Tag: nieuwegein-wielrennen-utrecht

Wielrennen in Nieuwegein, Utrecht

  • Nedereindse Berg

    29 en 30 juli 2017 – Nieuwegein

    De hoogste tijd voor een dubbel weekend. Wel zaak om de energie te verdelen over beide wedstrijddagen. Zowel zaterdag als zondag staan pakweg tien renners klaar bij de A’s. Met redelijk veel wind, dreigende wolken, maar een prima temperatuur gaan de koersen van start. In de eerste ronde besluit een eigenwijze renner onderlangs te rijden, zodat het hele veld direct uit elkaar ligt. Wachten bij de streep en aansluiten. Verder in de wedstrijd kom ik als duo voorop, maar na een aantal ronden besluit ik te mikken op mijn sprint en laat me uitzakken. In de spurt verras ik de anderen door vroeg aan te gaan en kan doorrijden tot de streep. Op zondag ga ik niet voluit, maar eindig toch halverwege het deelnemersveld. Als training klim ik op een groot verzet.

    10 juli 2017 – Nieuwegein

    Ongeveer vijftien renners staan aan het vertrek bij de A-categorie en met een heuse Nedereindse strippenkaart in de knip ben ik klaar om te trainen op de Berg. De dag ervoor heb ik samen met trainingsmaat Bram van Rens het Volverde principe in de praktijk gebracht op de Campusbaan. Aanzwengelen tot 45 km/u en staand doortrekken. Hij staat nu op plaats 20 van de 2000 renners. Per ongeluk kom ik in de kopgroep. Mijn laatste koers is de Kasteelronde van Mill, pakweg twee maanden geleden, dus ik spreek af dat zij podium rijden en ik aanhaak. Zo kan ik zien dat mijn vluchtgenoten pas gaan staan op het moment dat ze vertragen op de helling. Ik begin al eerder.

    8 april 2017 – Nieuwegein

    Na een aantal weken Volverde training is ook trainingsmaat Bram van Rens klaar voor een bezoek aan de Nedereindse Berg. Hij zal de sprint van zijn groepje in ieder geval wel weten te winnen, kan ik alvast verklappen. Ongeveer twintig renners staan aan de start bij de A-categorie, die rustig aan begint. Net als een paar andere renners plaats ik enkele aanvallen op het tweede deel van de Col de Hans Spekman, maar deze halen niets uit. In de eindsprint raakt een oververmoeide coureur aan 50 in ’t uur de heg in de afdaling, schuift diagonaal over de baan en neemt een aantal renners mee. Ik klap hard maar gecontroleerd tegen het asfalt en wandel weg met een pleister. Geluk gehad.

    2 april 2017 – Nieuwegein

    Meestal rijd ik op zaterdag op de Berg, maar nu, drie uur vroeger, een keer op zondag. De koers breekt eigenlijk meteen los met opeenvolgende demarrages en doortrekken op kop. Het oversteken naar een aanvaller loopt wonderwel gesmeerd, maar als iets te mooi lijkt om waar de zijn, dan is dat meestal ook zo. Ik blaas de motor op en waai er een half uur later vanaf. Het lijkt alsof Volverde training ergens een automatische begrenzer op non-actief zet. Alles heeft zo zijn bijwerkingen en beperkingen. Voortaan iets meer rekeningrijden en pas in de eindsprint het volledige vermogen aanspreken. Feit is dat de Nederrijnse Opbergtheorie getest kan worden op de Nedereindse Berg.

  • Nedereindse Berg

    17 december 2016 – Nieuwegein

    Met twee in een kopgroep en toch derde worden. Je moet er maar opkomen. Donkere dagen, maar de temperatuur is allesbehalve laag te noemen. Omdat we boven de grote rivieren rijden, gaat de ronde beneden- i.p.v. onderlangs. Zonder wind lijkt het peloton onbreekbaar gezien de beperkte uitlooppogingen, maar bij een nieuwe glip ik mee in het wiel. De A’s, B’s en C’s rijden apart en dat midden december, niet slecht. Wel blijkt de helft van de renners niet te hebben ingecheckt bij MyLaps, winterfiets? In de laatste ronde weet een achtervolger de oversteek te maken en beslag te leggen op de tweede plaats. Ik kom nog wel naast hem, maar tien weken geen koers, daar wordt je niet per definitie sneller van. Grote plaat heuvelop trainen werkt wel en de gelegenheid maakt de fiets.

    » Uitslag MyLaps

    1 oktober 2016 – Nieuwegein

    A’s en B’s samen onderlangs geeft een gesloten koers. Uiteindelijk een knip weten te maken, waardoor de A’s voorop komen. Binnen de categorie schiet je er weinig mee op, maar koersgewijs wel handig voor de meegeglipte B’s.

    » Uitslag MyLaps

    24 september 2016 – Nieuwegein

    Goed om te zien hoe de @SRAM_WV_Eemland junioren (17-18 jr.) voor elkaar willen werken. En inderdaad in de regel los je een ‘dikbil’ #bergop

    » Uitslag MyLaps

    17 september 2016 – Nieuwegein

    Mooi op de Nedereindse Berg. Eerst @CyclingWebNL competitie, daarna een stuk van de Handbike Marathon kijken #bergop

    » Uitslag MyLaps

    3 september 2016 – Nieuwegein

    Mooi op de Nedereindse Berg. Eerst @CyclingWebNL competitie, daarna een stuk van de Handbike Marathon kijken #bergop

    » Uitslag MyLaps

    27 augustus 2016 – Nieuwegein

    Toch 30 graden op de Berg met op de terugweg de naderende tornado bij Woerden aan de horizon. De gemiddelde snelheid leek in lijn met de hitte: < 40 km/u.

    » Uitslag MyLaps

    25 juni 2016 – Nieuwegein

    Na deze week alles gezien te hebben wat betreft weer, op weg naar waterland in Nieuwegein. Omkleden onder de zeespiegel aan de rand van het Groene Hart, waar de plassen uit de grond opborrelen. Op de Berg is het droog als de renners van de A, B en C-klasse apart vertrekken. Direct ontstaan gaten door om-en-om ping-pong demarrages, aanpoten geblazen. Een soort van Brexit in het klein. Drie man weten een gat te slaan, waarna de koers in rustiger vaarwater belandt. Door stilvallers en uitstappers finish ik op plek vier, na een goede samenwerking met twee andere renners, die weliswaar van hetzelfde team zijn, maar bovenal wielrenner.

    18 juni 2016 – Nieuwegein

    Het voordeel van zomer is dat de regen niet koud is, wat direct ook het grootste nadeel van hemelwater betreft. Op de Nedereindse Berg starten de A, B en C categorie apart. Dit geeft een ander koersverloop met uitvallen en meer in de wind. De B categorie wordt voor halfkoers al ingelopen, dus de snelheid zit er goed in. Eigenlijk iets te snel, want morgen heb ik nog een koers op het programma staan. In de tweede groep plaats ik een ronde voor het einde nog een uitval, word bijgehaald, waarna ik de opvolgende aanval bergop counter. In de sprint houd ik mijn positie. Meer wedstrijd, dan training, maar dat gebeurt geruisloos als je een rugnummer opspeldt.

    11 juni 2016 – Nieuwegein

    Voor het eerst sinds augustus 2015 een weekendbezoek aan de Nedereindse Berg. Utrecht Centraal behoort merkwaardigerwijs in 2016 nu niet direct tot de meest bereikbare plaatsen per trein. Gerommel in de marge. De A- en B-renners starten samen, omdat in Middelharnis het NK Masters op het programma staat, maar de opkomst is alles behalve slecht te noemen. Mijn voornemen is om dit weekend twee koersen te rijden, dus enige slag om de arm lijkt me raadzaam. Na in het kader van de 220 Hi-volt doctrine wat losse flodders afgevuurd te hebben, hobbel ik mee en sprint ik af.

  • Nedereindse Berg

    15 augustus 2015 – Nieuwegein

    Back op de Berg na al het heuvelmeten in de CyclingWebNL Competitie met een volgende deelname in de B-categorie.

