Auteur: Rob Duchateau

  • DK Zuid-Oost Tilburg-Reeshof

    28 mei 2012 – Tilburg

    Op het zonovergoten clubparcours van TWC Pijnenburg vindt het KNWU kampioenschap van District Zuid-Oost plaats. Na toestemming van de consul kan ik buiten mededinging meerijden met mijn WFN licentie. Hoewel DK’s de enige startmogelijkheid zijn op 2e Pinksterdag, is het aantal inschrijvers traditioneel niet hoog. Voor de Sportklasse is zelfs geen DK voorzien. Wel zijn er allerhande inschrijvingsmogelijkheden voor Masters 30+, 40+, 50+ en 60+. Het resultaat is uiteindelijk dat een acceptabel peloton in een koers om meerdere kampioenschappen start.

    Vorig jaar heb ik driemaal op het 2200 meter lange compleet geasfalteerde clubparcours van TWC Pijnenburg gereden. Meestal valt de wind mee, maar vandaag staat een stevige bries tegen op het lange rechte stuk voor de laatste bocht. Een gebroken peloton ben ik nog niet tegen gekomen en dat zal vandaag ook niet gaan gebeuren, verwacht ik. Door de windrichting is de lastigste krappe bocht ook de drukste en met renners die binnendoor opschuiven is het oppassen geblazen. Omdat ik buiten mededinging meerijd, posteer ik mij achteraan het peloton.

    Eenmaal kom ik naar voren als een kopgroep meer dan 30 seconden voorsprong dreigt te nemen en bijna niemand aanstalten maakt om het gat te verkleinen. Met een lange versnelling ga ik aan kop van het peloton in de achtervolging. Bij een tweede kopbeurt raak ik met een andere renner los van het peloton. Uit dit peloton beginnen groepjes renners over te steken, waardoor uiteindelijk alle renners versnellen. Met de gewonnen snelheid krijgt de hoofdmoot de kopgroep te pakken, waarna het tempo wegvalt.

    Doortrappen in de bochten doe ik nauwelijks, terwijl dit wel kan op dit parcours. De winnaar van de Kasteelrondes van Wijchen en Mill weet met nog drie ronden te gaan een gaatje van acht seconden te slaan. Aan de streep blijkt dit voldoende waardoor hij zichzelf ook districtskampioen van KNWU Zuid-Oost mag  noemen. In de laatste ronde gaat het in de voorbereiding op de pelotonssprint bijna mis op het laatste rechte stuk. Vol in de remmen en aanzetten maar weer…veilig de laatste bocht door en als 19e gefinished.

  • Kasteelronde van Wijchen

    27 mei 2012 – Wijchen

    Op de kalender staat dit jaar voor het eerst weer de Kasteelronde van Wijchen, een flink en verstedelijkt dorp op de stuifduinen tien kilometer ten zuidwesten van Nijmegen. Dit criterium behelst zestig rondjes door het bruisende centrum met een licht oplopende finishstrook. Het hele traject is afgezet met hekken en linten, als ware het een profcriterium. De entourage is fenomenaal met volle terassen en de zon die van zich doet spreken. Rondom de koers voor Amateur en Sportklasse renners worden de selectiemanches voor oudprofs achter gangmakers gereden en daarna de finale. Ook vindt er, naast de Dikke Bandenraces en BMX clinic, een wedstrijd plaats voor niet-licentiehouders.

    Met zeven krappe bochten op een kilometer is de ronde van vandaag technisch en zeer selectief, met weinig plekken om in te halen. Gelukkig ontwaar ik tijdens het inrijden toch een relatief brede asfaltstrook tussen de gladde centrumklinkers. Hier kan ik plekken goedmaken en een slok uit mijn bidon nemen dacht ik, en dat was ook zo. Na de gebruikelijke vraag van de vakjury waar ik mijn chip en of ik een licentie had, kon het opstellen beginnen. Met nummer 58 stond ik op de laatste rij en dat vond ik prima. Warm was het wel, een graad of 32. Trainingsmaat Bram had zich met een koud colaatje langs het parcours genesteld met zijn camera.

