Tag: nijmegen-wielrennen-gelderland

Wielrennen in Nijmegen, Gelderland

  • Bike Challenge Giro Gelderland

    14 maart 2016 – Nijmegen

    In het kader van de Giro Gelderland organiseert de Stevensloop als side-event een korte tijdrit van 400 meter op de Voerweg in het centrum van Nijmegen. Dit wordt sprinten tegen de Strava mannen tussen de St. Nikolaaskapel en de Belvedere door. Tot aan 5 januari, toen de regen begon, heb ik structureel kunnen trainen op de Nachtslot routes, maar daarna werd het ronduit onregelmatig. De tijd heb ik gebruikt om een aantal, afgelopen jaren opgemerkte, fenomenen, zoals klimspanning, te verklaren in het Opbergmodel. Trainen in de heuvels van Nederland. Van de week een aantal keer de route Bruurweg ’16 verlegd door, in plaats van de Grotestraat en Lindenberg, de Voerweg te bestijgen. Dit wordt de kleine 42T plaat, zeker als een pijnlijk koude-windoor zich donderdag aandient. Binnen foute ansichtkaarten tekenen dan maar, totdat het wegtrekt. Omdat de zon schittert en het kort is, van start gegaan. Gemiddeld 37 km/u op 4 seconden van de winnaar.

    • Bike Challenge Giro Gelderland
    • Beklimming Voerweg: 3-4-4-4-4-3 %
    • Belvédère, Geertruidsberg, Nijmegen
    • Sint Nicolaaskapel, Slotberg, Nijmegen
  • Lindenholt

    6 juni 2012 – Nijmegen

    Intussen is het zomer geworden en het is tijd voor de laatste Lindenholt Trainingswedstrijd, althans in het voorjaar. Er zijn namelijk plannen van NSWV Mercurius om vanaf eind augustus weer een serie te organiseren, een najaarscompetitie. Deze serie sluit mooi aan op de dinsdagavond competitie op Papendal, welke eind augustus afloopt. Helemaal mooi zou een ONK, begin oktober, zijn, een Open Nijmeegs Kampioenschap. De Nijmeegse openbare weg kent talrijke straatrenners, maar het officiële wielerparcours weinig wielrenners.

    In de laatste koers maken vier kandidaten nog kans op een podiumplaats in het regelmatigheidsklassement van de tiendelige Lindenholt competitie. Zelf sta ik derde met acht punten voorsprong op de nummer vier, maar ook op negen en vier punten achterstand op de nummers een en twee. Omdat mijn achtervolger waarschijnlijk de overwinning mee naar huis gaat nemen, heb ik in ieder geval drie punten nodig om mijn klassering zeker te stellen.

    Dit betekent dat ik zowiezo niet lek mag rijden, wat ik al twee keer gedaan heb. Voor de start hoor ik dat nummer twee afgelopen maandag zijn shifter gemold heeft en dat nummer een vrijdag een schuiver heeft gemaakt. Zeker van een podiumplaats, is de eerstgenoemde als toeschouwer aanwezig in zijn doordeweekse outfit met dito bril. Hoewel ik er drie Prins Interval trainingen op heb zitten, zijn mijn eigen bovenbenen nog in de war van de Zwitserloot Dakrun van afgelopen zondag.

    De koers komt rustig op gang met wat losse ontsnappingen. Zelf houd ik het vandaag bij meerijden. Als ik echter tegen de zestig kilometer per uur een geslagen gat dichtrijd, blijkt dat ook een dikke 8-speed ketting open gereden kan worden. Gelukkig voel ik de naar buiten gebogen schakel tikken in mijn derailleur. Ik zie nog niets en blijf in het zadel kijken tot ik de boosdoener ontwaar. Snel naar de kant om met een kettingpons de schakel te verwijderen.

    Tijdens het aanpikken, merk ik dat mijn stuur heel anatomisch naar boven en beneden beweegt. Blijkbaar heb ik ook nog te hard aan mijn stuur getrokken toen ik het gat dichtreed en zit het nu los in de klemming. Het peloton breekt tegelijkertijd in twee stukken. Op gedwongen souplesse krijg ik aansluiting bij het voorste deel. Naast op je fiets blijven zitten, is je fiets heel laten een belangrijke feature om een goed klassement te rijden. Uit de voorste groep ontsnappen twee renners.

