestaande uit een relatief lange lopende klim en dito afdaling. Met 26 graden is het warm en gezien de kwaliteit van het startveld ben ik benieuwd hoe lang het duurt voordat ik achterop gereden wordt door de snelste mannen. Mijn trainingsomvang van 8 uur in de week is namelijk niet ontworpen om in het eerste explosieve half uur met meer dan 35 km/u tegen een helling op te rijden. Als je daarna nog 90 minuten verder wilt, zul je toch al snel het dubbele aan trainingsarbeid moeten verrichten.

    Zoals uit de bovenstaande infographic blijkt, heeft het Klimcriterium ‘s-Heerenberg een klimkracht van 6 BEL. Dit is meer aan klimkracht dan de gemiddelde klimtochten over de Nederlandse stuwwallen, die ook over de Posbank bij Arnhem, of de Oude Holleweg bij Nijmegen voeren. De winnaars hebben het criterium over 41 ronden met een gemiddelde snelheid van bijna 39 km/u afgelegd, noordenwind tegen op de klim. Naast meer dan 700 hoogtemeters, kregen ze ook nog 164 bochten voor de kiezen, dus lekker op gelijkmatige snelheid doorsperen zat er niet in. Steil is de klim van de Zeddamseweg nergens, maar de opeenvolgende gele stroken en de relatieve lengte maken het een ware krachtduurtour, waardoor relatief veel soorten renners hun sterke punten tentoon kunnen spreiden. Zelf heb ik het een uur en een kwartier uitgezongen in een grupetto, voordat de speerpunten weer achterop zeilden. Vrij snel daarna reed ik lek.

    • Klimcriterium 's-Heerenberg, bron: Ellen's Cycling Pictures
  • De Zes Bochten Ammerzoden

    19 mei 2013 – Ammerzoden

    Ammerzoden of Ammerooi lag vroeger ten zuiden van de Maas in Brabant. Door een verlegging van het rivierbed is het kasteeldorp heden ten dage gelegen in de overwegend protestantse Bommelerwaard, maar heeft haar katholieke signatuur behouden. Door het centrum is door de organisatie een historisch traject van 1200 meter met daarin zes bochten afgezet. Net als in Rossum is de ronde prachtig vrij van verkeersobstakels en elke paal is voorzien van autobanden. Een kleine dertig coureurs staan aan de startlijn, klaar voor zestig kilometer koers. De Brabantse Wieler Federatie komt naar je toe deze zomer!

    Het startschot klinkt onder een dreigende hemel, maar ook deze koersdag geldt: blaffende wolken bijten niet. Met in mijn achterhoofd dat het parcours smal en klinkerrijk is, heb ik mijn banden slechts opgepompt tot 7,5 bar. Vrij snel ontkoppelen zich drie bochtenwonders van het peloton. Vanuit achteruit zie ik ook snel uitvallers, welke ik kan passeren. Met driehonderd bochten voor de boeg, ben ik benieuwd hoe lang ik er zelf aan kan blijven hangen. Gelukkig is het niet warm. Als zeven achtervolgers een gat van tweehonderd meter slaan is de koers voor mij gedaan. Niet voldoende wendbaar.

    Normaal kies ik niet voor centrumcriteriums, maar deze spreekt me wel aan. De bochtensnelheid in de achtergebleven groep is voor mij goed te doen. Op twee-derde van de koers komen de drie koplopers al weer achterop zeilen. In het begin kunnen we aansluiten, maar later wordt de gedubbelde groep door de jury op honderd meter gedirigeerd. Op vijf ronden voor het eind is het tijd om af te sprinten. Met nog vier bochten te gaan wringt een wel erg gretige medeachterblijver me de goot in, maar toch haal ik in de eindsprint met 63,5 km/u een 13e plaats en 41,0 km/u gemiddeld.