    Hoewel ik als tamelijk rechthoekig ingestelde renner op een parcours als dit meestal niet goed uit de voeten kan, gok ik vandaag op mijn intervalvermogen. De frequente KBNSL Prins Interval trainingen komen hier goed van pas. Zo hoef ik niet naar voren te rijden, maar alleen door te schuiven, afvallers komen namelijk vanzelf naar je toe. Aanzetten en aansluiten. Zo kan ik veilige afstand houden in de bochten en mijn eigen lijn rijden. Dat gaten latende renners balen, omdat ze in mijn rekstokvertoning mee moeten acteren, kan ik mij voorstellen. Wedstrijden als deze zijn naar mijn mening niet alleen voor renners, maar ook voor het publiek. Kunnen ze kijken hoe lang ik het bungelen en jumpen volhoud.

    Al na een paar ronden wordt de koers geneutraliseerd, omdat een eenzijdige valpartij (geen blijvende schade) is voorgevallen. Tijd voor de Eerste Hulptroepen om in actie te schieten. Dit doen zij bijzonder snel, terwijl de speaker een cruciale rol vertolkt. Onder applaus van het enthousiaste publiek vindt een georganiseerde herstart plaats. Nog nooit heb ik een peloton zo keurig zien fietsen, zonder zwabbers, zwiepers en wringpartijen. Dit gaf mij voldoende vertrouwen om de koers uit te rijden, zeker ook omdat ik de behoudende rijstijl van een deel van de renners ken van de Lindenholt Trainingswedstrijden.

    De koploper van dat klassement had zijn criteriumwielen gestoken en in zijn eentje het hazenpad gekozen. Hij dubbelde niet alleen het peloton, maar ook al zijn achtervolgers, grote klasse. Zelf had ik geen idee meer waar ik mij in de koers bevond. Uiteindelijk bleek ik als 18e gefinished van de pakweg 40 starters. Mijn ‘eindprijs’ ben ik vergeten, maar heb ook geen inschrijfgeld hoeven te betalen. Mijn zelf gerepareerde wielset en de met secondenlijm en schuurpapier gefixte loopvlakken van mijn wedstrijdbanden hebben prima gepresteerd. Dat levert het meeste op, dus tevreden.

    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
    • Kasteelronde van Wijchen, bron: Bram van Rens
  • Hel van Brabant

    19 mei 2012 – Eindhoven

    Of ik van het weekend tijd had…ehm ik dacht zelf aan een criterium in Buchten, of anders de Tour de Leur. De klassiekerploeg van NSWV Mercurius had namelijk een plaats over wegens een reeds geopereerde blessure van de voorzitter Joep. Dat ik dat nog nooit gedaan had en zelfs op mijn eigen ontworpen routes nog verdwaal, maakte geen indruk. Geboekt voor een rit van de ene kerk naar de andere kerk, in plaats van eromheen. Een straatrace met politiebegeleiding en dubbele rugnummers op een geleend teamshirt.

    Voor de start kreeg ik van de ploegleider Jan te horen dat de neutralisatie was verlengd tot 6 kilometer en dat het peloton daarna op de kasseienstrook op de kant zou gaan. Bij de start stond ik nog vooraan, maar heb me, de kat uit de boom kijkend, direct af laten zakken tot de laatste posities. Ik ken de manier van koersen tijdens een klassieker niet en weet ook niet hoe er gereden wordt bij de NWB. Tijdens de neutralisatie hoorde ik auto’s, die voor het stoplicht stonden, toeteren, omdat er ineens een club wielrenners voor hun motorkap opdook.

    In gezelschap van de pas voor het tweede jaar koersende Koen rondde ik de neutralisatie, waarin hij vorig jaar viel, af. Op de lange kasseistrook na de echte start werd het peloton snel uiteengetrokken. Wil je hier mee, dan zul je van voren moeten zitten. Mecanicien Gert-Jan had de achter- en voorwielen al klaar staan, voor het geval dat er iemand lek zou rijden. Na nog geen 20 kilometer van de start kwamen de volgwagens al voorbij zetten. Das pech, peloton weg. De versnelling en het inhalen van coureurs mocht niet baten.

    In een groepje heb ik nog een tijdje in het prachtige weer doorgefietst en ben uiteindelijk in Boxtel beland. Al mijn passen en sleutels had ik samen met 50 euro aan contanten in een waterdichte nektas gestoken. De treinreis heeft 3 uur geduurd en ben niet verder dan station Nijmegen Dukenburg gekomen. Via Joep vernam ik dat Rob, Paul, Thijs en Marcel met twee top twintig plekken geen tijdsverlies hebben opgelopen en dat Larix een heel eind heeft kunnen meekoersen. Erg netjes. Morgen etappe twee. Sommige dingen moet je gewoon nog een keer proberen. Van de 176 starters vandaag reden 117 renners de koers uit.