    In het laatste wiel van de tweede groep neem ik voorzichtig de bochten. Waarschijnlijk is mijn stuur iets ingedeukt door het stuiteren over een richel in het parkoers. Tijd voor een nieuwe. In de slotronde sprint ik als derde van de groep al zittend naar een vijfde plaats. Dit blijkt voldoende voor een tweede plek in het eindklassement. Met een overwinning, een zestal regenkoersen en driemaal materiaalpech kan ik niet anders dan tevreden zijn. Organisatie, jury en renners bedankt.

    30 mei 2012 – Nijmegen

    Na vorige week, toen de straten van Groesbeek blank stonden en het diepe Hoenderdal in het centrum bedeeld was met een waterlaag van 20 centimeter, was het vandaag een prachtige zomercompetitie avond met 20 graden. Zelfs vorige week waren er vier, allen masters, present, welke ik bij deze voordraag voor de blauwe poncho. De Lindenholt klassementsleider en kersverse districtskampioen liep tot aan zijn trapas vast in de watermassa. Zo niet vandaag.

    Met de Kasteelronde van Wijchen op zondag en het DK Zuid-Oost in Tilburg-Reeshof op maandag in de benen sta ik aan de start van de 9e Lindenholt Trainingswedstrijd. De bedoeling is om anderhalf uur en drie ronden te rijden. Dit betekent in de praktijk een koers van 65 kilometer. Na in het begin een aantal uitvallen geneutraliseerd te hebben kom ik terecht in een kopgroep van vijf. Als iedereen meedraait is de kans om weg te blijven groot.

    Zelf slaag ik er niet in om een bijdrage te leveren en blijf er een beetje aan plakken. Omdat ik mijn schoenen te strak heb aangetrokken, krijg ik al na een half uur koers kramp in mijn linkervoet, lekker dan. Klitteband losser en afwachten maar. Gelukkig trekt de kramp weer weg, maar ik weet genoeg. Drie wedstrijden in een week is voor een opgevoerde trimmer met eindschot als ik te hoog gegrepen. Zeker bij Spaanse temperaturen, waar ik zowiezo niet van houd als omgebouwde voetballer.

    De kopgroep werd mede door mijn knip en plak werkzaamheden terug gepakt. Na deelgenomen te hebben aan een nieuwe ontsnapping, welke geneutraliseerd werd, kreeg de beslissende vorm met drie renners. Met 55×13 plafonneerde ik terwijl ik erheen reed. Vanuit mijn wiel kon een achtervolgende renner gelukkig nog wel profiteren en sloot aan. Das pech, kopgroep weg. En nu? Een aantal ronden recupereren in het laatste wiel van het achtervolgende peloton met af en toe een lange kopbeurt.

    Tijd voor de finale waarin ik mij had voorgenomen de klassements meubelen te redden met een goede eindsprint voor de vijfde plaats. Met een halve ronde te gaan kwam ik al op kop. Mhm… de enige mogelijkheid was om de snelheid hoog genoeg te houden tot de laatste bocht, geen ruimte te laten om in te halen en direct een jump te plaatsen. Waar ik dit eerder meestal fout deed, lukte dit nu wel (5e), mede omdat er op Lindenholt netjes gereden en niet gesneden wordt. Gemiddelde snelheid 40 km/u, maximum snelheid 62 km/u.

    16 mei 2012 – Nijmegen

    Na twee keer een lekke band,  vandaag niet lek. Na vijf keer een nat parcours, vandaag droog. Na zes weken met winterzon, vandaag mei zon. Met 13 graden is de temperatuur niet hoog en er staat een stevige wind, maar de lucht is helder, schoon en aangenaam. Toen ik nog voetbal speelde vond ik dit weer het beste. Als het warmer wordt dan 18 graden kost het afvoeren van lichaamswarmte extra energie en als het kouder is dan 8 graden andersom. Bijna elke aanfietsende renner verbaasde zich over het weer. Optimisme alom.

