Categorie: Interclub

Trainingswedstrijden georganiseerd door wielerclubs en -comité’s aangesloten bij de nationale bonden en vrije bonden.

  • De Berckt

    7 juli 2012 – Baarlo

    Naast reguliere trainingswedstrijden op dinsdag (TWC De Maastrappers) en donderdag (TWC Olympia), organiseert laatstgenoemde wielervereniging uit Baarlo elke woensdagavond een lange, twee uur durende training op de brede ovale ‘vliegtuigbaan’ op recreatiepark de Berckt aan de Napoleonsbaan. Met een maximumsnelheid van 38 km/u in het eerste anderhalf uur, lijkt mij deze training ook geschikt voor trainingsmaat Bram. Hup, in de trein naar Blerick met bijna 30 graden, naar het oude autoracecircuit.

    Langzaam druppelen de toerders, trimmers en wedstrijdrenners binnen en beginnen rondjes te rijden op het metersbrede perfecte asfalt. Na twee euro in de pot gemikt te hebben en onze namen en e-mailadressen op de lijst te hebben geschreven, zijn we ook maar begonnen met rondjes draaien. De bedoeling is dat Bram ongeveer drie kwartier tot een uur meerijdt, aangezien dit de normale trainingstijd is. Bij zijn eerste wedstrijdervaring had ik hem uitgenodigd voor een waar klimcriterium. Op zijn checklist stond dan ook de vraag: “Zit er een heuvel in?”. Ik dacht van niet.

    Na het vloeiend formeren van een peloton, reden er 60 renners keurig twee aan twee. Blijkbaar is het een ongeschreven regel dat eenieder twee ronden kopwerk op zich neemt. De maximumsnelheid van 38 km/u wordt redelijk gehandhaafd, maar de laatste drie kwartier wordt dit het gemiddelde. Toch draait Bram zijn rondjes moeiteloos mee op de grote plaat. Als ik van kop af kom, ga ik hem zoeken in het peloton. Wat blijkt? Hij rijdt gewoon zelf op kop! Zeer netjes. Na anderhalf uur gaat de snelheid definitief omhoog voor een finale van 30 minuten. Zelfs nu slaagt hij erin nog een aantal ronden aan te haken.

    Bij een uitval van een lokale renner vlak na het begin van het wedstrijdhalfuur, oftewel de woensdagavondsprint, spring ik mee. Ik kom met drie renners voorop. Gezien de brede snelle baan, vraag ik mij af of het uberhaupt mogelijk is om weg te rijden. Toch blijven we een tiental ronden met twee vooruit. Nadat we zijn ingelopen ga ik nog eens aan en krijg renners mee. De achterdeur in het peloton staat intussen open. Na wat uitvallen geneutraliseerd te hebben, rijden we met zes de laatste ronde in. Bij de laatste uitval plafonneer ik en begin aan de sprint voor plek twee tot en met vier. Deze kan ik wel winnen. Finale gereden, zeer tevreden.

    • De Berckt
    • De Berckt
  • Papendal

    17 juli 2012 – Arnhem

    Geen Nijmeegse, wel stuwwal. Daarop ligt het Nationaal Sportcentrum Papendal tussen Oosterbeek en Wolfheze op de Veluwe. Elke dinsdagavond van april tot en met augustus organiseert WV Reto Arnhem er een trainingswedstrijd op een snel en breed asfaltparcours met vier bochten en een helling. Omdat het sportcomplex hoog op de Arnhemse stuwwal ligt, op een open stuk heide, staat er meestal wind.

    De combinatie van zijwind, de ‘stiekem platte’ helling en het hoge niveau van de top van het peloton, maakt dat het laatste stuk naar de finish voor de uitvallers zorgt. Na inschrijven posteer ik mij achteraan. Ik heb immers een maand geen wedstrijden gereden en zal toch even moeten wennen. Hopelijk gebeurt dit voordat ik eraf waai. Direct na het startsein vliegt de snelheid omhoog en kom ik achteraan het lange lint te rijden. Wel mooi om te zien.

    Gelukkig is het met 17 graden niet te warm en regent het niet. Wel staat er zijwind op de parcoursheuvel. Na het wennen aan de geveegde! bochten besluit ik om toch wat ruimte te houden, terwijl ik op de laatste positie rijd. Na een kwartier schuif ik door de wind naar voren, maar als het later stilvalt, zorgen aansluitende coureurs voor geprop en gewring. Dan hang ik liever aan het elastiek.

    Op het moment dat het peloton breekt maak ik in mijn eentje de oversteek naar het voorste deel. Later sluit het tweede deel weer aan, dus deze krachtsinspanning was niet nodig geweest. Moet je net even weten. Weer aangekomen op de laatste positie, zie ik dat de achterdeur inmiddels open staat. Sommigen blijven al lossend in de lijn van de bocht rijden, zodat je tegen de 60 km/u het ontstane gat kunt gaan dichten. Handig is anders.

    Wat ik gaandeweg merk is dat de combo van Prins Interval en LoperKoning uitstekend werkt voor dit soort wedstrijden. De eerste zorgt voor het goed kunnen optrekken na bochten, het versnellen langs lossers en het niet verzuren op de steile stukken van de parcoursheuvel. De tweede zorgt voor het kunnen volhouden van een hoge snelheid, ook op het ‘stiekem platte’ deel van de parcoursheuvel. Ook al gaat het hard, ik hang er nog steeds aan.

    Bij een volgende breuk in het peloton is het tijd geworden voor een aantal kopbeurten. Als ik al weer lang naar achteren ben komt het peloton weer samen. Wanneer het daarna in drie stukken breekt, komt de renner voor mij met zijn pedaal tegen de grond en maakt een schuiver. Omdat ik afstand heb gehouden, kan ik remmen. Wel moet ik met alle macht geforceerd optrekken, waardoor de kramp in mijn kuiten schiet. Kom van de voorste in de laatste groep terecht, maar alles komt later samen.