    • De Zes Bochten Ammerzoden, bron: Ammerkrant
    • De Zes Bochten Ammerzoden, bron: Ammerkrant
    • De Zes Bochten Ammerzoden, bron: Ammerkrant
    • De Zes Bochten Ammerzoden, bron: Ammerkrant
    • De Zes Bochten Ammerzoden, bron: Ammerkrant
    • De Zes Bochten Ammerzoden, bron: Ammerkrant
  • Ronde van Rossum

    11 mei 2013 – Rossum

    Vijf kilometer ten oosten van Zaltbommel ligt aan de Waal het rustieke dijkdorp Rossum, vandaag het decor voor de herboren ronde. Het obstakelvrije parcours beslaat 1800 meter lengte. Over de smalle rug van de hoge Waaldijk fiets je 800 meter over winderig asfalt. Na twee kort opeenvolgende bochten op de kopse kant, fiets je onderlangs parallel aan de oeverbescherming over ruim opgezette strakke klinkerwegen terug naar de dijkwoningen. Door de haakse publieksbocht kom je weer op de netjes afgezette finishstraat op de waterkering. Onder een dreigende hemel staat een mooi deelnemersveld van bijna vijftig coureurs klaar om afgeschoten te worden voor een koers van zestig kilometer, gevolgd door een zogenaamde pasta party.

    Omdat opstellen voor het terras van de Gouden Molen volgens het principe ‘wie het eerst komt, wie het eerst maalt’ gebeurt, kan ik van kop af de eerste ronde aanvangen. Na 1500 meter word ik overgenomen en draai rustig de dijk op langs de finish om de koers van een andere kant te bekijken. De klinkers blijken goed berijdbaar en de bochten goed te doen. Het zwaarste deel ligt op het tweede stuk van de dijk. Hier staat de wind links in de zij en door de smalle weg is er weinig ruimte om te schuilen. Gezien ik al mijn trainingen op de Nijmeegse stuwwal afwerk, kom ik zelden tot nooit in de polder. Het duurt dus even voordat ik het weerstandprofiel doorheb en zo licht mogelijk schakel, om windvariaties veroorzaakt door de slingering op te vangen met beentempo.

    Tijdens de schermutselingen om een kopgroep te vormen ligt het tempo onveranderd hoog. Toch slagen vijf man er vrij snel in twintig seconden voorsprong te nemen en later sluit nog een zesde renner aan. Bij de voorgaande categorie zag ik een uiteengeslagen peloton en dat is voor mij ook het verwachte scenario voor deze koers. In de staart ontstaan wel regelmatig kleine breuken, maar omdat ik deze vrij gemakkelijk kan repareren, verkies ik de achterbank boven het gefriemel. Wel zo luxe. Dat ik dan wat harder op moet trekken na de bochten neem ik voor lief. Mocht het peloton onverhoopt in stukken breken dan kan ik altijd nog de oversteek wagen. Vooralsnog ziet het daar niet naar uit en de koplopers handhaven hun voorsprong van bijna een halve minuut.

    Op het moment dat de koers in een rustiger vaarwater komt, schuif ik op de dijk onder een donkere hemel door de wind naar voren, om met een bliksemactie een deel van de voorsprong terug te nemen, voordat de koplopers kunnen versnellen. Door de opvolgende gang komt het peloton tot op tien seconden, maar de kopgroep is niet gek, zet aan en de controleurs nemen weer over. Coup mislukt, te weinig draagvlak, ook prima. In de finale spring ik daarom mee met uitlooppogingen en rijd ook nog een tijdje alleen voor het peloton uit, waarna ik mij opmaak voor de wringsprint naar de haakse publieksbocht. Deze kom ik heelhuids door om als 26e te finishen. Het gemiddelde bedraagt ondanks de wind 42,0 km/u en de trainingsomvang afgelopen week 12 BEL.