    20 mei 2012 – Eindhoven

    Vandaag zou de neutralisatie korter zijn dan gisteren. Zaak was dan ook om niet te ver achterin te starten met de koers. Gisteren liep het traject ten noordoosten van Eindhoven, vandaag ten zuidwesten over de kasseistroken van de Kempen. De te fietsen afstand bedraagt 125 kilometer, waarvan plusminus een kwart bestaat uit tegeltjes, klinkertjes en kinderkopjes. Op ongeveer 10 kilometer ontmoet ik de eerste van de vele val- glij en zwabberpartijen, veroorzaakt door een manier van rijden waarbij men geen rekening houdt met het feit dat een ander een fout kan maken. Meestal gaat het direct mis. Met een verbogen en fors beschadigde drie weken geleden aangekochte wielset en een tik op mijn knie mag ik mij gelukkig prijzen.

    Met een zwabberend voorwiel slaag ik wel om terug te komen in het peloton. Na de met bidonnen bezaaide kasseistrook geeft mijn voorband echter de geest. Ik word nog wel keurig gedepanneerd, maar met 60 km/u op 15 centimeter van een bumper terugkeren is mij niet gegeven. Einde straatrace voor kantoorpersoneel van middelbare leeftijd voor mij. Van de NSWV Mercurius ploeg weet Paul een 26e plaats in het klassement te bemachtigen. Heren, bedankt voor de gastvrijheid en goede verzorging. Mede dankzij jullie heb ik het rijden van een (meerdaagse) klassieker kunnen uitproberen. De andere uitdaging dit jaar is het uitrijden van een elitecriterium op asfalt. Mijn trainingsarbeid met veel intervallen en de afstelling van mijn wedstrijdfiets wijzen meer in die richting.

  • Kasteelronde van Mill

    13 mei 2012 – Mill

    Na de regenachtige regionale trainingswedstrijden van afgelopen weken, was het sinds eind maart dat ik in Heeswijk-Dinther mijn laatste landelijke wedstrijd afwikkelde. Ook vandaag reed ik in de wielerhotspot van Oost Brabant op een smal en kort criterium parcours, 2200 meter lengte en 6 bochten. Hoewel smal en bochtrijk, was de staat van de ronde perfect, met elk mogelijk obstakel vakkundig voorzien van stevige gele stootkussens.

    Net als in Heeswijk-Dinther zou de wind een rol kunnen gaan spelen, omdat pakweg de helft van de ronde buiten de bebouwde kom loopt. Wind staat er vandaag niet en in plaats van de voorspelde 13 graden noteert mijn teller laat in de middag 20 graden. Heerlijk weer om te koersen dus. Op de online startlijst prijkten 45 renners, maar aan de start ontwaar ik er zeker 25 meer, waaronder een Duits team uit Pulheim. Opstellen in Mill gebeurt historisch verantwoord in de vorm van ‘wie het eerst komt wie het eerst maalt’.

    In de wedstrijdadvertentie is een wedstrijdafstand van 60 kilometer opgegeven, de speaker zegt 65, maar in mijn ogen zijn 33 ronden om kasteel Aldendriel goed voor minimaal 70 kilometer. Dat ik deze wedstrijdafstand gefietst heb, is alweer een tijdje geleden. Bij de BWF is deze dit jaar 50 kilometer en bij de Lindenholt trainingswedstrijden de eerste weken 45 en vanaf nu 55 kilometer. Direct vanaf de start ligt de snelheid hoog en de afwezigheid van wind zorgt voor veel mobiliteit in het peloton. Plaatsen die ik win, ben ik bij het uitremmen voor een bocht ook weer kwijt. Er zit een groot aantal handige vogels bij.

    Op tweederde van het peloton gestart, zit er voor mij niets anders op dan op het lange rechte stuk buiten de bebouwde kom na de enige doortrapbocht snelheid te maken. De bedoeling is om langs het peloton op te schuiven, maar omdat de snelheid hier al boven de 50 km/u ligt, zal ik minimaal 55 km/u moeten gaan. Dit lukt. Ik realiseer mij dat dit wel extra energie kost en dat ik op dat moment meer dan 1 pk trap. Als de snelheid nog hoger wordt ga ik op dit stuk af en toe bijna tegen de 60 km/u. Van de energie die daarvoor nodig is kan elke renner van het peloton een flinke spaarlamp laten branden.