    In de finale bedenk ik mij dat ik eigenlijk al een maand niet met klikpedalen gefietst heb. Ook mijn wedstrijdfiets is die tijd niet van stal geweest. Toch besluit ik de laatste kilometers naar voren te schuiven, dit lukt. Vooraan gekomen steek ik over naar de kopgroep. Ik red het wel, maar moet laten lopen, als mijn benen verdere dienst weigeren door kramp. Tijd om Constant Weerstand toe te voegen aan het trainingspalet voor wedstrijdloze periodes. Zeer tevreden.

  • Lindenholt

    6 juni 2012 – Nijmegen

    Intussen is het zomer geworden en het is tijd voor de laatste Lindenholt Trainingswedstrijd, althans in het voorjaar. Er zijn namelijk plannen van NSWV Mercurius om vanaf eind augustus weer een serie te organiseren, een najaarscompetitie. Deze serie sluit mooi aan op de dinsdagavond competitie op Papendal, welke eind augustus afloopt. Helemaal mooi zou een ONK, begin oktober, zijn, een Open Nijmeegs Kampioenschap. De Nijmeegse openbare weg kent talrijke straatrenners, maar het officiële wielerparcours weinig wielrenners.

    In de laatste koers maken vier kandidaten nog kans op een podiumplaats in het regelmatigheidsklassement van de tiendelige Lindenholt competitie. Zelf sta ik derde met acht punten voorsprong op de nummer vier, maar ook op negen en vier punten achterstand op de nummers een en twee. Omdat mijn achtervolger waarschijnlijk de overwinning mee naar huis gaat nemen, heb ik in ieder geval drie punten nodig om mijn klassering zeker te stellen.

    Dit betekent dat ik zowiezo niet lek mag rijden, wat ik al twee keer gedaan heb. Voor de start hoor ik dat nummer twee afgelopen maandag zijn shifter gemold heeft en dat nummer een vrijdag een schuiver heeft gemaakt. Zeker van een podiumplaats, is de eerstgenoemde als toeschouwer aanwezig in zijn doordeweekse outfit met dito bril. Hoewel ik er drie Prins Interval trainingen op heb zitten, zijn mijn eigen bovenbenen nog in de war van de Zwitserloot Dakrun van afgelopen zondag.

    De koers komt rustig op gang met wat losse ontsnappingen. Zelf houd ik het vandaag bij meerijden. Als ik echter tegen de zestig kilometer per uur een geslagen gat dichtrijd, blijkt dat ook een dikke 8-speed ketting open gereden kan worden. Gelukkig voel ik de naar buiten gebogen schakel tikken in mijn derailleur. Ik zie nog niets en blijf in het zadel kijken tot ik de boosdoener ontwaar. Snel naar de kant om met een kettingpons de schakel te verwijderen.

    Tijdens het aanpikken, merk ik dat mijn stuur heel anatomisch naar boven en beneden beweegt. Blijkbaar heb ik ook nog te hard aan mijn stuur getrokken toen ik het gat dichtreed en zit het nu los in de klemming. Het peloton breekt tegelijkertijd in twee stukken. Op gedwongen souplesse krijg ik aansluiting bij het voorste deel. Naast op je fiets blijven zitten, is je fiets heel laten een belangrijke feature om een goed klassement te rijden. Uit de voorste groep ontsnappen twee renners.

    In het laatste wiel van de tweede groep neem ik voorzichtig de bochten. Waarschijnlijk is mijn stuur iets ingedeukt door het stuiteren over een richel in het parkoers. Tijd voor een nieuwe. In de slotronde sprint ik als derde van de groep al zittend naar een vijfde plaats. Dit blijkt voldoende voor een tweede plek in het eindklassement. Met een overwinning, een zestal regenkoersen en driemaal materiaalpech kan ik niet anders dan tevreden zijn. Organisatie, jury en renners bedankt.

    30 mei 2012 – Nijmegen

    Na vorige week, toen de straten van Groesbeek blank stonden en het diepe Hoenderdal in het centrum bedeeld was met een waterlaag van 20 centimeter, was het vandaag een prachtige zomercompetitie avond met 20 graden. Zelfs vorige week waren er vier, allen masters, present, welke ik bij deze voordraag voor de blauwe poncho. De Lindenholt klassementsleider en kersverse districtskampioen liep tot aan zijn trapas vast in de watermassa. Zo niet vandaag.

    Met de Kasteelronde van Wijchen op zondag en het DK Zuid-Oost in Tilburg-Reeshof op maandag in de benen sta ik aan de start van de 9e Lindenholt Trainingswedstrijd. De bedoeling is om anderhalf uur en drie ronden te rijden. Dit betekent in de praktijk een koers van 65 kilometer. Na in het begin een aantal uitvallen geneutraliseerd te hebben kom ik terecht in een kopgroep van vijf. Als iedereen meedraait is de kans om weg te blijven groot.

    Zelf slaag ik er niet in om een bijdrage te leveren en blijf er een beetje aan plakken. Omdat ik mijn schoenen te strak heb aangetrokken, krijg ik al na een half uur koers kramp in mijn linkervoet, lekker dan. Klitteband losser en afwachten maar. Gelukkig trekt de kramp weer weg, maar ik weet genoeg. Drie wedstrijden in een week is voor een opgevoerde trimmer met eindschot als ik te hoog gegrepen. Zeker bij Spaanse temperaturen, waar ik zowiezo niet van houd als omgebouwde voetballer.

    De kopgroep werd mede door mijn knip en plak werkzaamheden terug gepakt. Na deelgenomen te hebben aan een nieuwe ontsnapping, welke geneutraliseerd werd, kreeg de beslissende vorm met drie renners. Met 55×13 plafonneerde ik terwijl ik erheen reed. Vanuit mijn wiel kon een achtervolgende renner gelukkig nog wel profiteren en sloot aan. Das pech, kopgroep weg. En nu? Een aantal ronden recupereren in het laatste wiel van het achtervolgende peloton met af en toe een lange kopbeurt.

    Tijd voor de finale waarin ik mij had voorgenomen de klassements meubelen te redden met een goede eindsprint voor de vijfde plaats. Met een halve ronde te gaan kwam ik al op kop. Mhm… de enige mogelijkheid was om de snelheid hoog genoeg te houden tot de laatste bocht, geen ruimte te laten om in te halen en direct een jump te plaatsen. Waar ik dit eerder meestal fout deed, lukte dit nu wel (5e), mede omdat er op Lindenholt netjes gereden en niet gesneden wordt. Gemiddelde snelheid 40 km/u, maximum snelheid 62 km/u.