    24 mei 2015 – Nieuwegein

    Zonder warme doordeweekse smogdeken kan de temperatuur in het weekend dus nog steeds onder nul. Als een van de weinigen van het twee dozijn sterke A-peloton trek ik dus gewoon beenstukken aan. Geen golven op de Nedereindse Plas, want de wind is compleet absent. Omdat ik de dag ervoor mijn achterwiel gespaakt heb met een nieuwe velg, houd ik rekening met enige offset. Ook weet ik niet zeker of mijn spaakkunsten voldoende zijn om wedstrijdbelasting te weerstaan. Fabriekswielen worden meestal knalstrak en met compleet verkrampte spaken geleverd. Staal is elastisch en volgens mij geeft half aanspannen het meest responsive design, maar dat zal dus vandaag moeten blijken.

    16 mei 2015 – Nieuwegein

    Dat is pech, zon weg. De wolken hangen na een prachtige week praktisch tot op de straat. Vooruit in de miezer naar de Nedereindse Berg, waar de wind een stuk minder sterk waait, dan vorige week zaterdag. Gelukkig heb ik standaard beenstukken, oversokken en een koerspetje voor onder de helm in de tas. Hoewel de IJsheiligen voorbij zijn, kan het nog steeds vriezen of dooien. De A’s en B’s rijden samen in een peloton van zo’n dertig renners. Omdat ik de laatste weken steeds de goede ontsnapping moest missen, besluit ik zelf het moment te kiezen. Na een tiental uitvallen, zie ik een renner heuvelop versnellen en pik aan. Deze keer draai ik wel mee en (te) langzaam lopen we uit op het peloton. Daarom weten (nog) zeven renners tot aan de finale toe, in schuifjes definitief de aansluiting te maken. Als het in de laatste ronde in de bovenste bocht alsnog proppen wordt in de sprint, vind ik het mooi geweest en eindig als zevende.

    9 mei 2015 – Nieuwegein

    Wat mobilegeddon ook precies mogen inhouden. Feit is dat ik recent beschik over een nieuwe fiets, nieuwe laptop, nieuwe GSM telefoon, nieuwe simkaart, nieuwe KNWU basiskaart, nieuw WordPress template en twee kapotte smartphones. Naar Utrecht met de trein betekent dit weekend standaard omreizen via Den Bosch. De OESO heeft in een rapport over (tegenvallende) meeropbrengst van de Nederlandse steden nog maar eens aangegeven dat deze beter met elkaar verbonden dienen te worden. Internationaal zijn de werkelijke intercity verbindingen gewoon ondermaats. Het lijkt me ook niet meer dan terecht dat Schiphol de kosten van falende aanvoer niet mag doorberekenen. De KLM gaat noodgedwongen weer met bussen rijden vanaf Nijmegen, ook al ligt er in theorie een directe treinverbinding met de luchthaven.

    Onderweg van Den Bosch naar Utrecht zie ik de bomen steeds schever waaien. Op de Nedereindse Berg, waar de A’s en de B’s apart starten staat de wind pal mee op de klim, zodat je eenvoudig de helling opgeblazen wordt. Met meer dan twee dozijn renners in de hoogste categorie duurt het niet lang voordat de B’s worden gedubbeld. In de lange smalle passage langs het uitgerekte lint laat een aantal renners onverwachts lopen, waardoor de groep in twee stukken breekt. Aan mijn klimvermogen heb ik vandaag niets en omgaan met constante dwarswind zal ik waarschijnlijk nooit leren, aangezien ik niet ben opgegroeid in de nationale nederlanden, maar in de regionale opperlanden. Toch maar achtervolgen dan, omdat het voorste deel van het peloton eigenlijk nauwelijks wegrijdt. Na een tijd meegedraaid te hebben spring ik weg, maar door de harde wind val ik na drie omlopen gewoon stil, waarna ik de finaleronden rustig uitrijd.

    18 en 19 april 2015 – Nieuwegein

    Na een flink aantal opeenvolgende regenweekenden en een doordeweekse, niet door het KNMI erkende, orkaan, schijnt de zon als nooit tevoren. Hup, in de trein naar de Nedereindse Berg, waar elke zaterdag om 13.00 uur een koers van start gaat. Zoals gewoon op zaterdagen rijden de A en de B samen. Trainingsmaat Bram kan tactisch aan de slag in de C categorie. Tot drie keer toe doe ik een uitlooppoging om een breuk te forceren, echter zonder resultaat. Bij het oversteken naar de wel ontstane kopgroep, schieten twee renners uit mijn wiel, maar aanpikken is een brug te ver. Het waait behoorlijk en ik ben van plan morgen nogmaals af te reizen naar de Berg. Bram rijdt zijn wedstrijd netjes uit. In de laatste ronden neutraliseer ik enkele aanvallen, om bij de laatste op het steilste stuk van de Berg uit het wiel te schieten, waarna ik als eerste eindig van de achtervolgende groep.

    Zondagochtend is het om 8 uur wederom zonnig, maar het zou me niets verbazen als de Groesbeekse heuvels zijn bezocht door vorst aan de grond. Beenstukken aan dus. A en B rijdt apart vandaag, beide zo’n twintig renner sterk. Na de drie vruchteloze aanvallen van gisteren besluit ik nu wel voorin te blijven, maar enkel mee te sluipen met uitbraken, om de beslissende af te wachten, of over te steken. De wind houdt zich bij uitzondering opvallend stil. Tijdens het oversteken naar een kansrijke uitloop van vier renners, passeer ik enkele terugvallers, maar plafonneer als een in mijn wiel meegeslopen renner een professionele jump plaatst bergop. Das pech, kopgroep weg. Na mezelf mee te hebben laten drijven in het peloton, ram ik in de laatste ronde zo hard mogelijk de helling op. Omdat slechts een renner boven uit mijn wiel tevoorschijn komt, kan ik, zonder te hoeven jakkeren, uitrollen naar een zesde plek.

  • Nedereindse Berg

    21 december 2014 – Nieuwegein

    30 november 2014 – Nieuwegein

    Vier dozijn ABC renners wintersporten op de Nedereindse Berg. Weinig wind en weinig boven nul. Vierde bij de A’s #3dspinning #outdoor

    23 november 2014 – Nieuwegein

    Meer dan drie dozijn ABC renners bootcranken vandaag op de Nedereindse Berg. Derde bij de A’s. #3dspinning #wintersport #outdoor

    16 november 2014 – Nieuwegein

    Gewonnen, keiharde regen, 7 man, moeite om weg te komen, maar ze alleen gedubbeld.

    8 november 2014 – Nieuwegein

    Wind, bladerloze bomen, maar een prachtige zon op de Berg. De A’s, B’s en C’s rijden ditmaal apart, in totaal zo’n drie dozijn renners. Bram en ik zijn voorzien van zelf gefabriceerde overschoenen, thermo kniekousen, kosten 1,49 euro. Werkt als een trein voor een vijftiende van de wielerspecifieke prijs. Niet doorvertellen. Kwestie van sectormarketing. Direct ga ik benedenlangs in de achtervolging op de vroege uitloper. De vlucht houdt echter geen stand, daarom participeer ik in een volgende met vier. Deze duurt langer, maar het peloton weet alsnog aan te sluiten. De beslissende ontsnapping van vier, later drie renners, mis ik. Met drie andere coureurs wordt wel de uitvaller uit de kopgroep opgepikt. Met zijn vijven beginnen we in te lopen op de koplopers, maar rijden ons feitelijk stuk, zodat het gat weer groter wordt. De tegenwind op de vierde parcourszijde is meer dan fors. In de sprint voor de vierde plaats rijden we de laatste groep A’s weer achterop. Ik zet te laat aan en wordt vijfde na een dynamische koers in de wintercompetitie.

    2 november 2014 – Nieuwegein

    Nog steeds mediterrane temperaturen op 52 graden noorderbreedte, halfweg tussen Nice en Lillehammer op de rand van de poolcirkel. Zou het een meteorologische naheffing of bijtelling zijn? Je weet maar nooit hoe de wind waait in het moerasmodel. Op de Nedereindse Berg pal tegen over de plas en we rijden onderlangs. Vrij snel komen negen A’s los van het dertigkoppige peloton. Met gigantische propellers in de vlucht vrees ik in de gehaktmolen te belanden van de U-trechters. Knopen tellen en een beetje sparen. Er vallen continu gaten, dus dat valt tegen. Nog voor het peloton achterop gereden wordt, weten de drie sterkste renners zich los te weken. De achtergebleven zes, waaronder ik, dubbelen het peloton, maar worden vervolgens weer achterop gereden door het driemanschap. In de slotfase blijf ik een keer te lang zitten bij een breuk, waardoor er nog twee anderen tussenuit knijpen. De sprint voor de zesde plaats weet ik echter wel in mijn voordeel te beslechten. Door de tegenwind is de behaalde gemiddelde snelheid met 38,71 km/u een stuk lager dan gebruikelijk.