    Na een kort bermuitstapje verlies ik veel gewonnen plaatsen en besluit me achteraan te posteren. Het peloton is dan al een stuk kleiner geworden waardoor het harmonica effect vermindert. Bovendien kan ik in de bochten mijn eigen lijn volgen, dit scheelt mij energie. Op driekwart van de wedstrijd  raakt een renner voor mij, in de haakse bochtencombinatie na de finish, met zijn pedaal het asfalt en schuift onderuit. Gelukkig kan ik er langs, maar moet met een tiental coureurs in mijn wiel in de achtervolging, welke ik in gang zet. Voordat ik het stokje overgeef is het gat alweer kleiner en na een tijdje kunnen een aantal renners de aansluiting weer maken bij het voortrazende peloton.

    De gevallen renner ligt nog steeds op het asfalt, waardoor de jury besluit de koers een aantal ronden te neutraliseren. Daarna volgt een herstart op de streep met nog zeven ronden te gaan. Mhm, dit gaat wringen worden in de laatste kilometers, iedereen is weer uitgerust. Het op gang komen na de herstart verloopt goed en ik neem mij voor om me niet te mengen in de strijd om de eerste twintig plekken. Alhoewel er keurig gekoerst wordt, is de laatste ronde altijd het gevaarlijkst. Na het veilig uitdraaien van de laatste bocht kan ik nog een stuk of wat renners passeren, waardoor ik als 33e van de 63 gestarte renners eindig. Gem: 43,1 km/u en max 65,5 km/u.  Niet goed, maar ook niet slecht.

    • Kasteelronde van Mill, bron: Wielerpunt
    • Kasteelronde van Mill, bron: Lucas Dekker
    • Kasteelronde van Mill, bron: Wielerpunt
    • Kasteelronde van Mill, bron: Lucas Dekker
    • Kasteelronde van Mill, bron: Wielerpunt

  • Ronde van Heeswijk-Dinther

    25 maart 2012 – Heeswijk-Dinther

    Tijd voor zomer, ben niet zo’n winterkoning. Na de polderomloop in Rijsbergen in West Brabant staat vandaag de Van Esch Tour in Heeswijk Dinther op de rol. Ook hier een winderig parcours  (2300 meter) en een peloton van bijna 100 renners sterk. De voorjaarsbries zal zeker een rol gaan spelen. Trainingsritten in Oss en een avondcriterium van de VWAN in Milheze uitgezonderd, is dit mijn eerste wedstrijd in de wielerhotspot van Oost Brabant.

    Bij de voorinschrijving met mijn WFN licentie had ik het nummer van mijn Flex Chip Pro doorgegeven, maar voor de zekerheid ook in mijn portemonnee gestopt. Extra eenvoudig. Aangezien ik deze chip aan de binnenkant van mijn vork gemonteerd heb, was er bij het opstellen tot tweemaal toe verwarring bij de oplettende juryleden. Stond wel mooi op de eerste rij met spierwitte geschoren benen. Na de start werd er volop gepropt om naar voren te komen. Het grootste deel van de wedstrijd heb ik tussen een derde en twee derde van het peloton gereden.

    Dat het afvoeren van water in deze streek van groot belang is, merk ik aan de talrijke putten op de hobbelige grindklinkerstroken binnen de bebouwde kom. Met deze drukte is ontwijken onbegonnen werk. Paf!…daar kantelt mijn zadel naar voren door een flinke kuil. Lekker dan. Uit ervaring weet ik dat je met een beetje achterop het zadel zitten een heel eind komt en dat de stand vanzelf weer verbetert. Uit het peloton zijn 6 coureurs blijvend ontsnapt en nemen een halve minuut voorsprong. De strijd om het KNWU Amateur klassement is losgebarsten.

    Het parcours is buiten de bebouwde kom smal en binnen de bebouwde kom hobbelig, maar geheel vrij van verkeersobstakels en overal slingerend. Er zitten eigenlijk maar 3 bochten in, waarvoor je in de remmen moet. De wind is aanwezig, echter relatief matig, het weer is met 20 graden prachtig. Door de jacht op de koplopers is het peloton langgerekt en plaatsen goed maken kost kracht. Toch doe ik dat, het betekent dat ik  weer een extra dosis polderwind op doe. Gaandeweg de koers laat ik me meedrijven.