    16 mei 2012 – Nijmegen

    Na twee keer een lekke band,  vandaag niet lek. Na vijf keer een nat parcours, vandaag droog. Na zes weken met winterzon, vandaag mei zon. Met 13 graden is de temperatuur niet hoog en er staat een stevige wind, maar de lucht is helder, schoon en aangenaam. Toen ik nog voetbal speelde vond ik dit weer het beste. Als het warmer wordt dan 18 graden kost het afvoeren van lichaamswarmte extra energie en als het kouder is dan 8 graden andersom. Bijna elke aanfietsende renner verbaasde zich over het weer. Optimisme alom.

    De twee hoogst geklasseerde renners in het Lindenholt klassement zijn weer aanwezig. Net als de sprintende winnaar van de twee vorige edities. De nummer drie van het klassement heeft helaas zijn sleutelbeen gebroken in een eenzijdig verkeersincident. Hij is geopereerd. De wedstrijd gaat van start in gesloten formatie. In de finishstraat staat de wind in de rug en op het lange rechte stuk na de parcoursheuvel op kop. Geen enkele renner, of groepje renners slaagt er in goed weg te komen. Zelfs de alleen aankomende winnaar van de Kasteelronde van Mill en klassementsleider op Lindenholt niet.

    Na mijn klapbanden in de bochten de afgelopen twee weken zit ik met samengeknepen billen op de fiets. Bij de minste of geringste trilling denk ik dat het weer zover is. Dit resulteert in bochtenwerk, waar zelfs een kapitein van een olietanker voor bedankt. Optrekken op de rechte stukken gaat echter als een speer. Met een aantal aanvallen probeer ik het peloton uit te dunnen, en/of een breuk te forceren. Loskomen lukt prima en een keer rijd ik twee ronden vooruit voor ik mij in laat lopen.

    In de finale slagen de nummer een en twee van het klassement er wel in een breuk te forceren. Ik zit mee met nog drie a vier anderen. In de laatste ronde neem ik vlak na de parcoursheuvel nog eenmaal over en geef af. Na een slotaanval van de nummer een en twee kom ik toch weer op kop en beloof de sprint aan te trekken. Bij het uitkomen van de laatste bocht zet ik op 55×12 aan. Ik zie geen schaduwen op het asfalt. Niemand in mijn wiel dus. Ik trek door. Aan mijn linkerkant zie ik de schaduw van de sprintwinnaar van de twee vorige edities opdoemen, maar ook de eindstreep en die komt sneller dan hij. Gewonnen! Zeer tevreden.

    9 mei 2012 – Nijmegen

    Wielrennen is vooruit kijken. Twee weken geleden stond ik al na een aantal ronden aan de kant met een gebarsten achtervelg, althans dat dacht ik. Na vandaag is de werkelijke oorzaak glashelder. Vorige week werd er niet gereden op Lindenholt vanwege de meivakantie. Vandaag is dus de eerste wedstrijd in 3 weken tijd, waarin ik naast een nieuwe wielset, ook de beschikking heb gekregen over een nieuwe set trainingsroutes. Buienradar geeft een hoosbui aan om 18.00 uur, die de straten blank zet. Regenpak en overschoenen en op weg. Daarna wordt het droog.

    Aan de start staan veel renners van de organiserende vereniging, maar de mannen die het hoogst staan in het klassement zijn afwezig. Het parcours is nog nat van de hoosbui, maar redelijk berijdbaar. Op voor 1:15 uur en drie ronden wedstrijd. Niemand slaagt echt om weg te komen aan de voorkant. De uitdaging van vandaag is om geen lekke band te krijgen. Bijna de helft van het peloton slaagt hier niet in. De wielerbaan op Lindenholt wordt ook voor andere doeleinden gebruikt en hierbij sneuvelt vrees ik nog wel eens een wijn- bier- of shotjesglas tijdens een gelag.

    Ik zelf nam vier ronden voor het einde de laatste lekke band voor mijn rekening. Tijdens het aansnijden van een bocht schoot mijn voorwiel weg. Das wat, band plat. “Lek!”. In het naar buiten sturen richting berm nam ik bijna een renner mee, die buitenom kwam i.p.v. binnendoor. Hiervoor mijn excuses. Omdat hij stuurvaster is dan ik, liep niet alleen mijn band goed af. De wekelijks aanwezige juryleden schoten mij te hulp met een geleend voorwiel, zodat ik de wedstrijd alsnog glashard uit kon rijden met een ronde achterstand. Bedankt!

    Na het retourneren van het geleende wiel, was ik wel benieuwd wat de platte band had veroorzaakt. Een forse glassscherf afkomstig van een gebroken drankglas of drankfles had de sterke zijwang (liever hij dan ik) van mijn vouwband doorboord en finaal gescheurd. Festivalglazen zijn niet voor niets uitgevonden en evenementenbier ook niet. Drank en schietoefeningen zijn zowiezo een slechte combinatie en hoeven in mijn ogen niet van overheidswege gestimuleerd of gedoogd te worden. Sport wel.

    Na de finish stak ik snel een nieuwe binnenband, terwijl de jury en een paar renners op mij wachtten. Het jurylid wat mij een wiel had geleend bood zelfs een lift aan! Dit was niet nodig, maar heel erg bedankt. De gemiddelde snelheid bedroeg 40,1 km/u en de maximumsnelheid was 55,6 km/u. Nog nooit heb ik trouwens een renner bergop over een eend zien rijden, waarna de eend wegliep en hij ongehinderd doorreed. Ondanks de lekke banden is er niemand gevallen. Volgende week weer, beter, en beter weer. Vaste prik, want niet geschoten is altijd mis!