    26 oktober 2014 – Nieuwegein

    De wintertijd is weer aangebroken op het noordelijk halfrond. Eerder licht, vroeger donker. Op naar de Nedereindse Berg, offseason, onroad. Samen met trainingsmaat Bram heb ik een aantal Nachtslot trainingen kunnen doen tussen de afgevallen bladeren. De meesten zaten al braaf in de opgestelde bladkooien. Net als dat van de Tour is het schema van de trainingsritten in Oss ook reeds bekend. De benodigde vergunning blijkt al rond te zijn. Speciale fietstestdag vandaag op de Berg. Als resultaat een uitstekend peloton van vijftig A&B coureurs. Nadat in de eerste ronde een voorpost is weggereden, grijp ik mijn kans en steek alleen over. Een ronde ‘benedenlangs’ later maak ik de aansluiting. Zoals verwacht komt later de groep met de sterkste renners overgestoken. Met zeven man rijden we al vrij snel het peloton weer achterop. Na enkele schermutselingen besluiten twee orinele koplopers het hazenpad te kiezen. Op een meter of twintig zet ik de achtervolging in, maar kom net tekort om aan te pikken. Wel minder dan de vorige keer, dus blijven trainen, ook al blaas je de motor finaal op. Geeft niks, kom ik voor. In de achtervolging lijken we op een moment bijna terug te komen, maar uiteindelijk is het draaien tot de laatste ronde. Na het dichtrijden van slotaanvallen komt mijn sprint niet meer van de grond. Toch eindig ik op de vierde plaats met 40,9 km/u.

    18 oktober 2014 – Nieuwegein

    Aan het begin van herfstvakantie is de zomer weer helemaal terug op de berg. Al zes maanden lang bedraagt de middagtemperatuur meer dan twintig graden. Het lijkt of de koele slechte dagen doordeweeks zijn gepland door de geo-engineers. Logisch, een zonnig weekend ondersteunt de economie. Zelf rijd ik toch liever wedstrijden met een temperatuur tussen de tien en twintig graden. Het peloton is een stuk kleiner en bedraagt twee dozijn renners in de A en B categorie. Feest voor trainingsmaat Bram, hij mag aan de bak bij de B’s. Naast een zon aan de hemel, staat er behoorlijk wat wind. Driemaal doe ik een alleenstaande uitlooppoging tegen de Nedereindse Berg, voordat ik in het peloton de onvermijdelijke aanval afwacht van het duo hardrijders uit de gelederen. Ze rijden gemakkelijk weg en nemen snel driehonderd meter voorsprong. Staand op de pedalen slaag ik er bijna in het gat te dichten en kom net te kort om aan te sluiten. De derde man schiet uit mijn wiel en maakt de aansluiting wel. Door deze tempoversnelling is het peloton in twee delen gebroken en zelf heb ik de motor opgeblazen. In de voorste groep rijd ik de koers wel rustig uit en sprint op 55×12 naar een zesde plaats.

    11 oktober 2014 – Nieuwegein

    Aan het begin van herfstvakantie is de zomer weer helemaal terug op de berg. Al zes maanden lang bedraagt de middagtemperatuur meer dan twintig graden. Het lijkt of de koele slechte dagen doordeweeks zijn gepland door de geo-engineers. Logisch, een zonnig weekend ondersteunt de economie. Zelf rijd ik toch liever wedstrijden met een temperatuur tussen de tien en twintig graden. Het peloton is een stuk kleiner en bedraagt twee dozijn renners in de A en B categorie. Feest voor trainingsmaat Bram, hij mag aan de bak bij de B’s. Naast een zon aan de hemel, staat er bijhoorlijk wat wind. Driemaal doe ik een alleenstaande uitlooppoging tegen de Nedereindse Berg, voordat ik in het peloton de onvermijdelijke aanval afwacht van het duo hardrijders uit de gelederen. Ze rijden gemakkelijk weg en nemen snel driehonderd meter voorsprong. Staand op de pedalen slaag ik er bijna in het gat te dichten en kom net te kort om aan te sluiten. De derde man schiet uit mijn wiel en maakt de aansluiting wel. Door deze tempoversnelling is het peloton in twee delen gebroken en zelf heb ik de motor opgeblazen. In de voorste groep rijd ik de koers wel rustig uit en sprint op 55×12 naar een zesde plaats.

    4 oktober 2014 – Nieuwegein

    Geen beestenweer op dierendag, wel een groot peloton renners aan de start op de Nedereindse Berg. Dit keer geen ontsnapping in de eerste ronde, het peloton komt rustig op stoom in achtervolging op de gebruikelijke aanvallers. Vandaag heb ik mij voorgenomen om pas op de helling gas te geven en niet eerder. Bocht om, opschakelen en trappen. Hierbij ontstaat een niet echt lekker lopende ontsnapping. We worden bijgehaald door het peloton. Als wereldkampioen pendule schiet de volgende weg, samen met een ongelukkige, die zijn borst nat kan maken voor een partijtje wiel houden op niveau. Mijn tweede sprong op de helling genereert een groep achtervolgers, die het duo weet te achterhalen. De ontstane kopgroep is ronduit chaotisch. Het gaat mis tijdens een aflossing binnendoor in de krappe noordoostelijke bovenbocht. In de vol doortrappende harmonica stuur ik te laat in. Hierdoor verliest een renner vlak bij mij de controle over zijn fiets en komt lelijk ten val. Voorvelg gescheurd en een ei op zijn elleboog. Hoewel het zes jaar geleden is dat ik betrokken ben geweest bij een tuimelperte, vind ik elke keer teveel. Het hoort niet bij wielrennen. De EHBO komt op de fiets, terwijl wij juist richting het paviljoen lopen. Aldaar verbonden, vertrekt de coureur na de afsprinten van de C-categorie met de auto naar het ziekenhuis. Beiden DNF met 10 ronden op de teller. Na onderzoek zijn geen breuken geconstateerd, maar hij heeft wel lelijke schaafwonden en zwellingen. Excuses en beterschap. De schade wordt uiteraard afgewikkeld.

    27 september 2014 – Nieuwegein

    In het voorspelde laatste zomerweekend van het jaar breekt de zon tegen het middaguur door de herfstmist. Eind september is het reguliere wielerseizoen praktisch ten einde, maar mijn schema zit voortaan toch iets anders in elkaar. Criteriums op een stratenparcours trekken steeds minder deelnemers, koersen zoals die op de Nedereindse Berg des te meer. Aan de start staat een prima peloton van veertig renners, klaar voor vijftig kilometer wedstrijd, bovenlangs buitenom. Soms wordt de eerste ronde rustig gereden, zo niet vandaag. Direct een vernietigende uitval. Op hangen en wurgen kan ik het wiel houden, maar het peloton weet in delen aan te sluiten. Als dezelfde renner een aantal ronden later een nieuwe plaatst gaat in eerste instantie niemand mee. Twee renners steken later over, waarvan er een bijna direct weer afhaakt. De achtervolging op de twee vooruit komt niet van de grond, zodat het tweetal al vrij snel uit het zicht verdwijnt. Intussen is het tamelijk warm geworden door de doorgebroken zon, terwijl de wind zich koest houdt. Ondanks een aantal pogingen blijft het peloton tot aan het afsprinten van de B-categorie bijeen. Trainingsmaat Bram zit na drie kwartier koers bij de uiteengeslagen C’s met een cola in de schaduw van het paviljoen. Voordat de slotfase aanbreekt doe ik samen met een andere renner nog een kansrijke aanval, maar het gat wordt effectief gedicht. In de sprint voor de derde plaats eindig ik als vierde, en zesde totaal.