    • Ronde van Rossum, bron: A&F Fotografie
    • Ronde van Rossum, bron: A&F Fotografie
    • Ronde van Rossum, bron: A&F Fotografie
  • BWF Kampioenschap Zundert-Raamberg

    5 mei 2013 – Zundert

    Buurtschap Raamberg, onderdeel van de gemeente Zundert, is op 5 mei 2013 gastheer van de BWF kampioenschappen. Voor dit doel heeft de organisatie een slingerende, drie kilometer lange, prachtige omloop uitgetekend, met een bolle grindklinkerstrook van 250 meter lengte. In het belendende weiland is een volumineuze feesttent opgericht. Ook een toiletwagen is aanwezig, waar ik mijn Klim Bij Nijmegen snelpak kan aantrekken. De temperatuur is inmiddels flink opgelopen onder een strak blauwe lucht en de al maanden aanwezige voorjaarswind is eindelijk ergens anders gaan waaien. De aankomststrook is net als de rest van het parcours relatief smal. Alle bochten zijn vrij krap, maar de hele ronde is ouderwets obstakelvrij, top!

    Volgens een van 31 gereedstaande coureurs rijd ik met een 56T voorblad. Zou er stiekem een bonustand aangegroeid zijn? Straks even goed natellen. Mijn isolatietape stuur krijgt ook aandacht. De gekleurde Schijf Van Witteroos op mijn rug blijft dit keer buiten schot. Afgelopen dinsdag hoorde ik nog op Papendal: “He, de schijf van vijf, maar dan met vier”. De kleuren staan wat mij betreft voor de verdeling van heuvels op de Nijmeegse stuwwal in de verhouding 1:2:3:4. Ik start met een stuk op kop, voordat ik mij af laat zakken. Ik verwacht een razendsnelle koers, waar je in een oogwenk gelost kunt worden als je even niet oplet, of plafonneert. Vanuit de staart zie ik de nationale WFN driekleur zich ook deze dag proberen te bevrijden uit de greep van het sterk bezette peloton.

    Ik kijk na een half uur op mijn teller en zie dat mijn verwachting uitkomt. De gemiddelde snelheid tot nu toe bedraagt bijna 43,5 km/u. Gezien het aantal bochten vind ik dit knap hoog. Net als ik naar voren schuif op het slingerende stuk naar de finish, slaan vijf coureurs ontketend een gat van 250 meter en trekken door. Omdat ik weet dat de koers erachter op slot zal gaan, probeer ik op goed geluk de jump te maken. Snel rijd ik naar een andere oversteker, die al halverwege is. Terwijl ik extra gas geef, heeft hij er juist genoeg van. Zo kom ik, net als afgelopen dinsdag, domweg alleen tussen de kopgroep en het peloton terecht. Gegokt, verloren en klaar voor vandaag. Behalve voor de kopgroep van vijf en vijf overstekers, waarvan drie het halen, koerst de rest nu voor spek en bonen. Twee blauwe mannen zijn voldoende om het peloton lam te leggen.

    Als blijkt dat ik het resterende tempo goed verteer, begeef ik me naar voren om te zien wat ik bij kan dragen in de achtervolging. Na een kopbeurt neemt een van de twee controleurs over om het tempo weer te drukken. Later probeer ik dus in mijn eentje te versnellen als vooruitgeschoven lokaas. Een van de buschauffeurs laat dan een gat vallen. Het helpt iets, maar niet veel. Pas als in de finale de winnaar van de ronde van Terheijden aan het peloton rammelt, begint de voorsprong van de gesplitste kopgroep echt terug te lopen. Het gat is nu in theorie overbrugbaar. De hele laatste omloop posteer ik mij vooraan om toch druk te houden. Er kan namelijk altijd iets onverwachts gebeuren. Volgens verwachting word ik in de laatste bocht gesneden en verlies te veel snelheid om voor de troostprijzen te sprinten.