    25 april 2012 – Nijmegen

    Dat april kouder is dan maart komt niet vaak voor. Dat de regio Nijmegen, met bijna 80 mm regen in 3 weken, de natste plaats is van Nederland ook niet. Met pech uit de wedstrijd moeten stappen, is mij nog nooit overkomen, nu dus wel. In de tweede ronde voelde ik mijn achterwiel wegglijden in de achterste bocht van het Lindenholt parcours. Met een lekke band, veroorzaakt door een doorgeremde achtervelg, was ik gedwongen de strijd te staken. Das pech, klassement weg, maar wat een geluk, alleen een velg stuk!

    Wat ik wel heb kunnen doen, is het opmeten van de parcoursheuvel. Over 40 meter is het hoogteverschil 3,5 meter, het stijgingspercentage is dus 8,75 %. Invullen in de KBN formule levert 61 KBN op. Bij een wedstrijd op Lindenholt krijg je in 30 ronden (45 kilometer) 1830 KBN voor de wielen. Als je alle 10 Lindenholt trainingswedstrijden meedoet krijg je, wat klimweerstand betreft, het equivalent van de Alpe d’Huez (18667 KBN) te verwerken. Ik ben in ieder geval klaar voor de volgende serie, die 9 mei begint. Opstappen is altijd een optie!

    Na telefonisch contact dezelfde avond doet Bakker Racing Products morgen direct een bestelde wielset van hetzelfde type, maar dan 10 jaar moderner, op de post. Mijn fiets heb ik kunnen schoonmaken en stallen bij trainingsmaat Bram. In het klassement ben ik toch nog vierde geworden in een serie van 5 wedstrijden, waarbij de kwaliteit het omgekeerd evenredige was van het aantal deelnemers.  De derde plaats was zonder wedstrijdpech dus het hoogst haalbare. Dit is mij en de nummer drie in gelijke mate overkomen. Alsnog tevreden.

    • Lindenholt, bron: NSWV Mercurius
    • Lindenholt, bron: NSWV Mercurius

    18 april 2012 – Nijmegen

    Direct uit de trein kunnen omkleden bij trainingsmaat Bram. Mijn tas had ik gisterenavond al ingepakt en mijn wedstrijdfiets meegenomen naar de bewaakte stationsstalling. Vanochtend was het droog, maar vanavond zou het zeker gaan regenen. Gelukkig kwam ik, redelijk droog en tamelijk op tijd, aan op het nog droge wielerparcours van Lindenholt voor de vierde wedstrijd in de voorjaarsserie.

    Aan de start stond een peloton met een omvang waar een continentaal wielerteam mee in zijn nopjes zou zijn. Ook de representant, winnaar van vorige week was present, samen met de nummer twee, de kersverse winnaar van een zware Brabantse tweedaagse amateurklassieker. De nummer drie van vandaag gaat door het leven als de nationaal kampioen der studenten. Genoeg strijd te verwachten dus.

    Direct vanaf de start regende het uitvallen uit alle hoeken en gaten. Volgens mij had driekwart van het peloton wel een of meerdere aanvalspogingen ondernomen, voordat de twee koplopers van vorige week zich uiteindelijk wederom konden losweken. Regelmatig was ik gedwongen tot wel 58 km/u de ontstane gaten te dichten. Door de invallende regen had ik mij later wat naar achteren laten zakken, waardoor ik de aansluiting miste bij een achtervolgend trio.

    Tja, in een eenzame achtervolging dan maar. Net op het moment dat ik na een aantal kilometer doortrappen eindelijk de aansluiting wist te maken, reed de derde man lek en liet tegen de parcoursheuvel een gat vallen. Das pech, investering weg. Ik heb me noodgedwongen weer laten inlopen door het peloton en me mee laten drijven. De bochten gingen goed, dus afstappen was geen optie.

    Op de bel van de laatste ronde plaatste ik een slotaanval. De reactie was heftig en op de parcoursheuvel heb ik ingehouden. Dan maar aan het laatste redmiddel: sprinten. De vijfde plek was nog te vergeven en in zesde positie rondde ik de laatste bocht. Links van mij zette een renner aan… ook aanzetten en kijken… verder aanzetten… zitten… opschakelen en laatste versnelling, binnen. Gemiddelde: 41,0 km/u en maximum: 57,8 km/u.

    11 april 2012 – Nijmegen

    Na het vorige week behoorlijk koud gehad te hebben, besloot ik vandaag mijn winteroutfit uit de kast te trekken. Dus dikke overschoenen, beenstukken en een thermoshirt onder mijn snelpak. Voor de 15 kilometer lange rit naar de wielerbaan in Lindenholt trok in daar overheen nog een compleet regenpak aan. Helm op, telefoon, lampjes, euromunten en licentie in het zakje met rits en door het 6 graden warme aprilweer op pad.

    Het peloton had vandaag niet alleen de grootte van een continentaal wielerteam, maar tevens een representant. Met daarnaast een jury van drie koppen sterk, opgehouden regen en lengend daglicht, was de start van de derde Lindenholt trainingswedstrijd een feit. De eerste ronden werd er rustig gereden, zodat ik de berijdbaarheid van het parcours kon inschatten. Ik koos er wederom voor om de bochten rustig te nemen en daarna achter aan te haken.

    Na een korte schermutseling kozen twee renners het hazenpad. Nu moest ik wel een stuk naar voren om te zorgen dat ik niet gelost zou worden. Dit lukte. We reden met negen man achter de koplopers aan. Na een periode van volgen probeerde ik, net als anderen, met een paar lange kopbeurten het gat te dichten, of in ieder geval te verkleinen. Dit lukte niet. Door een aantal lekke banden en een lullig enkeltje berm reden we na 45 minuten koers nog slechts met een kwartet achter het ongrijpbare kopduo.

    In de finale zag ik dat een renner mijn wiel koos. Ik zei hem dat dat mij niet zo slim leek, omdat ik in het geval van een vroegtijdige demarrage geen risico zou nemen in de bochten. Om niet als laatste van het kwartet te eindigen plaatste ik er zelf een, halverwege de slotronde. Zo kon ik als eerste, weer afgeremd, de achterste bocht door. Op de finishstrook schoot een tweetal renners uit mijn wiel. Vijfde plaats en de derde stek in het klassement. Gem: 40,7 km/u en max: 54,8 km/u. Tevreden.