    Staand optrekken op souplesse gaat goed en zittend doorrammen met meer dan 50 km/u zeer zeker beter dan vorige week. Vanaf 8 ronden voor het eind werk ik me op de finishstrook langzaam en zeker naar voren. Een achtervolgende groep heeft zich losgemaakt van het peloton en rijdt weg. Mijn (finale) bijdrage aan het wedstrijdverloop bestaat uit het vanaf de pelotonskop achterhalen van deze groep. De voorsprong van de koplopers is daarnaast teruggelopen naar 12 seconden. De gemiddelde snelheid ligt tegen de 43 km/u.

    In de laatste ronden loopt de kopgroep weer verder uit. Een keer ga ik mee met een springpoging, maar plafonneer en krijg het gat naar verdere uitlopers niet dicht. Het peloton kan wel profiteren en sluit de rijen. De bel..pelotonssprint dus, mhm. Met een halve ronde te gaan knalt een hele rij renners dwars over de weg. Recht uitremmen en schrap zetten. Gelukkig kon ik net op tijd stoppen tegen een gevallen renner, maar sta wel te voet. De coureur ligt op zijn rug en ik probeer hem van zijn fiets, die bovenop hem ligt, te bevrijden.

    Gelukkig is hij aanspreekbaar en de bezemwagen is ook snel ter plaatse. Waarschijnlijk een gekneusde/gebroken rib of sleutelbeen. Met nog een aantal andere opgehouden renners rijd ik als 43e naar de finish. Vorig jaar werd ik in hetzelfde weekend ook geconfronteerd met een valpartij in de finale ronde als gevolg van proppen. Renners rijden door de berm en voegen in, waardoor de smalle slingerende weg ineens plaats moet bieden aan 25% meer fietser. Dit veroorzaakt een golfbeweging in het peloton welke vaak eindigt in een valpartij. Einde koers.

  • Rijsbergen-Oekel

    18 maart 2012 – Rijsbergen

    In Rijsbergen Oekel opent de Brabantse Wieler Federatie ook in 2012 het wielerseizoen. Door de bochtige 900 meter lange klinkerstrook (Lange Dreef), wordt deze wedstrijd ook wel de Hel van het Kruispad genoemd. Vorig jaar was de wind afwezig, vandaag stond er een stevige bries dwars op het 3500 meter lange parcours (windkracht 4 a 5). Omdat de Trimmers en de Amateurs dit jaar gezamenlijk 50 kilometer rijden, was het met 90 renners (veel Amateurs) en 1 renster (een snelle) dringen aan de BWF startlijn.

    Gelukkig kon ik na het afhalen van mijn vaste startnummer (4) en mijn licentie vanaf de tweede rij starten. Bijna direct kreeg ik een zwieper van een coureur die uit zijn pedaal schoot, ieuw…Vorig jaar had ik mij achteraan het peloton geposteerd en mezelf mee laten drijven. Dit jaar rijd ik naar voren, eens kijken of ik me daar kan handhaven. Na in het begin te zijn weggedrumd, gaat dit al vrij snel goed. Rijdend bij de eerste 15 houd ik me vooral bezig met talrijke gaatjes dicht rijden en krijg hierbij voor het eerst dit jaar een cumulatieve dosis wedstrijdwind te verduren.

    Op de bochtige (en hobbelige) klinkerstrook met de wind pal op kop komt de snelheid niet hoger dan 35 km/u. 11 goed voorbereide renners slagen erin om weg te rijden van het grote en stevig bezette peloton. Van een georganiseerde achtervolging is geen sprake en de kopgroep loopt uit tot meer dan een minuut. Aflossingen gebeuren op het moment dat de renner op kop zijn benen stil houdt. Als iemand geen zekerheid heeft dat hij afgelost wordt, zal hij zelf ook niet aflossen. Toch zijn er altijd renners die het goede voorbeeld blijven geven. Dit voorbeeld volg ik, maar betaal tol in klinke(re)nde munt.