    6 september 2014 – Nieuwegein

    Herfst op de Berg geeft een buitje, vooraf, maar een ruim peloton A en B renners aan het vertrek. De aanwezige C renners starten apart. Trainingsmaat Bram van Rens rijdt hier mee, ook bovenlangs buitenom. De temperatuur is aangenaam en er staat weinig wind. Aanvallen zijn er nauwelijks, het tempo wordt grotendeels bepaald door een zeskoppige schaatselectie, die de club bij elkaar houdt. Omdat dit mijn eerste wedstrijd in acht weken is, lijkt het mij verstandig het aantal uitlooppogingen te beperken tot drie à vier. Zeker wanneer ik bij de laatste direct in de kraag wordt gevat door vier fietsende schaatsers. Tja, die zijn zo gretig, dat ze zelfs achter elkaar aan jagen. In de laatste ronden houden ze het tempo strak, zodat de aanloop naar de sprint vlekkeloos verloopt. Vanuit de zesde positie probeer ik in de laatste bocht buitenom te komen, maar stuit op de aantrekker die afzwaait. Direct binnendoor steken is onverantwoordelijk, behalve als je heel snel en stuurvast bent. Dat ben ik niet, desondanks eindig ik als zesde met een gemiddelde snelheid van 40,7 km/u.</Herfst op de Berg geeft een buitje, vooraf, maar een ruim peloton A en B renners aan het vertrek. De aanwezige C renners starten apart. Trainingsmaat Bram van Rens rijdt hier mee, ook bovenlangs buitenom. De temperatuur is aangenaam en er staat weinig wind. Aanvallen zijn er nauwelijks, het tempo wordt grotendeels bepaald door een zeskoppige schaatselectie, die de club bij elkaar houdt. Omdat dit mijn eerste wedstrijd in acht weken is, lijkt het mij verstandig het aantal uitlooppogingen te beperken tot drie à vier. Zeker wanneer ik bij de laatste direct in de kraag wordt gevat door vier fietsende schaatsers. Tja, die zijn zo gretig, dat ze zelfs achter elkaar aan jagen. In de laatste ronden houden ze het tempo strak, zodat de aanloop naar de sprint vlekkeloos verloopt. Vanuit de zesde positie probeer ik in de laatste bocht buitenom te komen, maar stuit op de aantrekker die afzwaait. Direct binnendoor steken is onverantwoordelijk, behalve als je heel snel en stuurvast bent. Dat ben ik niet, desondanks eindig ik als zesde met een gemiddelde snelheid van 40,7 km/u.

    12 juli 2014 – Nieuwegein

    Na de zomerse onweersstormen deze week zit de bodem boordevol regenwater. Zet je daar de zon op, dan krijg je een gratis buitensauna. Bij downshiften hoort het herbeoordelen van componenten, die eens gemarket zijn en nu als onlosmakelijk gelden. Alles kan kapot, nucleaire economie. Waarom rijd ik al jaren actief in een broek met pamper, terwijl ik een gesplitst zadel met gelmassa heb? Een zeem armer en experiment rijker start ik op de Berg met twee dozijn andere A-renners, zit geregeld mee in de ontsnapping, maar bij de goede van drie man moet ik passen en eindig als 9e met gemiddeld 41,5 km/u.

    5 en 6 juli 2014 – Nieuwegein

    Op zaterdag kom ik al in de eerste ronde vooruit te rijden met twee anderen. We besluiten door te trappen en dubbelen het peloton, waar we daarna weer afstand van nemen. Met twee koersen in het weekend en de dinsdag op Papendal in de benen draag ik mijn steentje bij, maar niet meer dan dat. In de door mij aangetrokken sprint wint de machinist en stoker van de vlucht terecht met een banddikte. Zondag peddel ik mee en zorg met de andere A-renners dat het peloton niet gedubbeld wordt door de kopgroep. Met hetzelfde gemak, fiets je in een ander pak.

    • Nedereindse Berg, bron: N.N.
  • Nedereindse Berg

    28 juni 2014 – Nieuwegein

    3e van de 15 starters.

    21 juni 2014 – Nieuwegein

    8e van de 24 starters.

    31 mei 2014 – Nieuwegein

    2e van de 13 starters.

  • Nedereindse Berg

    11 januari 2014 – Nieuwegein

    Met voorspelde sneeuw lijkt het mij raadzaam de eerste trainingswedstrijd in Oss niet af te wachten om het seizoen 2014 op gang te schieten. Het is de afgelopen jaren vaker voorgekomen dat juist rond dit moment de winter statuur krijgt, waardoor een reeks van koersen niet door kan gaan. Twaalf weken geleden reed ik op de Nedereindse Berg mijn laatste wedstrijd en dan is het altijd maar de vraag of de korte avondtrainingen in de heuvels tussen Nijmegen en Groesbeek voldoende zijn geweest om het niveau enigszins te handhaven.

    Aangekomen in Nieuwegein blijkt het te miezeren, daar is niets aan veranderd in de tussentijd. De wind staat hard tegen op de derde parcourszijde. In de A en B categorie gaan ongeveer vijfentwintig renners van start voor een koers van een uur en we ‘blijven beneden’. De beslissende tempoversnelling vindt al in de tweede ronde plaats. Gelukkig kan ik aanhaken, waardoor ik met vijf anderen vooruit kom te rijden. Dit is maar goed ook, want alleen oversteken is door de harde wind geen optie en achtervolgen kost even veel moeite.

    Nog niet geheel in conditie beperk ik mij tot volgen en af een toe een kopbeurt, opdat ik niet gelijk in de eerste koersminuten van 2014 zwaar ‘in het rood’ kom te rijden. Twee andere renners, die wel hun gelijke aandeel leveren in de ontsnapping, moeten de rol lossen als na een door mij aangevraagde tempopauze, de snelheid weer opgevoerd wordt. Met vier man verder dan maar en vaker op kop. De wind is intussen gedraaid en staat nu hard tegen op de bochtige tweede parcourszijde. Na drie kwartier dubbelen we gevieren het peloton.

    Vanaf de kop van het peloton plaatst de latere winnaar in het zadel een versnelling die ik alleen staand op de pedalen op 55×11 kan pareren. De latere nummer twee kan ook aanhaken. Omdat we los zijn besluit ik, de latere nummer drie, weer mee te draaien, want sprinten na twaalf weken trainen met een gemiddelde van twintig kilometer per uur zal nog wel niet zo rap gaan. In de laatste ronde neem ik de tegenwind voor mijn rekening, waarna de sprint vroeg wordt aangegaan. Bij de laatste bocht kom ik nog tot aan het wiel, maar dat is dan ook direct mijn hele sprint. Wel derde.

    20 oktober 2013 – Nieuwegein

    Maandag en dinsdag betekenen kou, regen, bladeren en wind. Toch benut ik beide dagen met op maandag een Kommendaal training, terwijl dinsdag de eerste vier hellingen door de binnenstad als circuit dienen. Vanaf woensdag is het weerbeeld sterk verbeterd, zodat ik Tramweg zowaar droog kan afleggen. Donderdag doe ik nogmaals Kommendaal en vrijdag de kortere route Terugweg. Deze vijf trainingen zijn goed voor 18 BEL, het weektotaal waarvan ik steeds meer aanwijzingen krijg dat het zorgt voor de relatief grootste toename van wedstrijdresultaat, een optimum? Het verklaart in ieder geval meer dan dertig procent van de variantie.

    Aan de voet van de Nedereindse Berg in Nieuwegein staat een winterpeloton van pakweg twintig coureurs bij het paviljoen opgesteld voor een koers van zeventig minuten, welke rustig aanvangt. Op het rechte stuk naar de finish staat de wind stiekem stevig tegen, merk ik als ik alleen op pad ga. Een latere uitloop krijgt twee aansluiters en groeit aan tot negen renners. Na veel hollen en stilstaan en met zijn achten tweemaal rondenlang achter een enkele renner aan te razen, vangen we met vier man de laatste ronde aan. Vanuit derde positie verras ik mijn kopgroepgenoten door al voor de bocht wijd buitenom aan te gaan op 55×11. Voor de tweede maal eerste dit jaar. Pedaleren is een feest en als je niet participeert, kun je

    6 oktober 2013 – Nieuwegein

    Oppermist in de ochtend, maar goede vooruitzichten en windstil. Mijn keuze voor een ondershirt met lange mouwen en beenstukken blijkt achteraf prematuur. Twintig man A, B en C staan klaar voor de tweede wedstrijd van de doorlopende wintercompetitie over de Nedereindse Berg, op zaterdag georganiseerd door WV Het Stadion, terwijl UW&TC Volharding de zondag voor haar rekening neemt. In verband met het aanstaande cyclocrossen (kun je daar dus ook nog wekelijks doen), rijden we de nog een keer ‘bovenlangs’. Geen Nederlands kampioen bij de Masters, wel twee leden van de juniorenploeg in onlangs vergaard rood-wit-blauw op de ploegentijdrit. Geen wonder dat ik bij een alleenstaande demarrage al na een ronde op de hielen gezeten word. Bij een tweede uitlooppoging bergop zelfs nog sneller. Een peloton op slot en ik heb in ieder geval niet de sleutel.