    4 april 2012 – Nijmegen

    April doet wie ie wil. Was het vorige week nog zonnig, droog en warm, vandaag is het bewolkt, nat en koud. Het meteorologische pluspunt van deze koers is de afwezigheid van wind, zodat kort aan het wiel rijden minder belangrijk blijkt. De wielerbaan in Lindenholt had een twijfelachtige reputatie als het ging om gripvolle bochten bij regen. De huidige staat betekent echter mosvrij asfalt, geveegde bochten en een obstakelvrije berm tot op 3 meter.

    Aan de start staat een peloton ter grootte van de doorsnee selectie van een Continental wielerteam. Meer dan genoeg om te koersen dus. Afgesproken werd om de eerste 5 ronden rustig aan te beginnen. Om de bochten te verkennen nam ik achteraan plaats. De berijdbaarheid van het parcours blijkt goed, dus de eerste ontsnapping van 3 renners trapt af. Samen met 2 anderen ga ik in de achtervolging. Na een aantal ronden hebben we ze te pakken.

    Om de betere stuurmannen niet voor de wielen te rijden, posteer ik mij aan de achtersteven van de nieuw gevormde samenwerking. In de bochten zak ik uit, op de rechte stukken sluit ik aan. Iedereen rijdt uiterst verantwoordelijk. Regen in een trainingswedstrijd zie ik als training voor een regenwedstrijd. Als 3 renners wederom het hazenpad kiezen, moet ik alsnog aan de bak. Het lukt me om een redelijke bijdrage te leveren, maar de tijdrijder van de groep doet veruit het meeste werk.

    Door mijn te kleine bijdrage loopt het drietal voorop verder uit. Bij ons lost de derde renner, maar gelukkig ook een uit de kopgroep, zodat we weer met 3 man op 400 meter afstand van de 2 koplopers rijden. Na een kopbeurt op het rechte stuk, vang ik de achterste bocht met te hoge snelheid aan…glibber…rechtdoor de obstakelvrije berm in. De 2 anderen wachtten. Thanks! Het begint intussen donker te worden en wederom raken we een derde man kwijt.

    Met nog 4 ronden te gaan mogen de 2 duo’s onderling uit gaan maken wie als voorste eindigt. Bij het kopduo is dat dezelfde als vorige week. Op het rechte stuk naar de laatste ronde pak ik nog een keer over. Ik verwacht dat mijn gezelschap zijn tijdrijderskwaliteiten inzet. Hij trekt door in de achterste bocht en snijdt de laatste met voorsprong aan. In de sprint sneak ik er in de laatste meters langs. Derde plaats met 40,0 km/u gemiddeld en maximaal 54,6 km/u.

    28 maart 2012 – Nijmegen

    Lindenholt leeft! NSWV Mercurius heeft besloten dit jaar de Lindenholt Trainingswedstrijden te organiseren. De komende 10 weken wordt elke woensdagavond op de wielerbaan in Lindenholt, ook na het verdwijnen van RTC Groenewoud, een koers verreden. Prachtig weer en tientallen coureurs aan de start. Het asfalt ligt er prima bij en de bochten zijn geveegd. In vergelijking met 3 jaar geleden is de begroeiing een stuk gekortwiekter. Tijd om het Klimbijnijmegen.com pak aan te trekken en uit te proberen.

    Direct na het fluitje volgt een serieuze uitval en het peloton kan gelijk aan de rekstok. De ontsnapping wordt geneutraliseerd, maar het vijftigkoppige peloton valt niet stil, zoals gebruikelijker bij trainingswedstrijden. Ik heb het geluk dat ik me bij de tweede serieuze ontsnapping kan voegen. Ik kom met 5 andere renners voorop. In deze kopgroep zijn maar liefst 4 rijders van de organiserende vereniging present. Iedereen doet zijn deel en we lopen langzaam uit op het peloton, wat zich niet zomaar gewonnen geeft.

    Halverwege de koers besluiten 2 thuisrenners een demarrage te plaatsen. Gelukkig kan ik het gat dichten en het resultaat is dat ze enkel een eigen clubgenoot eraf hebben gegooid. Even niet meer op kop dus. Dit mogen ze zelf oplossen. Na een tijdje is de verstandhouding weer hersteld en draai ik weer mee. Na 3 kwartier plaatst de andere alleenstaande renner een demarrage. Snel ga ik er achteraan, want die zie je anders nooit meer terug. De staart van het peloton komt in zicht. Zorgen dat ik met de rest van de kopgroep vooraan plaats neem. Dit lukt.

    Nog 3 ronden voor het peloton, wat gaat afsprinten. Vanaf de tweede rij laat ik mee meedrijven. De kopgroep heeft nog 3 extra ronden voor de boeg. Het blok van 3 slijpt natuurlijk de messen om mij en de andere renner, een wegspringer, uit te putten. Met de bel van de laatste ronde demarreren 2 stuks, even wacht ik (te lang), toch zal ik moeten. Na een halve ronde heb ik ze te pakken, maar rijd nu 3 tegen 1. De winnaar plaatst zijn finale uitval. In de sprint weet ik de 3e plaats te bemachtigen. Zeer tevreden. Maximum: 56,8 km/u en 42,8 km/u gemiddeld.

    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
  • Vorstengrafdonk

    11 maart 2012 – Oss

    Mooi weer, in het begin nog koud, dat wel. De laatste trainingswedstrijd voor de opening volgende week in Rijsbergen Oekel. Voor mij pas de derde koers, maar dat zal voor meerderen gelden. Trainen met min 20 is nu eenmaal niet zo rendabel. Behalve in het zwembad, om ook de bovenbouw tot activiteit te dwingen. Met de aankomende omloop in aantocht was het vandaag zaak de wind op te zoeken. Van de week zowel KBNSL Prins Interval als de KBNSL LoperKoning samen met Bram gereden. Eens kijken of dat een verhoogd koppel oplevert.