    De twee hoogst geklasseerde renners in het Lindenholt klassement zijn weer aanwezig. Net als de sprintende winnaar van de twee vorige edities. De nummer drie van het klassement heeft helaas zijn sleutelbeen gebroken in een eenzijdig verkeersincident. Hij is geopereerd. De wedstrijd gaat van start in gesloten formatie. In de finishstraat staat de wind in de rug en op het lange rechte stuk na de parcoursheuvel op kop. Geen enkele renner, of groepje renners slaagt er in goed weg te komen. Zelfs de alleen aankomende winnaar van de Kasteelronde van Mill en klassementsleider op Lindenholt niet.

    Na mijn klapbanden in de bochten de afgelopen twee weken zit ik met samengeknepen billen op de fiets. Bij de minste of geringste trilling denk ik dat het weer zover is. Dit resulteert in bochtenwerk, waar zelfs een kapitein van een olietanker voor bedankt. Optrekken op de rechte stukken gaat echter als een speer. Met een aantal aanvallen probeer ik het peloton uit te dunnen, en/of een breuk te forceren. Loskomen lukt prima en een keer rijd ik twee ronden vooruit voor ik mij in laat lopen.

    In de finale slagen de nummer een en twee van het klassement er wel in een breuk te forceren. Ik zit mee met nog drie a vier anderen. In de laatste ronde neem ik vlak na de parcoursheuvel nog eenmaal over en geef af. Na een slotaanval van de nummer een en twee kom ik toch weer op kop en beloof de sprint aan te trekken. Bij het uitkomen van de laatste bocht zet ik op 55×12 aan. Ik zie geen schaduwen op het asfalt. Niemand in mijn wiel dus. Ik trek door. Aan mijn linkerkant zie ik de schaduw van de sprintwinnaar van de twee vorige edities opdoemen, maar ook de eindstreep en die komt sneller dan hij. Gewonnen! Zeer tevreden.

    9 mei 2012 – Nijmegen

    Wielrennen is vooruit kijken. Twee weken geleden stond ik al na een aantal ronden aan de kant met een gebarsten achtervelg, althans dat dacht ik. Na vandaag is de werkelijke oorzaak glashelder. Vorige week werd er niet gereden op Lindenholt vanwege de meivakantie. Vandaag is dus de eerste wedstrijd in 3 weken tijd, waarin ik naast een nieuwe wielset, ook de beschikking heb gekregen over een nieuwe set trainingsroutes. Buienradar geeft een hoosbui aan om 18.00 uur, die de straten blank zet. Regenpak en overschoenen en op weg. Daarna wordt het droog.

    Aan de start staan veel renners van de organiserende vereniging, maar de mannen die het hoogst staan in het klassement zijn afwezig. Het parcours is nog nat van de hoosbui, maar redelijk berijdbaar. Op voor 1:15 uur en drie ronden wedstrijd. Niemand slaagt echt om weg te komen aan de voorkant. De uitdaging van vandaag is om geen lekke band te krijgen. Bijna de helft van het peloton slaagt hier niet in. De wielerbaan op Lindenholt wordt ook voor andere doeleinden gebruikt en hierbij sneuvelt vrees ik nog wel eens een wijn- bier- of shotjesglas tijdens een gelag.

    Ik zelf nam vier ronden voor het einde de laatste lekke band voor mijn rekening. Tijdens het aansnijden van een bocht schoot mijn voorwiel weg. Das wat, band plat. “Lek!”. In het naar buiten sturen richting berm nam ik bijna een renner mee, die buitenom kwam i.p.v. binnendoor. Hiervoor mijn excuses. Omdat hij stuurvaster is dan ik, liep niet alleen mijn band goed af. De wekelijks aanwezige juryleden schoten mij te hulp met een geleend voorwiel, zodat ik de wedstrijd alsnog glashard uit kon rijden met een ronde achterstand. Bedankt!

    Na het retourneren van het geleende wiel, was ik wel benieuwd wat de platte band had veroorzaakt. Een forse glassscherf afkomstig van een gebroken drankglas of drankfles had de sterke zijwang (liever hij dan ik) van mijn vouwband doorboord en finaal gescheurd. Festivalglazen zijn niet voor niets uitgevonden en evenementenbier ook niet. Drank en schietoefeningen zijn zowiezo een slechte combinatie en hoeven in mijn ogen niet van overheidswege gestimuleerd of gedoogd te worden. Sport wel.