    Op het einde van de koers breekt de zon door en de snelheid in het peloton neemt toe. 4 ronden staan nog op het, aan de splinternieuwe BWF jurybus bevestigde, rondenbord. Ik merk dat ik niet meer fris zit. Zal ik finale rijden? Wegspringen gaat niet werken vandaag. Ik weet het: ik ga proberen naar voren te rijden en de laatste bocht met de eerste 10 van het peloton aan te snijden. Dat lukt. Intussen is de kopgroep weer op 500 meter gekomen. Bocht door…aanzetten in 5e positie. Mhm te vroeg…weer aanzetten…toch inhouden, omdat een andere renner ook in het gat duikt. Ik val stil en word overlopen door een 15-tal renners. Tja, pech.

    Hoewel de drie trainingswedstrijden naar tevredenheid zijn verlopen, merk ik dat mijn wedstrijdvorm: snelheid, explosiviteit en hardheid nog oppervlakkig is. Het is allemaal wel aanwezig, echter ligt er nog een waas overheen. Gelukkig is dit eenvoudig op te lossen door het rijden van?…wedstrijden! De maximum snelheid bedroeg meer dan 65 km/u en de gemiddelde snelheid 40,2 km/u. Uiteindelijk wel bij de eerste 30 van meer dan 90 deelnemers gefinisht in een mooie wedstrijd. Het door de BWF bij elkaar stoppen van de Trimmers en de Amateurs lijkt mij ook geslaagd.

    • Rijsbergen-Oekel, bron: Sporting Oekel
    • Rijsbergen-Oekel, bron: Jeroen Rovers
    • Rijsbergen-Oekel, bron: Jeroen Rovers
    • Rijsbergen-Oekel, bron: Jeroen Rovers
    • Rijsbergen-Oekel, bron: Jeroen Rovers
  • Vorstengrafdonk

    11 maart 2012 – Oss

    Mooi weer, in het begin nog koud, dat wel. De laatste trainingswedstrijd voor de opening volgende week in Rijsbergen Oekel. Voor mij pas de derde koers, maar dat zal voor meerderen gelden. Trainen met min 20 is nu eenmaal niet zo rendabel. Behalve in het zwembad, om ook de bovenbouw tot activiteit te dwingen. Met de aankomende omloop in aantocht was het vandaag zaak de wind op te zoeken. Van de week zowel KBNSL Prins Interval als de KBNSL LoperKoning samen met Bram gereden. Eens kijken of dat een verhoogd koppel oplevert.

    Aan de start een stuk of 50 renners, allemaal netjes ingeschreven door het raampje van de caravan bij de streep. Zelf had ik nummer 13, andersom opspelden, toch maar wel, je weet maar nooit. Het Klimbijnijmegen.com snelpak is binnen en hangt in de kast. Het grootste deel van de wedstrijd slaag ik er in me bij de eerste 15 van het peloton te handhaven. De breukjes die ontstaan rijd ik vrij snel dicht en doe af en toe een kopbeurt. Na vijf kwartier scheiden 3 renners zich definitief af van het peloton.

    De achtervolging verloopt georganiseerd. Hierbij draai ik rond met een coureur of tien. Wel even wennen dat je blijkbaar naar links moet als je van kop afkomt. Het wiel houden ging ook nog niet altijd even strak. De wedstrijd-souplesse is nog niet aanwezig. Had ik ook niet verwacht. De koplopers blijven in zicht, echter onbereikbaar. Het peloton maakte zich bij het inrijden van de laatste twee ronden op voor de sprint.

    Op anderhalve ronde van het eind springt een renner weg. Zo moet dat dus, dan ga ik ook maar, ben wel heel benieuwd wanneer ik crash en stilval. Omkijken, weinig reactie, doortrappen misschien blijf ik wel uit de grijpgrage klauwen. Het is immers niet voor een podiumplaats. Op het stuk wind mee nog even vaart gemaakt op 55×12. Op het stuk wind tegen naar de finish bijgehaald door een medespringer, in het wiel. Ik beloofde er niet overheen te komen op de finish….het laatste stuk toch wel weer voorop gereden. 5e in de uitslag.

    De gemiddelde snelheid na 85 kilometer (+2 uur) wedstrijd lag op 41,0 km/u, de maximumsnelheid op 53,5 km/h. Door de uitval in de laatste 2 ronden het peloton voorgebleven. Invloed gehad op het koersverloop en de finale gereden. Zeer tevreden. Vooral door de omzetting in tactiek: van sprinten naar uitvallen. Ik beschouw sprinten voortaan als laatste redmiddel, dan als doel an sich. In de finale althans, niet bij de tussenspurts met minder mededingers.