    Aan de start een stuk of 50 renners, allemaal netjes ingeschreven door het raampje van de caravan bij de streep. Zelf had ik nummer 13, andersom opspelden, toch maar wel, je weet maar nooit. Het Klimbijnijmegen.com snelpak is binnen en hangt in de kast. Het grootste deel van de wedstrijd slaag ik er in me bij de eerste 15 van het peloton te handhaven. De breukjes die ontstaan rijd ik vrij snel dicht en doe af en toe een kopbeurt. Na vijf kwartier scheiden 3 renners zich definitief af van het peloton.

    De achtervolging verloopt georganiseerd. Hierbij draai ik rond met een coureur of tien. Wel even wennen dat je blijkbaar naar links moet als je van kop afkomt. Het wiel houden ging ook nog niet altijd even strak. De wedstrijd-souplesse is nog niet aanwezig. Had ik ook niet verwacht. De koplopers blijven in zicht, echter onbereikbaar. Het peloton maakte zich bij het inrijden van de laatste twee ronden op voor de sprint.

    Op anderhalve ronde van het eind springt een renner weg. Zo moet dat dus, dan ga ik ook maar, ben wel heel benieuwd wanneer ik crash en stilval. Omkijken, weinig reactie, doortrappen misschien blijf ik wel uit de grijpgrage klauwen. Het is immers niet voor een podiumplaats. Op het stuk wind mee nog even vaart gemaakt op 55×12. Op het stuk wind tegen naar de finish bijgehaald door een medespringer, in het wiel. Ik beloofde er niet overheen te komen op de finish….het laatste stuk toch wel weer voorop gereden. 5e in de uitslag.

    De gemiddelde snelheid na 85 kilometer (+2 uur) wedstrijd lag op 41,0 km/u, de maximumsnelheid op 53,5 km/h. Door de uitval in de laatste 2 ronden het peloton voorgebleven. Invloed gehad op het koersverloop en de finale gereden. Zeer tevreden. Vooral door de omzetting in tactiek: van sprinten naar uitvallen. Ik beschouw sprinten voortaan als laatste redmiddel, dan als doel an sich. In de finale althans, niet bij de tussenspurts met minder mededingers.

  • Valleirenners

    4 maart 2012 – Veenendaal

    Voorjaar! Ook in Midden Nederland tijd voor competitie. Op het clubparcours van de AXA Valleirenners deze keer. In 2009 en 2010 heb ik er al hobbelige veldritten gereden, maar nog nooit een wegwedstrijd. Het clubparcours heeft nog het meeste weg van Circus Maximus met een knik er in. Twee lange rechte stukken verbonden door twee hellende 180 graden bochten. Het asfalt is uitstekend. Inschrijven met een BWF Amateur A licentie ook, kosten 3 euro. Koffie bij de bar 1 euro, kleedkamer in om beenstukken, shirt en overschoenen aan te trekken.

    Bij het opstellen voor de streep blijkt dat er niet alleen per categorie afgesprint gaat worden, maar ook gestart. Eerst de Amateurs, gevolgd door de Junioren en daarna de Elite en Beloften. De speaker maakt gewag van een tussenspurt, alleen niet in de eerste ronde. De tweede ronde dus….Direct na het startsein op avontuur gegaan en twee ronden alleen vooruit gereden. Als je de leidersprijs (voorop rijden) kunt pakken met sprinten, kun je ook de tussensprint pakken door voorop te rijden. De tussensprint dus gepakt zonder te sprinten. Scheelt een enkeltje berm.

    Na ingelopen te zijn blijkt dat het pelotonnetje Amateurs van plan is om de rustig gestarte Junioren, Beloften en Elite in te halen. Dit gebeurt vrij snel. Wachten op de demarrages. Toch een beetje veel energie verstookt (vloeibare spritskoeken) bij het vooruit rijden voor de tussenspurt. Geen intentie om mee te springen. Uiteindelijk scheiden 5 renners, waaronder 4 Amateurs zich af van het peloton. Met een aantal clubblokken present is de achtervolging onbegonnen werk. Versnellen op kop betekent een knipje achter je rug. Ach ja, ik kan in ieder geval mijn deel doen en dat doe ik dan ook. We werden dus gedubbeld.

    Richting de finale nog alleen een geslaagde oversteek gemaakt naar een ontsnapt groepje. Later werden we weer bijgehaald. In de bocht voor het clubhuis ging het mis toen twee renners elkaar raakten en richting asfalt doken. Gelukkig kon ik er langs. Bij de jury aangegeven dat een valpartij had plaatsgevonden. EHBO was aanwezig en hielp het ongelukkige tweetal weer op de been. Alleen schaafwonden. Vrijwel direct daarna kwam de mededeling dat de niet kopgroep Amateurs gingen afsprinten voor de 5e plaats.

    Hup naar voren…vooraan gekomen direct doorgetrokken met nog een halve ronde te gaan…beter…geen sprint = geen berm…in de laatste bocht onderdoor bij 3 vooruitgeschovenen van de kopgroep…aanzetten op 55×11. Toen ik achterom keek zag ik alleen het vooruitgeschoven drietal in mijn wiel. Mooi: tweemaal een sprint ontlopen door met een punch de benen te nemen. Dit ligt me toch echt beter, ben eenvoudigweg niet stuurvaardig en brutaal genoeg voor een pelotonsprint. Gemiddelde snelheid: 41,3 km/u en de maximum snelheid 55,6 km/u. Met 8 graden was het niet eens koud, wel een beetje winderig. Tevreden over deze wedstrijd.

    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
  • Vorstengrafdonk

    26 februari 2012 – Oss

    Mijn eerste wedstrijd van 2012 is de 6e trainingsrit Oss op industrieterein de Vorstengrafdonk. Normaal begin ik half februari aan het seizoen, maar de eerste trainingswedstrijd van de BWF werd afgelast door strenge vorst, de tweede door plotselinge hagelbuien. De duur van de wedstrijden bij de BWF is eerst 1 uur, later uitgebreid naar 1,5 uur. Zo niet in Oss: 1 uur, drie kwartier en 5 ronden van 2,4 km.