    Na de finish stak ik snel een nieuwe binnenband, terwijl de jury en een paar renners op mij wachtten. Het jurylid wat mij een wiel had geleend bood zelfs een lift aan! Dit was niet nodig, maar heel erg bedankt. De gemiddelde snelheid bedroeg 40,1 km/u en de maximumsnelheid was 55,6 km/u. Nog nooit heb ik trouwens een renner bergop over een eend zien rijden, waarna de eend wegliep en hij ongehinderd doorreed. Ondanks de lekke banden is er niemand gevallen. Volgende week weer, beter, en beter weer. Vaste prik, want niet geschoten is altijd mis!

    25 april 2012 – Nijmegen

    Dat april kouder is dan maart komt niet vaak voor. Dat de regio Nijmegen, met bijna 80 mm regen in 3 weken, de natste plaats is van Nederland ook niet. Met pech uit de wedstrijd moeten stappen, is mij nog nooit overkomen, nu dus wel. In de tweede ronde voelde ik mijn achterwiel wegglijden in de achterste bocht van het Lindenholt parcours. Met een lekke band, veroorzaakt door een doorgeremde achtervelg, was ik gedwongen de strijd te staken. Das pech, klassement weg, maar wat een geluk, alleen een velg stuk!

    Wat ik wel heb kunnen doen, is het opmeten van de parcoursheuvel. Over 40 meter is het hoogteverschil 3,5 meter, het stijgingspercentage is dus 8,75 %. Invullen in de KBN formule levert 61 KBN op. Bij een wedstrijd op Lindenholt krijg je in 30 ronden (45 kilometer) 1830 KBN voor de wielen. Als je alle 10 Lindenholt trainingswedstrijden meedoet krijg je, wat klimweerstand betreft, het equivalent van de Alpe d’Huez (18667 KBN) te verwerken. Ik ben in ieder geval klaar voor de volgende serie, die 9 mei begint. Opstappen is altijd een optie!

    Na telefonisch contact dezelfde avond doet Bakker Racing Products morgen direct een bestelde wielset van hetzelfde type, maar dan 10 jaar moderner, op de post. Mijn fiets heb ik kunnen schoonmaken en stallen bij trainingsmaat Bram. In het klassement ben ik toch nog vierde geworden in een serie van 5 wedstrijden, waarbij de kwaliteit het omgekeerd evenredige was van het aantal deelnemers.  De derde plaats was zonder wedstrijdpech dus het hoogst haalbare. Dit is mij en de nummer drie in gelijke mate overkomen. Alsnog tevreden.

    • Lindenholt, bron: NSWV Mercurius
    • Lindenholt, bron: NSWV Mercurius

    18 april 2012 – Nijmegen

    Direct uit de trein kunnen omkleden bij trainingsmaat Bram. Mijn tas had ik gisterenavond al ingepakt en mijn wedstrijdfiets meegenomen naar de bewaakte stationsstalling. Vanochtend was het droog, maar vanavond zou het zeker gaan regenen. Gelukkig kwam ik, redelijk droog en tamelijk op tijd, aan op het nog droge wielerparcours van Lindenholt voor de vierde wedstrijd in de voorjaarsserie.

    Aan de start stond een peloton met een omvang waar een continentaal wielerteam mee in zijn nopjes zou zijn. Ook de representant, winnaar van vorige week was present, samen met de nummer twee, de kersverse winnaar van een zware Brabantse tweedaagse amateurklassieker. De nummer drie van vandaag gaat door het leven als de nationaal kampioen der studenten. Genoeg strijd te verwachten dus.

    Direct vanaf de start regende het uitvallen uit alle hoeken en gaten. Volgens mij had driekwart van het peloton wel een of meerdere aanvalspogingen ondernomen, voordat de twee koplopers van vorige week zich uiteindelijk wederom konden losweken. Regelmatig was ik gedwongen tot wel 58 km/u de ontstane gaten te dichten. Door de invallende regen had ik mij later wat naar achteren laten zakken, waardoor ik de aansluiting miste bij een achtervolgend trio.