  • Valleirenners

    4 maart 2012 – Veenendaal

    Voorjaar! Ook in Midden Nederland tijd voor competitie. Op het clubparcours van de AXA Valleirenners deze keer. In 2009 en 2010 heb ik er al hobbelige veldritten gereden, maar nog nooit een wegwedstrijd. Het clubparcours heeft nog het meeste weg van Circus Maximus met een knik er in. Twee lange rechte stukken verbonden door twee hellende 180 graden bochten. Het asfalt is uitstekend. Inschrijven met een BWF Amateur A licentie ook, kosten 3 euro. Koffie bij de bar 1 euro, kleedkamer in om beenstukken, shirt en overschoenen aan te trekken.

    Bij het opstellen voor de streep blijkt dat er niet alleen per categorie afgesprint gaat worden, maar ook gestart. Eerst de Amateurs, gevolgd door de Junioren en daarna de Elite en Beloften. De speaker maakt gewag van een tussenspurt, alleen niet in de eerste ronde. De tweede ronde dus….Direct na het startsein op avontuur gegaan en twee ronden alleen vooruit gereden. Als je de leidersprijs (voorop rijden) kunt pakken met sprinten, kun je ook de tussensprint pakken door voorop te rijden. De tussensprint dus gepakt zonder te sprinten. Scheelt een enkeltje berm.

    Na ingelopen te zijn blijkt dat het pelotonnetje Amateurs van plan is om de rustig gestarte Junioren, Beloften en Elite in te halen. Dit gebeurt vrij snel. Wachten op de demarrages. Toch een beetje veel energie verstookt (vloeibare spritskoeken) bij het vooruit rijden voor de tussenspurt. Geen intentie om mee te springen. Uiteindelijk scheiden 5 renners, waaronder 4 Amateurs zich af van het peloton. Met een aantal clubblokken present is de achtervolging onbegonnen werk. Versnellen op kop betekent een knipje achter je rug. Ach ja, ik kan in ieder geval mijn deel doen en dat doe ik dan ook. We werden dus gedubbeld.

    Richting de finale nog alleen een geslaagde oversteek gemaakt naar een ontsnapt groepje. Later werden we weer bijgehaald. In de bocht voor het clubhuis ging het mis toen twee renners elkaar raakten en richting asfalt doken. Gelukkig kon ik er langs. Bij de jury aangegeven dat een valpartij had plaatsgevonden. EHBO was aanwezig en hielp het ongelukkige tweetal weer op de been. Alleen schaafwonden. Vrijwel direct daarna kwam de mededeling dat de niet kopgroep Amateurs gingen afsprinten voor de 5e plaats.

    Hup naar voren…vooraan gekomen direct doorgetrokken met nog een halve ronde te gaan…beter…geen sprint = geen berm…in de laatste bocht onderdoor bij 3 vooruitgeschovenen van de kopgroep…aanzetten op 55×11. Toen ik achterom keek zag ik alleen het vooruitgeschoven drietal in mijn wiel. Mooi: tweemaal een sprint ontlopen door met een punch de benen te nemen. Dit ligt me toch echt beter, ben eenvoudigweg niet stuurvaardig en brutaal genoeg voor een pelotonsprint. Gemiddelde snelheid: 41,3 km/u en de maximum snelheid 55,6 km/u. Met 8 graden was het niet eens koud, wel een beetje winderig. Tevreden over deze wedstrijd.

    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
    • Valleirenners, bron: Mijn Album / Dennis
  • Vorstengrafdonk

    26 februari 2012 – Oss

    Mijn eerste wedstrijd van 2012 is de 6e trainingsrit Oss op industrieterein de Vorstengrafdonk. Normaal begin ik half februari aan het seizoen, maar de eerste trainingswedstrijd van de BWF werd afgelast door strenge vorst, de tweede door plotselinge hagelbuien. De duur van de wedstrijden bij de BWF is eerst 1 uur, later uitgebreid naar 1,5 uur. Zo niet in Oss: 1 uur, drie kwartier en 5 ronden van 2,4 km.