    • BWF Kampioenschap Zundert, bron: Wielersite Zundert
  • Ronde van Terheijden

    21 april 2013 – Terheijden

    In de laatste decade van april staat traditioneel de Ronde van Terheijden op het BWF programma. Dit is een 2,3 kilometer lange semi-omloop met de ‘beruchte’ overhaakse visvijverbocht, waarna een lang recht stuk op de kant langs de finishlijn volgt, dat bekend staat als zwaar. Na de aankomst volgt een wel lopende bocht, maar daarna doemen een krappe haakse en een drempelchicane op voor je de aflopende grindklinkers onder het viaduct door betreedt. Aan het eind van deze strook draai je met negentig graden een smalle rechte polderweg op voor je weer bij de hoek aanbelandt die de winnaar bij de 50- vandaag een gebroken spaak en een fikse kras op zijn frame kostte.

    Aan de start staan twee dozijn vertrekkers klaar voor de koers die als een stadscriterium begint en als een polderomloop eindigt. Uitremmen en aanzetten na elke bocht onder een spervuur van mini-demarrages. Achterin gestart heb ik in het bescheiden, maar hoogwaardige peloton, relatief weinig last van het harmonica effect. Er staat ook niet zo veel wind. Bij het dichtrijden van ontsnappingen bedraagt de snelheid regelmatig meer dan 50 km/u. Omdat ik bij de amateurs rijd valt het, wanneer de kopgroep gegrepen is, meestal wel even stil. Na de snelheidsverhoging van de eerste premiesprint goed verteerd te hebben, sprint ik later bij de tweede premieronde bij de eerste vijf.

    Bij de derde premie, op het koppelpunt van criterium naar omloop, spring ik mee in een achtervolging en trek na de visvijverbocht hard op. Alleen arriveer ik even later bij de drie koplopers, die nog harder door beginnen te trappen. Hierdoor lopen we een behoorlijk stuk uit. Het lijkt op de beslissende slag. Een voor een beginnen echter renners over te steken en na verloop van tijd weten de meesten aan te sluiten. De rest is gezien. Vanaf nu blijft de snelheid hoog tot aan de finale waar ik geen uitval durf te plaatsen, maar kies te sprinten met een achtste plaats als resultaat. De klimkracht deze week bedraagt 20 BEL, bestaande uit Simpelweg (4x), Slingerweg en Kortweg. Gem 40,7, Max 58,3 km/u.

    • Ronde van Terheijden, bron: Jeroen Rovers
  • Zundert-De Hofdreef

    31 maart 2013 – Zundert

    De sneeuw valt deze zondag niet op de heidegronden van de gemeente Zundert. Eerste Paasdag brengt een betere gevoelstemperatuur, dan vorige week. Het is vier graden, droog en er staat een stevige bries. Bij de BWF is de samenvoeging van de amateurs en trimmers dit jaar herzien door tien open wedstrijden voor WFN amateurs op de kalender te zetten. Als je het niet probeert, kom je er ook niet achter. Rijsbergen wordt ingehaald, dus de openingskoers is vandaag op de 5,2 kilometer lange vierkante omloop van Zundert.

    Na het ophalen van mijn BWF licentie bij de inschrijving kan ik terecht in de luxe kleedkamer van het lokale fitnesscentrum. Brengt toch iets extra’s. Bij het opstellen kies ik een plek in de achterhoede. De koers gaat niet bijzonder hard van start, dus blijkt het goed toeven aan de staart. Het peloton beslaat meestal de hele breedte van de weg, daarom houd ik voor de veiligheid een marge van drie meter aan. Hierdoor kan ik een valpartij ontwijken en op volle snelheid de aansluiting veilig stellen.

    Omdat ik koude voeten begin te krijgen, jakker ik langs het nog complete peloton naar voren om een uitlooppoging te wagen. Men reageert op alles wat wegrijdt, maar ik mis ook de benodigde power. Weer invoegen gaat goed, maar laat me toch weer naar de staart zakken. Nadat het zonnetje de miezersneeuw heeft verdreven, waag ik nogmaals een poging samen met twee andere renners, waaronder de huidige WFN kampioen, die zegt dat het niet zo mag zijn. Hij doet daarna nog ontelbare pogingen.