    Inschrijven bij de caravan met mijn BWF Amateur A licentie was geen probleem, kosten 3 euro. De temperatuur valt met 8 graden behoorlijk mee. Snelpak, beenstukken, dikke overschoenen en een dik hardloopshirt. De planning was om maximaal 50 km mee te peddelen en vooral niet op kop te komen. Zeker gezien het mogelijke deelnemersveld met renners die niet opgesteld zijn in de klassiekers. Brr….

    Dat laatste valt gelukkig mee, de meeste aanwezige renners rijden in de Sportklasse of bij de Amateurs. De startronde verloopt rustig. Op 2 oktober 2011 heb ik mijn laatste wielrenwedstrijd gereden, op 20 november 2011 met de Zevenheuvelenloop mijn laatste hardloopwedstrijd. Wel een PR. De winter ben in doorgekomen in het zwembad, 3x per week en op de heen en weer fiets, ja ook met min 20.

    De wedstrijd heb ik toch stiekem uitgereden, 2 uur 75 km, bij de massasprint voor de vierde plaats dacht ik een gaatje gevonden te hebben, maar de weg werd ineens minder breed, de berm ingesprongen. Tja, voor dit soort fouten zijn juist deze wedstrijden. Af en toe een kopbeurt gedaan, een paar keer kansloos vooruit gereden tussen de kopgroep en het peloton, ook dom, wel nuttig. Eigenlijk voelde het heel natuurlijk. Tot op 250 meter van de streep meegedaan. De finale dus gereden…..een van de doelstellingen van 2012. Zeer tevreden.

    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
  • Zielhorst

    6 augustus 2011 – Amersfoort

    Met de 8 bochten en 6 verkeersdrempels van de Ronde van Haagpoort nog op het netvlies geen Ronde van Zevenbergen voor mij. Op het clubparcours van WV Eemland worden het hele seizoen zaterdagmiddagwedstrijden georganiseerd. Een driehoekige, zeer goed onderhouden ronde en deelnemers uit verschillende categorien, die apart afsprinten. Bij de A’s rijden elite, beloften, junioren en amateurs. Net zoals vorige week de afterworkregen genegeerd en elke dag de Loperkoning (9 km helling) gereden. Met het oog op de donkere tijden, tevens de Straatlicht versie naar tevredenheid getest.

    Het weer is drukkend, maar met 24 graden goed te doen, geen regen. De trein naar Amersfoort op Utrecht Centraal bleek stuk, dus een half uur later aangekomen. Bij een MNC cross twee jaar geleden kon ik de weg pas te laat vinden, dus ik was blij toen ik een renner tegen kwam in een zwart met rode (nice) SRAM – WV Eemland outfit. Ik mocht met hem meefietsen en intussen vertelde hij mij het een en ander over de zaterdagmiddagwedstrijden en het parcours, bedankt! Thuis had ik de bochten bekeken, ze leken scherp, maar bleken lopend. Ideaal voor hoge snelheid, net als vorige week.

    Inschrijven was geen probleem met een BWF Amateur licentie, kosten 2 euro. Na het parcours verkend te hebben volgde een bijzonder langzame start. Uiteindelijk wel weggereden met diverse groepjes en soms alleen. In het peloton veel renners van de club (logisch), dus als ze het gat wilden dichten moest dat geen probleem zijn. Wel viel telkens de snelheid abnormaal weg na het dichten van het gat, richting de 32/33 km/u. Het gemiddelde kwam daardoor ook maar net boven de 40 km/u uit. Misschien door de wind.

    Bij de premiesprint, die ik van kop af aanging, werd ik overlopen door 4 renners. Mhm, dat beloofde niet veel goeds. Tijdens een ontsnapping, zei een renner ook, dat ik energie moest sparen. Was nu wel benieuwd wat er dan ging gebeuren. Na het afsprinten van de C en de B categorie, bleek een coureur alleen vooruit te rijden. De demarrages van de A categorie begonnen. Ik had besloten met alles mee te springen, ook al had ik al veel energie verbruikt in diverse ontsnappingen. Ook de steile brug in het parcours begon zijn tol te eisen.

    Na een aantal gaten gedicht te hebben, zag ik twee teamgenoten gezamenlijk wegrijden. Nog een keer vol aanzetten en in het wiel. De voorste renner gaf alles en gaf daarna af. Achter mij was iemand op een tijdrijfiets aangesloten. Tja, dat was natuurlijk in deze fase wel een voordeel, zo’n fiets. Mocht hij ook mooi kopwerk doen. Ik slaagde er maar net in om aan te blijven pikken en reed zeker twee ronden aan het elastiek en in de wind. Na aanmoediging van de speaker kon ik op mijn tandvlees het gaatje dichten. Heb nog wel een tweetal aflossingen gedaan. Het peloton was uit zicht, dus even op adem komen kon geen kwaad. Mijn twee kopgroepgenoten probeerden mij eraf te rijden.

    Het bordje voor de laatste ronde ging omhoog. Als ze nogmaals aan zouden zetten zou ik passen. De tijdritman had met de andere afgesproken dat hij mocht winnen. Hij bleef dus op kop rijden en ik hing aan het elastiek, kon het nauwelijks bijhouden. In de laatste bocht nog een keer op 55×11 het gat gedicht en als laatste de brug opgereden. Van een versnelling bij de anderen was echter geen sprake. Tja, dan rijd ik maar mee en kom er overheen met een jump. Een tijdritfiets is machtig mooi, maar het sprint als een strijkijzer (dat hij teleurgesteld was, snap ik wel). De andere kopgroepgenoot moest, als jonge rouleur, zowiezo passen in de sprint. Eerste plaats, gewonnen! Zeer tevreden, trainingswedstrijd of niet. Goede organisatie en prachtig parcours.

  • Pijnenburg

    8 juni 2011 – Tilburg

    Voor het eerst dit jaar een doordeweekse wedstrijd. In 2009 reed ik op woensdagen 20 wedstrijden in de voorjaars- en zomeravondcompetitie op de het clubparcours van RTC Groenewoud in Nijmegen. Deze woensdag stond eerst de Wielerronde van Tilburg – Reeshof als KNWU wedstrijd op het programma, maar afgelopen maandag werd ze als open clubwedstrijd op de kalender gezet. Nice. Afgelopen zondag niet kunnen rijden in de Tour de Leur, dus dit was een mooie doordeweekse vervanging.