    Inschrijven bij de caravan met mijn BWF Amateur A licentie was geen probleem, kosten 3 euro. De temperatuur valt met 8 graden behoorlijk mee. Snelpak, beenstukken, dikke overschoenen en een dik hardloopshirt. De planning was om maximaal 50 km mee te peddelen en vooral niet op kop te komen. Zeker gezien het mogelijke deelnemersveld met renners die niet opgesteld zijn in de klassiekers. Brr….

    Dat laatste valt gelukkig mee, de meeste aanwezige renners rijden in de Sportklasse of bij de Amateurs. De startronde verloopt rustig. Op 2 oktober 2011 heb ik mijn laatste wielrenwedstrijd gereden, op 20 november 2011 met de Zevenheuvelenloop mijn laatste hardloopwedstrijd. Wel een PR. De winter ben in doorgekomen in het zwembad, 3x per week en op de heen en weer fiets, ja ook met min 20.

    De wedstrijd heb ik toch stiekem uitgereden, 2 uur 75 km, bij de massasprint voor de vierde plaats dacht ik een gaatje gevonden te hebben, maar de weg werd ineens minder breed, de berm ingesprongen. Tja, voor dit soort fouten zijn juist deze wedstrijden. Af en toe een kopbeurt gedaan, een paar keer kansloos vooruit gereden tussen de kopgroep en het peloton, ook dom, wel nuttig. Eigenlijk voelde het heel natuurlijk. Tot op 250 meter van de streep meegedaan. De finale dus gereden…..een van de doelstellingen van 2012. Zeer tevreden.

    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
    • Hard fietsen, taktiek 2012, bron: Bram van Rens
  • Breda-Moleneind

    2 oktober 2011 – Breda

    Vandaag is het dan zover, de laatste wedstrijd van seizoen 2011. De Ronde van de Fendert, die volgende week verreden worden zou, is helaas afgelast, wegens gebrek aan sponsoren. Hoewel ik deze dag wel de mogelijkheid heb, om de KNWU Ronde van de Molen in Oosterhout (NB) te rijden, heb ik gekozen voor het snelle asfalt van Moleneind, het thuisparcours van de Brabantse Wielerfederatie. Met 26 graden is het weer nog mooier dan vorige week. Het rondenbord geeft 40 stuks aan, te pedaleren rond het gebouw van UTS Van den Berg. Aan het vertrek staan 44 renners.

    Geen “vooraan op de lange baan” vandaag, te warm. De brede finishstraat van Moleneind, met voorafgaand een flauwe bocht, nodigt mij altijd uit tot aanzetten en uitrollen. Een soort van puntenkoers a la Prins Interval. Met 6 bochten op 1200 meter, is wegkomen een kwestie van halfkoers wegglippen en hopen dat het stilvalt. Mijn plan was dus om in de eerste helft, voordat dit gebeurde, met 15 tussensprintjes genoeg punten te sprokkelen voor de leidersprijs. Vaak een motivatieprijs voor diegene van de kopgroep die het meeste werk heeft verricht en aan het einde tekort komt. Meestal een niet-sprinter.

    In plaats van zelf proberen weg te rijden, moest ik juist anderen beletten dat te doen. Als er niet weggereden werd, ging ik zelf aan kop de finishstraat door en voerde de snelheid al zittend op. In het begin volstond dit, maar later werd het van kop af sprinten geblazen. Efficient is anders, raar is het zeker, maar het werkt wel. Richting halfkoers maakten zich inderdaad 5 man los van het peloton. 8 ronden voor het einde riep de speaker om dat de andere gegadigden (kopgroep) voor de leidersprijs deze niet meer konden grijpen, mooi gewonnen. Blijkbaar ook nog een premiesprint meegepakt.

    Met een kwart ronde voorsprong werd de kans klein dat de kopgroep ingerekend ging worden. Ik ging me opmaken voor de eindsprint door te drinken en goed positie te blijven kiezen. Na enkele uitvallen ging het peloton toch in 2 stukken de laatste ronde in om te sprinten voor plek 6. Ik zat in 3e positie aan….een gouden wiel! De BWF kampioen van de 50- reed vlak voor me. Hij wachtte, wachtte nog meer en zette aan op 150 meter van de streep. Op 50 meter van de finishlijn kon ik uit zijn wiel de groepssprint winnen. Maximum snelheid 60,6 km/u en gemiddeld 42,7 km/u.

    • Breda-Moleneind, bron: BWF
    • Breda-Moleneind, bron: BWF
    • Breda-Moleneind, bron: BWF