    De echte oorzaak is naar mijn mening dat alle demarrages te opzichtig zijn. De scherpte en slimheid lijken nog te ontbreken. Tel je daar de rechte lange parcourslijnen bij op, dan is het niet onlogisch dat het peloton tot de finale bijeen blijft. Voor een openingskoers vind ik dit scenario echter prima. Niet dat het minder hard gaat. Zelf kan ik nog een ontsnapping neutraliseren vanaf de kop van het peloton. Pas in de laatste tien kilometer nemen drie coureurs enige afstand.

    In de laatste ronde passeer ik het peloton buitenom om zelf een slotaanval te plaatsen. Langs de finish, bocht door en aanzetten. Hierbij kom ik wel los en reken een renner van de kopgroep in. De teller krijg ik echter niet boven de 43, wind tegen dat wel, maar toch te zacht. In de massasprint zorg ik voor de laatste binnenbocht en eindig vlak buiten de gevarenzone als 22e van de 55 starters. De gemiddelde snelheid bedraagt 42,3 km/u met een maximum van 59,6 km/u. Trainingsomvang 5 x Simpelweg (13 BEL).

    • Zundert-De Hofdreef, bron: Wielersite Zundert
    • Zundert-De Hofdreef, bron: Wielersite Zundert
    • Zundert-De Hofdreef, bron: Wielersite Zundert
  • Breda-Overa

    16 september 2012 – Effen

    Als sluitingskoers van het seizoen van de BWF is, ter gelegenheid van het jubileum van wielervereniging Avanti, een zes kilometer lange omloop gepland over prachtige slingerende veldwegen op de Brabantse zandgronden. Als er veel wind staat ontaarden dit soort koersen doorgaans in een slagveld. Vandaag geen windkracht, maar klimkracht. Het peloton werd geacht per ronde twee hoge viaducten te slechten, waarvan een behoorlijk steil. Het was, zoals een renner het tegen mij verwoordde, net Groesbeek.

    Voor de start had ik het stijgend asfalt over de snelweg al zien liggen en besloot vooraan te gaan staan. Als eerste de bocht door, waarbij ik mijn hand uitstak.?., om daarna vol gas de helling aan te snijden. De meeste winst zat in het laatste minder steile deel, waar ik bijschakelde. Toen ik na de afdaling en de korte klinkerstrook met een bocht naar links, omkeek, zat er nog slechts een renner in mijn wiel. Deze nam over en we hebben gezamenlijk de hele eerste omloop vooruit gereden, waarbij ik het punt voor de leidersprijs aan hem liet.

    Omdat twee man te weinig is om vooruit te blijven op een dergelijk parcours, hoopte ik op een overstekend groepje. Toen bleek dat het peloton behoorlijk werk maakte van de achtervolging, althans zo leek het, was de ontsnapping geen lang leven meer beschoren. Het geslagen gat was op zichzelf groot genoeg om uit te bouwen. Na ingelopen te zijn bleef ik nog even voorin, maar liet me daarna uitzakken om te kijken hoe er gereden werd. Dit bleek traditiegetrouw netjes, geen gewring. Een verademing. Dit nodigde uit om later weer naar voren te rijden.

    Bij de aankondiging van een premieronde, reed ik op het eerste viaduct snel langs het peloton om voor de tweede keer te ontsnappen. De nieuwe 172,5 mm cranks (eerst 170 mm) draaiden goed en de kortere 11 cm stuurpen (eerst 12,5 cm) zorgde voor een comfortabele zit. Bij het ronden van een haakse bocht langs de snelweg verloor ik te veel snelheid. Toch maar optrekken. Ik werd ingelopen door drie man, die hun ontsnapping helaas niet doorzetten. Ze hadden er in ieder geval genoeg kwaliteiten voor. Was mooi geweest als ik daarbij aan had kunnen haken.