    Met de fiets in de trein van station Nijmegen naar Tilburg Reeshof. Beetje spits, maar niet druk, ging prima. Was toch wel benieuwd wat ik aan de start kon verwachten. Ik denk dat het grootste deel van het veld uit Junioren bestond, aangevuld met een paar Amateurs, Beloften en een enkele Eliterenner. Op dit parcours geen probleem. Het is 2200 meter lang, maar door de bochten kan het nergens op de kant gaan. Dit zou een gesloten koers worden. Lekker snelheid op doen op een prima doordeweekse zomeravond.

    Bijna de start gemist doordat ik in gesprek was met een andere BWF coureur, die net zoals ik nog niet zo lang rijdt. Achteraan gestart en langzaam naar voren gereden. Op eenderde van de koers in een kopgroep beland met in totaal 6 renners, maar die was geen lang leven beschoren. Veel teams in het peloton. In de aanloop naar de eindsprint zat ik goed geplaatst, maar met nog een halve ronde te gaan, gaf de rijder voor mij er ineens de brui aan. Lekker dan….net op dat moment kwam een hele trein links van mij voorbij gedenderd…daar kom je niet zomaar tussen. Drie man waren ontsnapt, het werd sprinten voor de vierde plaats. Voor veel Junioren toch een week zakgeld. Laatste krappe bocht ging wonderwel goed en uiteindelijk als 14e gefinished. Lekker gereden. Maximum snelheid 61,2 km/u, gemiddelde snelheid 43,5 km/u en afstand 71,5 km.

    • Pijnenburg, bron: Mijn Album / N.N.
    • Pijnenburg, bron: Mijn Album / N.N.
    • Pijnenburg, bron: Mijn Album / N.N.
  • Moleneind

    13 maart 2011 – Breda

    Deze keer vooraan gestart, gelijk mee in de goede ontsnapping, die na een aantal ronden wrikken ontstond. De latere winnaar bleef zeggen: “blijven proberen, dan lukt het”. Hij had dus gelijk. De gemiddelde snelheid was op dat moment 43,5 km/u. Toen er nog 3 hardrijders aansloten, bedacht ik mij dat dit toch wel out of my league was.

    Uitgezakt naar het peloton om te herstellen, was niet de enige, was nodig. Daarna weer meegedraaid in de achtervolging op de overgebleven 8 koplopers. Op 12 ronden van het eind werd het peloton bijgehaald door de kopgroep. De latere winnaar ontsnapte wederom uit het peloton en een medekoploper sommeerde mij om het gat te dichten. Ik antwoorde:  “je hebt een eigen fiets ;-)”. Het wedstrijdregelement 2011 is duidelijk: “Art.15: Het is renners en rensters verboden om aan te sluiten bij een kopgroep of koploper die hen dubbelt.” 

    In de laatste ronde vooraan direct na de bocht, van kop af, de sprint van het peloton aangegaan op 55×12. Een renner kwam er met gemak overheen, ging zitten en schakelde, daarna kwam er nog een renner overheen, derde van de pelotonssprint. Max 56 km/u wind tegen, gemiddelde 42,7 km/u. Zeer tevreden, 16e plek. Volgende week de BWF openingskoers in Rijsbergen.

    • Moleneind, bron: Bram van Rens

    6 maart 2011 – Breda

    De 3e trainingswedstrijd overgeslagen: plenzende regen en een stevige verkoudheid (de laatste streek van Koning Winter). Vandaag stralende voorjaarszon, dat wel, maar nog niet echt warm (6 graden) en een harde wapperwind achter op het parcours. Lekker druk bij de start en iedereen even keurig verkleed als wielrenner

    Na een aantal ronden ontstond een kopgroep van 4 hardrijders en een groep van 12 achtervolgers. Gezien de kwaliteiten van beide gezelschappen  een gelopen koers. De vraag was nu of het peloton gedubbeld ging worden of niet. Vooraan werd er onbedreigd afgestopt en alles wat ontsnapte waaide op een goed moment weer terug, ik ook.

    Aanzetten na elk van de 220 bochten ging goed, redelijk gereden. Gemiddelde snelheid 41,7 km/u, een stuk sneller dan vorige keren , terwijl er meer wind stond, maximum snelheid 53,5 km/u, niet meegesprint. Welnu, de eerste test van het seizoen 2011 is het fatsoenlijk uitrijden van de lastige polderomloop Hel van ’t Kruispad in Rijsbergen met de Amateurs.

    • Moleneind, bron: Jeroen Rovers

    20 februari 2011 – Breda

    Geen last hamstring, koud: 3 graden, veel wind en gelijk 7 man weg. Met 4 man een serieuze achtervolging ingezet, maar daarna gewacht op extra mankracht. Na aansluiting was niet elke renner in staat om voldoende kopwerk te verrichten, met gemopper en een inlopend peloton tot gevolg. 

    Alsnog enig kopwerk gedaan en ook mijn positie relatief  goed gehouden, nadat een aantal nieuwe uitvalspogingen geen resultaat opleverden. Op de bel van de laatste ronde weggesprongen om de massasprint te vermijden. Halve ronde volgehouden, overlopen en rond de 25e positie gefinisht. Max 56,5 km/u op 55×13 met zuur in de benen. Gemiddeld 40 per uur. Tevreden, maar een forse inspanning.

    • Moleneind, bron: Jeroen Rovers
    • Moleneind, bron: Jeroen Rovers

    13 februari 2011 – Breda

    Direct valpartij eerste bocht, door ruim nemen kon ik recht uit remmen. 55 TT gemonteerd, trapas aangedraaid en balhoofd gesteld. Bochten gingen erg goed, geen commentaar op gehad. Meegeholpen aan de achtervolging  door op 55 x 12 4 beurten op kop te fietsen. Gesprint op 55×11, 4 man ingehaald, maar beter is om kleiner te sprinten. De laatste bocht sneed ik te kort aan, met commentaar als gevolg. Met een voor deze tijd van het jaar lekkere temperatuur lag de gemiddelde snelheid rond de 41 km/u. Tevreden.