    De afgelopen week heb ik met drie keer ‘BEL-T Kommendaal’, twee keer ‘BEL-T Terugweg’ en eenmaal ‘BEL-T Tramweg’ in totaal 18 BEL aan trainingsbelasting verzameld. Als de sleutelbewaarders na de finishstraat hard doortrekken blijkt dit voldoende om het ontstane gat op hangen (55×11) en wurgen binnen de kilometer te slechten. Zo kom ik met vijf renners van de thuisclub in een soort ploegentijdrit terecht, waarin ik na verloop van tijd enkel nog kort kan overnemen en een keer zelfs in tweede positie uit het wiel gereden word. Verschil moet er wezen. We lopen snel uit op het peloton. Een van de sterkste renners moet door een ongelukkige schuiver helaas de wedstrijd voortijdig staken en een ander wacht. Uiteindelijk rijden we met drie renners de laatste ronde in, waarin de winnaar bergop zijn aanval plaatst. Het sprintduel om de tweede plek, dat ik van kop af aanga, weet ik nipt in mijn voordeel te beslissen.

    29 september 2013 – Nieuwegein

    Na het afbreken van mijn bidonhouder in de Ronde van Heusdenhout, heb ik mij toch eens afgevraagd of die apparaten wel opleveren wat ze kosten. Twee lichtgewicht stuks plus vier bidons zijn in twee jaar goed voor vijftig euro. Je gaat er echter geen millimeter harder van, dus ze horen wat mij betreft helemaal niet thuis op een wedstrijdfiets. Weg met die rijdende minibar. Scheelt gewicht en luchtweerstand. Eten en drinken tijdens het sporten vind ik sowieso een bijzondere combinatie. Wegspoelen van taurinerepen is bij mij niet aan de orde. Hoe zit het eigenlijk met computeren vanachter het stuur? Voer voor de schroevendraaier. Als je tijd hebt om erop te kijken ga je niet hard genoeg. Jammer voor de accessoiremarge. Downshift.

    De trainingsbelasting deze week bedraagt 21 BEL, bestaande uit viermaal Kommendaal en eenmaal Tramweg. De samenhang met wedstrijdresultaten is overigens nog tamelijk duister, maar feit is dat ik met tien procent minder trainingstijd vijftien procent hogere wedstrijdcijfers genereer. Tijd om op zoek te gaan naar de tussenliggende variabele. Een andere mogelijkheid is te kijken naar een betere operationalisering. Mag de sponsor lekker zelf uitzoeken. Met een oostenwind onderlangs staan twintig renners aan de start op het parcours van de Nedereindse Berg. We blijven beneden vandaag, dus geen beklimmingen van de Col du Hans Spekman in het verschiet, over nivelleren gesproken.

    Met een iets naar beneden gekantelde stuurbocht en nieuwe polyamide / latex ‘dual compound’ handschoenen voor het hanteren van steigerpijpen ga ik al vroeg aan de haal. Omdat het vrij lang duurt voordat een renner oversteekt, rijd ik rondenlang alleen in de aanval. Later komt nog een derde man aansluiten. Van het sterkste blok is er echter geen present, dus de kans dat we definitief wegkomen blijft klein. Op het rechte stuk langs de Nedereindse Plas staat de wind fors tegen. Toch duurt het relatief lang voor we zijn achterhaald, waarna het stilvalt en ik wederom alleen ontsnap. Slim is anders, want later bij de beslissende uitval mis ik de complete boot en zijn vijf man op pad.

    Ik besluit druk te houden op de koplopers, wetende dat de Nederlands kampioen bij de Masters de gewoonte heeft niet alleen het peloton, maar ook zijn eigen kopgroep aan barrels te rijden. Op driekwart van de koers zijn er reeds twee afgevlogen. Rijden voor de vierde plaats dus in plaats van de zesde. Ook in de achtervolging ga ik alleen op pad. Mijn sprintgeschiedenis dit jaar is niet om naar huis te schrijven en ik moet wat. Als ik wederom gegrepen ben, komt het toch op een spurt aan, tegen de wind in nog wel, waarin ik mijn achtervolgers van mij af weet te houden. Dat

  • Nedereindse Berg

    2 juni 2013 – Nieuwegein

    In gedachte de BWF A wedstrijd in Raamsdonksveer met arm- en beenstukken, in praktijk de zomercompetitie op de Nedereindse Berg zonder. Met zon, veel wind en een temperatuur tot twintig graden is de tweede zomerdag gelukt. Het peloton bestaat uit plusminus veertig coureurs verdeeld over de A, B en C categorie. De koers gaat direct van start met om-en-om uitvallen. Mijn elastiekje blijkt vandaag te kort om mee te zitten met een uiteindelijk ontstane kopgroep van vier. De vraag is wel of ik er aan had kunnen blijven hangen, want de twee motoren draaien in een dergelijk tempo, dat de twee andere coureurs na enige tijd weer terug komen waaien.

    Met de twee koplopers constant uit zicht verloopt de jacht moeizaam en door speldenprikken dunt de achtervolgende groep uit tot acht. De laatste twintig minuten komt wel een eendrachtige samenwerking tot stand, waardoor het gat begint te krimpen. De laatste ronde ga ik rustig aan kop. Onder mijn schouder zie ik een rijtje schaduwen. Ik houd mijn oren gespitst om bij signalen van de onvermijdelijke slotaanval direct te kunnen reageren. Halverwege de helling hoor ik rechts van mij een renner aangaan en doortrekken. Hup, op het wiel en trappen. In de sprint komt met 64,7 km/u slechts een renner voorbij, waardoor ik toch nog een vierde plaats weet te bemachtigen met een gemiddelde snelheid van 40,9 km/u.

    De trainingsomvang deze week bedraagt 22 BEL. Maandag heb ik de nieuwe route Hengstweg (3,66 BEL) getest als vervanger van Slingerweg. Het belangrijkste verschil tussen beide is het ontbreken van een B klim in de eerste, zodat Hengstweg ook te gebruiken is op maandag na een wedstrijd. De zwaarste BEL training Randweg is woensdag vervangen door Kopweg (6,40 BEL), met een A klim minder, maar meer C en B klimmen. De correlatie van de wekelijkse trainingsomvang in BEL-punten en wedstrijdcijfers uitgedrukt in percentielscores, is opgelopen tot 0,73. Ik heb aanwijzingen dat mijn ideale BEL-score tussen de 18 en 20 BEL ligt. Een hoger aantal BEL-punten sorteert dan geen effect, of mogelijk een licht negatief effect. Genoeg te puzzelen.

    25 mei 2013 – Nieuwegein

    Op de nabij De Bilt gelegen Nedereindse Berg in Nieuwegein wordt ook deze zaterdag een trainingswedstrijd verreden op het 2200 meter lange geaccidenteerde parcours. De voorspelde maximumtemperatuur van twaalf graden is niet bijzonder gul voor eind mei. Omdat de voormalige vuilstort direct grenst aan de Nedereindse Plas staat er praktisch altijd wind. Tijdens een regenbui kan de gevoelstemperatuur vandaag dus al snel onder de tien graden uitkomen, net als afgelopen dinsdag op Papendal het geval was. Met arm- en beenstukken blijft pedaleren op de veertien meter hoge Col de Hans Spekman echter een feest.

    De A en B categorie vormen samen een peloton van twintig renners, maar sprinten wel apart af. Om eens te kijken hoe de wind staat probeer ik het twee ronden lang alleen. Deze keer rijden we de klim over de steile witte klinkers op het einde. Verschil maken op de helling gaat goed en ik loop 150 meter uit. Op de vlakke bovenring staat echter te veel wind om alleen weg te blijven. Ik word eenvoudig ingelopen en neem plaats halverwege het peloton om mee te kunnen glippen met andere uitvallen. Na te hebben meegedaan aan de verkeerde tussensprint, eindig ik toch als tweede bij die van de A’s.

    Met een topsnelheid van 67 km/u heb ik nog voldoende vaart om de uitloper te achterhalen en trap door. Het peloton sluit de rijen. De twee sprints hebben de nodige energie gekost, zodat ik niet kan aanpikken bij een kopgroep van drie man, die snel voorsprong neemt. Slag gemist? Het lijkt er wel op. Zorgen dat de koers niet op slot gaat. Gelukkig hoef ik niet in mijn eentje te achtervolgen en kan zelfs aansluiten bij twee overstekers die het gat in een wonderbaarlijk rap tempo dicht trappen. Zo kom ik net als dinsdag op Papendal terecht in sterke en ruime kopgroep van wegrijders en overstekers.