    Bij het tweede viaduct trok ik nogmaals door om voorin te zitten voor de premiesprint. Ik dacht ten onrechte dat vijf premies te verdienen waren. Het aantal was vier en ik werd vijfde. Voortaan beter luisteren. Gewoonlijk valt het tempo even weg na zo’n sprint, nu niet, het ging een aantal ronden de lucht in. Een succesvolle ontsnapping leverde het echter niet op, waarschijnlijk door de afwezigheid van voldoende wind. In de laatste ronde slaagden drie coureurs wel weg te rijden van het peloton. Met nog een halve ronde te gaan had ik mij naar kop gewurmd.

    Bij het proberen dicht te rijden van het gat bleek de koek op en plafonneerde ik, maar bleef wel voorin. Kreeg enkele andere uitlopers te pakken en draaide aan kop van het peloton het viaduct af het lange rechte deel naar de finish op. Meedoen aan een massasprint vind ik niks. Eens kijken hoe de aanloop als wagon bevalt. Met nog 600 meter te gaan hoorde ik “Rob naar links!”. Ik draaide weg en zag ze aan alle kanten langs schieten. Volgende keer langer meegaan. Wel nog als 25e gefinished van de 61 starters. Gemiddelde snelheid: 42,7 km/u. Ontsnapt en finale gereden, tevreden.

     

    • Breda-Overa, bron: Mertens Fotografie
    • Breda-Overa, bron: Mertens Fotografie
  • Ronde van Bemmel

    26 augustus 2012 – Bemmel

    Das wat, heen en weer fiets gejat. Mijn brave roodbruine Corano Cross Tigre cyclocross frame pleite. De hele zaterdag bezig geweest om op basis van een VT340 een nieuwe te fabriceren. Vrijdagavond alle fietsen in de binnenstad gecheckt tot aan alle plaatsen waar je maar beter niet kunt komen toe. Het nadeel van de singlespeed rage, waardoor deze frames ineens gewild zijn. Vandaag strak in het regenpak de koersfiets naar Bemmel genomen voor de Ronde van, georganiseerd door TWC ‘t Verzetje.

    Vorig jaar eindigden de 75 kilometers van dit criterium in een waterballet, terwijl ze dit jaar zo begonnen. Omdat ik de vorige editie had uitgereden, besloot ik dit jaar te starten. Ondanks mijn betere opstelmogelijkheden, koos ik ervoor achteraan plaats te nemen in het dertigkoppige peloton. Tijdens de verkenning had ik gezien dat het 1250 meter lange parcours brandschoon was, maar de laatste overhaakse klinkerasfalt bocht onvermijdelijk glad.

    Toch werd de koers hard op gang getrokken door coureurs die daar blijkbaar prima mee om kunnen gaan. Petje af, helm op. Vanuit het laatste wiel zag ik al in de openingsfase echter ook niet bang uitgevallen renners, bang uitvallen. Mhm, dit belooft wat, doorrijden? Ja, maar de glibberbochten neem ik mooi op mijn eigen tempo. De eerste ontstane gaten van uitstappende opstappers kon ik nog dichten. Pas toen er vier renners voor mij tegelijkertijd stopten met trappen was ik het haasje.

    Op een lager tempo doorrijden zagen ze niet zitten, dus kon ik mijn weg alleen vervolgen. Zo kon het dat ik nog 20 minuten alleen heb rondgereden, voordat ik gedubbeld werd door het fors uitgedunde peloton. Wringen werd voor de was bewaard, er werd keurig gekoerst. Door het knip en aanplakwerk kreeg ik aan het eind van de rit, niet alleen mijn WFN licentie terug, maar ook nog de prijs voor de 20e plaats. Op mijn teller zag ik een maximumsnelheid van 66,1 km/u staan, gemiddeld 41,1 km/u.