    Tja, in een eenzame achtervolging dan maar. Net op het moment dat ik na een aantal kilometer doortrappen eindelijk de aansluiting wist te maken, reed de derde man lek en liet tegen de parcoursheuvel een gat vallen. Das pech, investering weg. Ik heb me noodgedwongen weer laten inlopen door het peloton en me mee laten drijven. De bochten gingen goed, dus afstappen was geen optie.

    Op de bel van de laatste ronde plaatste ik een slotaanval. De reactie was heftig en op de parcoursheuvel heb ik ingehouden. Dan maar aan het laatste redmiddel: sprinten. De vijfde plek was nog te vergeven en in zesde positie rondde ik de laatste bocht. Links van mij zette een renner aan… ook aanzetten en kijken… verder aanzetten… zitten… opschakelen en laatste versnelling, binnen. Gemiddelde: 41,0 km/u en maximum: 57,8 km/u.

    11 april 2012 – Nijmegen

    Na het vorige week behoorlijk koud gehad te hebben, besloot ik vandaag mijn winteroutfit uit de kast te trekken. Dus dikke overschoenen, beenstukken en een thermoshirt onder mijn snelpak. Voor de 15 kilometer lange rit naar de wielerbaan in Lindenholt trok in daar overheen nog een compleet regenpak aan. Helm op, telefoon, lampjes, euromunten en licentie in het zakje met rits en door het 6 graden warme aprilweer op pad.

    Het peloton had vandaag niet alleen de grootte van een continentaal wielerteam, maar tevens een representant. Met daarnaast een jury van drie koppen sterk, opgehouden regen en lengend daglicht, was de start van de derde Lindenholt trainingswedstrijd een feit. De eerste ronden werd er rustig gereden, zodat ik de berijdbaarheid van het parcours kon inschatten. Ik koos er wederom voor om de bochten rustig te nemen en daarna achter aan te haken.

    Na een korte schermutseling kozen twee renners het hazenpad. Nu moest ik wel een stuk naar voren om te zorgen dat ik niet gelost zou worden. Dit lukte. We reden met negen man achter de koplopers aan. Na een periode van volgen probeerde ik, net als anderen, met een paar lange kopbeurten het gat te dichten, of in ieder geval te verkleinen. Dit lukte niet. Door een aantal lekke banden en een lullig enkeltje berm reden we na 45 minuten koers nog slechts met een kwartet achter het ongrijpbare kopduo.

    In de finale zag ik dat een renner mijn wiel koos. Ik zei hem dat dat mij niet zo slim leek, omdat ik in het geval van een vroegtijdige demarrage geen risico zou nemen in de bochten. Om niet als laatste van het kwartet te eindigen plaatste ik er zelf een, halverwege de slotronde. Zo kon ik als eerste, weer afgeremd, de achterste bocht door. Op de finishstrook schoot een tweetal renners uit mijn wiel. Vijfde plaats en de derde stek in het klassement. Gem: 40,7 km/u en max: 54,8 km/u. Tevreden.

    4 april 2012 – Nijmegen

    April doet wie ie wil. Was het vorige week nog zonnig, droog en warm, vandaag is het bewolkt, nat en koud. Het meteorologische pluspunt van deze koers is de afwezigheid van wind, zodat kort aan het wiel rijden minder belangrijk blijkt. De wielerbaan in Lindenholt had een twijfelachtige reputatie als het ging om gripvolle bochten bij regen. De huidige staat betekent echter mosvrij asfalt, geveegde bochten en een obstakelvrije berm tot op 3 meter.

    Aan de start staat een peloton ter grootte van de doorsnee selectie van een Continental wielerteam. Meer dan genoeg om te koersen dus. Afgesproken werd om de eerste 5 ronden rustig aan te beginnen. Om de bochten te verkennen nam ik achteraan plaats. De berijdbaarheid van het parcours blijkt goed, dus de eerste ontsnapping van 3 renners trapt af. Samen met 2 anderen ga ik in de achtervolging. Na een aantal ronden hebben we ze te pakken.