    Omdat de kopgroep deze keer enkel uit A renners bestaat heeft het afsprinten van de B’s weinig invloed op de finale. Met zijn zessen rijden we de laatste ronde in met daarbij drie man van de thuisvereniging. Een andere coureur plaatst de aanval op de laatste klim. Vlak voor de top haal ik hem in en plaats die van mij. Door de wind op de bovenring slaag ik er niet in om voldoende weg te rijden, maar niet de hele kopgroep komt terug. In de sprint kan ik nog een van de twee tegenaanvallers kloppen met een topsnelheid van 71 km/u en een gemiddelde van 42 km/u. In de korte week heb ik 16 BEL kunn

  • Nedereindse Berg

    13 en 14 april 2013 – Nieuwegein

    Omwille van de logistiek rijd ik deze zaterdag de doorlopende zomercompetitie op de Nedereindseberg, prima toegankelijk met een KNWU ledenkaart, WFN of NTB licentie. De ingehaalde BWF wedstrijd Rijsbergen Oekel op zondag komt daarmee voor mij te vervallen. Geen handschoenen, muts en overschoenen, wel been- en armstukken. Hoe hoger de temperatuur, des te harder krimpt de was. Veertien graden, veel wind en elke ronde een klim van achttien meter hoog.

    De A en B categorie starten tegelijk met een neutrale ronde. In de tweede omloop snijd ik de Nedereindse kunstheuvel als eerste aan en trek door, met als gevolg dat we al vroeg in de wedstrijd met drie man aan de slag kunnen. Gezien de grotere trainingsomvang van afgelopen week (22 BEL) iets om te proberen. Een lid van de kopgroep kan enkel aanpikken, de andere gaat snoeihard en ik zit er zo’n beetje tussenin. Gelukkig haalt de vluchtkapitein nog een overstekende ploeggenoot op en sluit weer aan bij de kop.

    Met vier man lopen we steeds verder uit op het peloton. Af en toe sla ik een beurt over, die wordt opgevuld door de aanpikker. De vluchtkapitein en zijn ploeggenoot doen het meeste werk. Soms ontstaat er een breuk in het kwartet, maar al vrij snel zijn we helemaal uit zicht. In de finale kom ik erachter dat alle drie mijn vluchtgenoten tot dezelfde vereniging behoren. Ze gaan om en om aan. De eerste aanvallen kan ik nog pareren, maar uiteindelijk kom ik geroosterd als vierde over de finish.

    Omdat het zondag mooi weer belooft te worden, trek ik nogmaals naar de Nedereindseberg. De wegen zijn echter nat en het parcours ook?! Mhm, Ik heb vandaag toch echt alleen een snelpak bij me. Net als gisteren vertrekken we met een peloton van ongeveer 25 man en dezelfde renner formeert snel een kopgroep van vijf, waar ik bij zit. Nu zit ik niet met drie, maar met vier van dezelfde kleur. Daarom besluit ik schrikkelkopbeurten te doen om nog wat jus te hebben voor de barbecue van straks.

    De vluchtkapitein blijft aandringen en rijdt twee vluchters eraf, waarna hij helaas zelf ook verdwijnt met een lekke band? Hierdoor komen we als duo voorop te de rijden. Mijn vluchtgenoot zegt dat we gewoon moeten doortrappen, want misschien valt het achter ons wel uit elkaar. Goed samenwerkend blijven we inderdaad alsnog vooruit en kunnen gaan sprinten voor de overwinning. In de laatste bocht zet ik als eerste aan, haal 60,7 km/u en word overlopen. Wel een tweede plaats. BEL-training blijkt krachtduurtraining.

    De eerste contouren van de verschillen in trainingsroutes beginnen zich langzaam af te tekenen. De twee afgelopen jaren reed ik met trainingsmaat Bram namelijk vaak de specifieke sprinttraining Prins Interval: veel korte steile hellingen van 100 tot 300 meter lengte. Op bijna elke helling werd er wel een sprintje uitgeperst, gevolgd door een rustpauze. Door de langere hellingen van de generieke BEL-routes is de inspanning dit jaar meer continu. Het effect op het sprintvermogen is in onderzoek.

    Naast de gewijzigde trainingsroutes zijn er nog andere verschillen in vergelijking met de afgelopen twee jaar. Mijn ‘ergo’ stuur heb ik bijvoorbeeld vervangen door een ‘compact’ stuur, wat minder geschikt is om te sprinten. De sprint zelf rijd ik in de kopgroep i.p.v. het peloton en tijdens de wedstrijd gebruik ik geen suikers meer, enkel water. Waar ik eerst van november tot maart samen met Bram aan zwemtraining deed, reed ik deze winter buiten rond. Het prestatievermogen lijkt nu gelijkmatiger te zijn geworden.

    • Nedereindse Berg, bron: Mijn Album / N.N.
    • Nedereindse Berg, bron: Mijn Album / N.N.
  • Nedereindse Berg

    9 maart 2013 – Nieuwegein

    Met tien centimeter sneeuw en een vriesweek in aantocht lijkt het mij verstandiger de laatste trainingsrit in Oss op zondag te vervangen door de zaterdagkoers op de Nedereindse Berg in Nieuwegein. Nooit gedacht dat ik vijf graden en urenlange regen als ‘beter weer’ zou beschouwen. Weer wat geleerd. De afgelopen week was een heuse tractatie met een aantal dagen van vijftien graden. Prima trainen dus met een klimkracht van 17 BEL. Bram had zijn fiets van stal gehaald en draaide een aantal dagen mee.

    Stipt om een uur staan 13 renners klaar om aan de slag te gaan in waterwereld. Alle klassen rijden vandaag samen. Direct in de tweede ronde plaatste ik een tempoversnelling, kwam even los en werd bijgehaald. Na een latere trekstoot brak de groep in twee stukken met zes man in het voorste deel. Een coureur viel al vrij snel af, waardoor we met een vijftal, elkaar aanvallend, na een half uur de andere groep weer achterop reden. Ook ik heb het drie ronden lang alleen geprobeerd.

    Niet lang na de aansluiting reden we weer met zes man voorop. In de finale plaatste ik een uitval, waarna de latere winnaar overstak. Even wachten en vol gas tegen de wind in om het verschil te maken. Goed samenwerkend kregen we 400 meter voorsprong. Na het afsprinten van de B’s probeerde een renner de jump te maken en kwam dichterbij. Een gezamenlijke tempoversnelling resulteerde in een sprint met twee. Zonder risico naast elkaar gestart was hij duidelijk de snelste na 50 kilometer kleumen.

  • Nedereindse Berg

    10 november 2012 – Nieuwegein

    Het kan dan november zijn, koud is het niet, wel somber en miezerig. De afgelopen twee zaterdagen heb ik niet gereden, maar ondanks de stil gelegde stoomreactor, heb ik doordeweeks op de verlichte hellingen van de Nijmeegse straatlichtring bladvrij kunnen trainen. De plaatselijke reguliere club is opgeheven en op het wielerparcours wordt voornamelijk met verfpistolen geschoten. Wat nog altijd meevalt gezien de lokale drama’s met geestelijke en wereldlijke gezagsdragers.

    Hoe dan ook ben ik blij om te gast te mogen zijn op de Nedereindseberg. De koffie is warm, de cola is koud en de douches zijn weer actief. Wel is het zaak om in Nijmegen bij te dragen aan wedstrijdmogelijkheden. Maar dit terzijde. Terwijl de linten van de veldrijwedstrijd nog werden weggehaald, stond de jongste deelnemer al met helm en overschoenen klaar om zijn hardrijkunsten te vertonen. Dit heeft iedereen die meereed geweten.

    Het leuke aan trainingswedstrijden vind ik dat je met allerlei soorten renners door elkaar rijdt. In de A categorie zijn dit junioren, beloften, elite en (master) amateurs. Zo sprak ik in de kleedkamer een coureur die nu al in opbouw is met twee volle werkdagen per week aan training. Je moet het maar aankunnen. Het zaterdagmiddagpeloton ging rap van start. Ik merkte al vrij snel dat het mij vandaag niet ging lukken om weg te komen.