    Om de betere stuurmannen niet voor de wielen te rijden, posteer ik mij aan de achtersteven van de nieuw gevormde samenwerking. In de bochten zak ik uit, op de rechte stukken sluit ik aan. Iedereen rijdt uiterst verantwoordelijk. Regen in een trainingswedstrijd zie ik als training voor een regenwedstrijd. Als 3 renners wederom het hazenpad kiezen, moet ik alsnog aan de bak. Het lukt me om een redelijke bijdrage te leveren, maar de tijdrijder van de groep doet veruit het meeste werk.

    Door mijn te kleine bijdrage loopt het drietal voorop verder uit. Bij ons lost de derde renner, maar gelukkig ook een uit de kopgroep, zodat we weer met 3 man op 400 meter afstand van de 2 koplopers rijden. Na een kopbeurt op het rechte stuk, vang ik de achterste bocht met te hoge snelheid aan…glibber…rechtdoor de obstakelvrije berm in. De 2 anderen wachtten. Thanks! Het begint intussen donker te worden en wederom raken we een derde man kwijt.

    Met nog 4 ronden te gaan mogen de 2 duo’s onderling uit gaan maken wie als voorste eindigt. Bij het kopduo is dat dezelfde als vorige week. Op het rechte stuk naar de laatste ronde pak ik nog een keer over. Ik verwacht dat mijn gezelschap zijn tijdrijderskwaliteiten inzet. Hij trekt door in de achterste bocht en snijdt de laatste met voorsprong aan. In de sprint sneak ik er in de laatste meters langs. Derde plaats met 40,0 km/u gemiddeld en maximaal 54,6 km/u.

    28 maart 2012 – Nijmegen

    Lindenholt leeft! NSWV Mercurius heeft besloten dit jaar de Lindenholt Trainingswedstrijden te organiseren. De komende 10 weken wordt elke woensdagavond op de wielerbaan in Lindenholt, ook na het verdwijnen van RTC Groenewoud, een koers verreden. Prachtig weer en tientallen coureurs aan de start. Het asfalt ligt er prima bij en de bochten zijn geveegd. In vergelijking met 3 jaar geleden is de begroeiing een stuk gekortwiekter. Tijd om het Klimbijnijmegen.com pak aan te trekken en uit te proberen.

    Direct na het fluitje volgt een serieuze uitval en het peloton kan gelijk aan de rekstok. De ontsnapping wordt geneutraliseerd, maar het vijftigkoppige peloton valt niet stil, zoals gebruikelijker bij trainingswedstrijden. Ik heb het geluk dat ik me bij de tweede serieuze ontsnapping kan voegen. Ik kom met 5 andere renners voorop. In deze kopgroep zijn maar liefst 4 rijders van de organiserende vereniging present. Iedereen doet zijn deel en we lopen langzaam uit op het peloton, wat zich niet zomaar gewonnen geeft.

    Halverwege de koers besluiten 2 thuisrenners een demarrage te plaatsen. Gelukkig kan ik het gat dichten en het resultaat is dat ze enkel een eigen clubgenoot eraf hebben gegooid. Even niet meer op kop dus. Dit mogen ze zelf oplossen. Na een tijdje is de verstandhouding weer hersteld en draai ik weer mee. Na 3 kwartier plaatst de andere alleenstaande renner een demarrage. Snel ga ik er achteraan, want die zie je anders nooit meer terug. De staart van het peloton komt in zicht. Zorgen dat ik met de rest van de kopgroep vooraan plaats neem. Dit lukt.

    Nog 3 ronden voor het peloton, wat gaat afsprinten. Vanaf de tweede rij laat ik mee meedrijven. De kopgroep heeft nog 3 extra ronden voor de boeg. Het blok van 3 slijpt natuurlijk de messen om mij en de andere renner, een wegspringer, uit te putten. Met de bel van de laatste ronde demarreren 2 stuks, even wacht ik (te lang), toch zal ik moeten. Na een halve ronde heb ik ze te pakken, maar rijd nu 3 tegen 1. De winnaar plaatst zijn finale uitval. In de sprint weet ik de 3e plaats te bemachtigen. Zeer tevreden. Maximum: 56,8 km/u en 42,8 km/u gemiddeld.

    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens
    • Lindenholt, bron: Bram van Rens