    Na een half uur koers ontstond er wel een kansrijke kopgroep, waar ik bij had moeten zitten. Op kop dus in de achtervolging. Op het stuk wind tegen vroeg ik om steun, die ik later kreeg van een renner die op zijn crosser meedeed. Gelukkig konden we na zijn kopwerk met het peloton aansluiten bij de koplopers. Het tempo viel even weg en de latere uitlooppogingen werden tot de laatste ronden stuk voor stuk in de kiem gesmoord.

    In de finale kwam ik, na zittend versnellen op de koffiemolen, met twee renners voorop te rijden. De latere winnaar maakte van de aanzet gebruik om een gat met het peloton te slaan. Ik zei dat ik mee zou draaien. Vanaf de kant werd geroepen om door te gaan, wat we deden. Een renner maakte nog knap in zijn eentje de oversteek, waardoor we met vier man de laatste ronde ingingen, op de hielen gezeten door de achtervolgers.

    De duurrenner in opbouw plaatste halverwege een slotaanval, ik kon mee in zijn wiel. Toen hij op driekwart onverwacht stilviel, had ik of over moeten nemen, of zelf aan moeten gaan, maar in ieder geval om moeten kijken. Alles kwam namelijk terug. Bij het counteren van een andere slotaanval werd ik aldus terecht overlopen in de sprint door de man die het gat in eerste instantie al sloeg. Gemiddeld: 40 km/u en max: 65,8 km/u.

    20 oktober 2012 – Nieuwegein

    Alhoewel de aarde niet meer warmer is geworden sinds 1997, leek het daar vandaag wel op. Na het koude natte weer van de afgelopen weken bleek het met 17 graden tijd voor een achtergestelde droge zachte nazomerdag. De eerste cyclocrossen zijn alweer verreden en aan het wielerseizoen komt binnen tien dagen een einde. Naast blubber en noppenbanden is een minder bekend kenmerk van veldrijden dat er normaal geen verzorging is toegestaan tijdens de koers. Met andere woorden: de renners worden geacht de cross uit te rijden met de voeding en drank die ze voor de start hebben genuttigd. No finish bottles.

    Sinds de Romeinse tijd is het magnetische veld van de aarde met 35 procent in kracht afgenomen en laatst werd geopperd dat een zogenaamde ‘polar shift’ sneller verloopt en meer recentelijk is voorgekomen dan eerder gedacht. Wat mij zelf is opgevallen is dat de seizoenen iets verschoven lijken te zijn, waardoor de herfst warmer is en voor mij prima geschikt om te wielrennen. Bij het veel intensievere veldrijden zou ik nu ontploffen van de warmte. De cyclocrossprofs mogen daarom in warme omstandigheden, 20 graden, in ieder geval drank aannemen. Voeding kun je plannen, vochtverlies veel moeilijker.

    Normaal rijd ik altijd met oranje powerranja. Laat ik net zoals vorige week eens alleen op water fietsen. De najaarskoersen op de Nedereindseberg duren nooit langer dan 75 minuten. Ben benieuwd. Het nadeel van sportsuikerwater is namelijk dat als je eraan begint, je continu moet blijven gebruiken, omdat je anders een dip krijgt. Mhm, niet slecht bedacht van de fabrikant en nog legaal ook. Ergens zal echter de streep getrokken moeten worden. Dat ongebreideld bijlenen in plaats van aflossen tot stilstand leidt, merken we nu allemaal. Het gevaar van roofbouw. Tijd voor Auping om in te stappen, de Tour win je in je bed.

    Alles valt uiteindelijk ten prooi aan de zwaartekracht. Aan deze voorspelbaarheid kleven ook voordelen. Naast dat deze prima uit te rekenen is, is deze ook nog eens universeel en constant. De laatste weken heb ik de focus van wekelijkse trainingsuren verder verlegd naar wekelijks overwonnen eenheden zwaartekracht: KBN punten. Ingebed in mijn dagelijkse bezigheden beklim ik zo in Nijmegen elke week in kleine stukjes daglichtonafhankelijk het equivalent van een halve tot een hele Alpe d’Huez. Trainingsmaat Bram doet elke zeven dagen een derde tot een halve, met een tweede Stravaplaats op de Boterberg als resultaat.

    Op de Nedereindseberg staan vandaag een stuk meer coureurs aan de start dan vorige week. Best een mooi peloton voor eind oktober. Sommigen hebben er zelfs al een cyclocrosstrainingswedstrijd opzitten. Er wordt onderlangs gekoerst, een uur en daarna afsprinten per categorie. Vanaf de Nedereindseplas staat nog dezelfde wind, die later draait naar de achterkant. Na het dichten van enkele gaten kom ik al relatief snel terecht in een kopgroep van vijf man. Het oversteken van de sterkste renner blijkt beslissend. Toch moet er hard gewerkt worden om echt weg te komen. Trappen dus.

    Ik kies de stukken met tegenwind om mijn bijdrage te leveren aan het uitdiepen van het gat met de achtervolgers. De latere winnaar spoort zijn medevluchters aan. De voorsprong wordt groter, maar we zijn nog niet helemaal weg. Bij een aantal tempoversnellingen om definitief weg te komen valt de kopgroep uiteen en blijf ik met een renner uit de A en een renner uit de B categorie over. Als we weg blijven is laatstgenoemde zeker van winst. We blijven weg. Aan mijn limiet was ik niet meer bij machte om mijn sterkere cat. A vluchtgenoot nog partij te bieden in de sprint. Kopgroep, tweede plaats, zeer tevreden bij gemiddeld 42 km/u.

    13 oktober 2012 – Nieuwegein

    Ja, het is herfst, net zoals elk jaar. Dit betekent vroeg donker, maar ook koeler, waardoor je veel minder snel oververhit raakt. Ideaal is een temperatuur tussen de 11 en 18 graden. Dat is nu! Jawel, die halfjaarlijkse duisternis is op te lossen met straat- en fietsverlichting. Het afgegeven licht van de koplampen van passerende voertuigen kun je recyclen met reflectie. Wel zo duurzaam. Als je een veiligheidsvest tevens laat bedrukken met glitterletters verzorgt de ontvanger feitelijk zijn of haar eigen lichtreclame. De motivatie op peil houden kun je regelen door met zijn tweeën te trainen.

    Vorige week stond nattigheid op het menu, waardoor ik die koers heb overgeslagen, terwijl deze achteraf droog was. Vandaag zou het volgens de voorspelling pas later op de middag gaan regenen. Toch kwam om half een het water al met bakken uit de hemel zeilen. De vrijwilligers van de Nedereindseberg waren trouw op hun post, maar waar waren de renners? Het zal toch niet? Gelukkig had de stortbui er na een half uur genoeg van, zodat een minipeloton van start kon voor een uur koers onderlangs (1400 m). Met arm- en beenstukken, ondershirt en herfsthandschoenen moest dit met 10 graden te doen zijn.

    Na een rustige beginronde steeg het tempo langzaam. Met een paar renners is het altijd goed trainen, omdat je automatisch meer op kop komt. Eigenlijk was de situatie te vergelijken met het rijden in een kopgroep, alleen zonder druk van achteruit. Door de stevige wind voor en in de laatste bocht langs de Nedereindseplas, lag het zwaartepunt van de ronde daar. Geen klim vandaag. Toen ik in deze bocht zittend doortrok viel een gat met de overige renners. Aangekomen op het licht oplopende stuk na de finish bleek het gat groter geworden. Normaal val ik altijd terug in zo’n situatie.

    Door de hogere snelheid in een groter peloton rijd ik meestal zwaarder 55×14 en 55×15, maar nu werd het 55×17 of 55×16. Het was zaak de boel niet onnodig op te blazen en tegelijkertijd te kijken waar het schip zou stranden. In het begin zette ik wel fors aan om het gat uit te diepen. De eerste ronden kon ik mijn achtervolgers nog zien, maar later reed ik zonder referentie. In je eentje heb je veel meer last van de wind dan in een groep, dus maakte ik werk van de aerodynamica. Ik rijd standaard met hoge velgen met platte spaken en een aerovork. Daarnaast draag ik een snelpak en windoverschoenen.

    Deze setup kwam nu goed van pas. Na 20 minuten alleen rijden kreeg ik het lastig. Door veel te trainen op de onregelmatige hellingen van de Nijmeegse stuwwal, had ik wel voldoende handvatten om lastige stukken te dempen en eenvoudiger stukken uit te buiten. Zo ging ik steeds regelmatiger rijden waardoor de voorsprong toenam. Met 35 eenzame minuten op de klok zag ik de achtervolgers nu voor me. Dit ging ik niet meer afgeven en liep verder in. Na 50 minuten koers konden zij afsprinten en ik aan mijn laatste ronde beginnen. Gewonnen, met een gemiddelde van 38,2 km/u en een maximum van 47,0 km/u. Tweede “winst” dit jaar, maar mijn eerste ooit zonder frommelsprint.

    22 september 2012 – Nieuwegein

    De laatste reguliere zaterdagmiddagwedstrijd op de Nedereindseberg is een feit. Gelukkig wordt daar deze herfst gewoon doorgefietst, zodat ik ook in oktober en november wekelijks kan racen op de weg. Veldrijden heb ik geprobeerd, erg leuk, maar te technisch en veel benodigd materiaal. Een groot peloton aan de start waaronder een klein segment uit de A categorie.

    Omdat een overtrekkende regenbui het parcours nat had achtergelaten werd afgesproken om de eerste ronden voorzichtig te rijden. Iedereen hield zich hieraan. Veel coureurs hadden arm- en beenstukken aan, goed idee. De stevige wind kende af en toe uitschieters, waardoor het achter op het parcours oppassen was in de bochten. Eenmaal werd mijn platte spaken wiel bijna gegrepen tijdens een bocht, *eek*!

    Bijna de hele wedstrijd heb ik me bezig gehouden met het zonder aanzien des persoons achterhalen van uitlopers. Dit gebeurde meestal met een zogenaamde ‘jump’ of ‘sprong’. Het opgevoerde aantal (kbn) heuvelpunten per week heeft klaarblijkelijk geresulteerd in een toegenomen explosiviteit. Hiermee kan ik gedurende korte tijd extra vermogen genereren en staand versnellen op 55×12 of 55×11. Goed om te weten.

    Als selectievoetballer was ik mandekker en blijkbaar is de ombouw niet helemaal geslaagd. Na het succesvol achterhalen van een aanvaller, bleef ik meestal in het wiel plakken. Zo heb ik bij veel aanvallers aangehaakt. Toch kan deze taktiek helpen als je later oversteekt naar een reeds ontstane kopgroep. Naarmate de koers vorderde werd de baan droger en ging het tempo omhoog, waardoor het peloton in twee stukken brak.

    Na het afsprinten van het grootste deel van het overgebleven B peloton werd het met zeven overgebleven A renners tijd voor de finale. Tweemaal kon ik een forse uitlooppoging neutraliseren en bij de tweede bijhaalpoging vielen drie coureurs af. Met vier man de laatste ronde in. Na nog een laatste neutralisatie bereidde ik de sprint voor. Rustig de laatste bocht door en met een max van 69,3 km/u als vierde gefinished. Gemiddelde 40,3 km/u. Tevreden.

    1 september 2012 – Nieuwegein

    Op deze prachtige eerste najaarsdag is het parcours van de kunstmatige 18 meter hoge Nedereindseberg het decor voor het Open Kampioenschap van Utrecht, georganiseerd door UW&TC De Volharding. Er wordt gestart in drie klassen. Met mijn WFN Amateur A licentie mag ik aanschuiven in de A klasse bij de Elite, Beloften, Junioren en Amateurs voor een koers van 70 kilometer.

    De roodblauwe pakken van de thuisvereniging zijn ruim aanwezig. De eerste ronde verloopt traditioneel rustig. Gezien het startveld verwacht ik een open koers met veel opeenvolgende aanvallen. Laat ik zelf dan maar beginnen. Zo rijd ik twee ronden alleen, voordat ik ingelopen wordt door het peloton. Na een bocht demarreer ik nog een keer alleen, ‘gewoon omdat het kan’, wat zoiets betekent als bij voorbaat kansloos.

    Later spring ik een aantal keer mee met frequente uitlooppogingen, maar geen enkele houdt lang stand. Wanneer twee renners eindelijk ontsnappen en een behoorlijk eind uitlopen volgt een lange achtervolging op hoge snelheid. Gelukkig kan ik relatief eenvoudig volgen en de koplopers worden ingerekend. Oppassen nu, de beslissende ontsnapping staat nu waarschijnlijk op stapel. Een breuk wil ik bijzitten een kopgroep niet.

    Als de voorste vijf coureurs tegen de heuveltop ongenadig versnellen blijf ik te lang in het wiel van de zesde renner die vertraagt. Had beter moeten opletten. De kopgroep van vijf en later vier met de latere winnaar trok vol door. De vraag is wel of ik er aan had weten te blijven bungelen, overnemen nauwelijks, maar dat had ik dus te weten kunnen komen. Een serieuze achtervolging kwam nooit op gang. Fietsen voor plaats vijf dus.

    Vanuit het peloton vonden diverse felle uitvalpogingen plaats, waarvan ik een deel staand op 55×11 kon neutraliseren. Dat ging dan wel weer goed. De Prins Interval en LoperKoning trainingen hebben een hoog rendement op dit parcours. Op de helling kwam ik nooit in de problemen. In de laatste ronde moest ik mij op deze klim vlak langs een renner wurmen, maar het ging goed. Toch niet meer doen. Trok de sprint van de achtervolgers aan. Met een topsnelheid van 69 km/u kwamen er slechts twee langs, 7e plaats van de 17 starters.

    18 augustus 2012 – Nieuwegein

    Waar de term ‘stiekem trainen’ exact vandaan komt weet ik niet. Hij wordt in ieder geval gebezigd door de illustere trainer van de NSWV Mercurius en schrijver van handige artikelen over trainen in de winter en trainen voor forensen. Stiekem trainen is leuk, maar stiekem koersen vind ik nog leuker. Ondanks de angstaanjagende krantenkoppen over nooit eerder vertoonde zomerhitte, besloot ik dat het gewoon een keer mooi weer was. Afgelopen woensdag heb ik de zomeravondcompetitie in Breda overgeslagen wegens naderend onweer. Ze kunnen me wat, ik ga fietsen.

    Op het parcours van de Nedereindseberg wordt door WV Het Stadion, UW & TC De Volharding en USWV de Domrenner gezamenlijk op dinsdag, donderdag, zaterdag en zondag een competitie georganiseerd. De weekendwedstrijden gaan zelfs na de sluiting van het wielerseizoen door. Voor vier euro en in het bezit van chip, kan ik probleemloos starten met mijn WFN licentie. Met ongeveer 33 graden en harde wind van de Nedereindseplas, gaat toch een peloton van ongeveer 20 renners van start. Mhm, ben dus niet de enige gek die op een dag als vandaag, 50 kilometer met een gemiddelde snelheid van 41,5 km/u wil afleggen.

    De eerste ronde wordt nog rustig gereden, maar dit houden wielrenners met rugnummers echt niet lang vol. Was zelf een van de eersten die het niet laten kon. Er ontstond dus een kleine kopgroep waar ik bij zat. We werden echter na een aantal ronden bijgehaald. Na wat schermutselingen en om-en-om aanvallen van de ruim aanwezige renners van een van de organiserende verenigingen, zat ik in een nieuw gevormde kopgroep. De latere winnaar ontsnapte ook nog uit deze groep, ging alleen op pad en liep uit. Gelukkig hield hij het na een forse solo zelf voor gezien, waardoor ik het gat kon dichten.

    Hernieuwde schermutselingen, waardoor ik met twee renners van dezelfde club, waaronder de eerdere solist voorop kwam. Kon wel meekomen, echter overnemen deed ik voor de helft. Maakte mijn kopgroepgenoten duidelijk dat ze me ‘maar eraf’ moesten zien te rijden. Omdat een renner in een andere categorie reed, mocht hij eerder afsprinten, waardoor ik alleen met de solist overbleef. Ging naast hem rijden en gaf aan dat ik alleen nog maar kon sprinten. Op het scherpst van de snede met deze temperatuur maximaal finale rijden, mhm waarom? Zo kon het dat twee renners doorreden, terwijl de jury al naar binnen was!

    Ben toch blij dat het zo is afgelopen, want als de finale wel op het scherpst van snede verlopen was, had hij mij net zo lang op het rooster gelegd, tot ik zou breken. Dat was hem zeker ook gelukt, de vraag was alleen hoe lang het zou duren. Tevreden met een tweede plaats in een verstandige koers. Na de wedstrijd nog even nagepraat, nice. Met een heuvel, wind en lopende bochten zijn de zaterdagmiddagwedstrijden op dit parcours een prima optie na het stoppen van de reguliere wielerkalender half september.