Holle wegen

Beekerberg

Omdat de verknipte Van Randwijckweg beenharen ten berge deed rijzen is de opgang van de ‘Gelderse Cauberg’ door de politiek gered van stoemploze ondergang. De nieuwe gemeente Berg en Dal heeft als wegbeheerder de wijzigingen teruggedraaid, maar niet helemaal, want de Hogeweg mag nog steeds beklommen worden. De klimwaarde van dit alternatieve traject is met een strook van 13 % zelfs licht gestegen,

Beekerberg

Beek-Ubbergen – Van Randwijckweg, Hogeweg
5 – 6 – 6 – 6 – 5 – 7 – 10 – 13 – 7 – 6 %
71 hm – 1000 m – 1073 wtr – 10 ufl
Grote Kop

De steile klim door het diep uitgesleten Beeksmansdal, niet afdalen!, ligt sinds 1914 helemaal in Nijmegen. De turbohelling begint onderaan de noordelijke steilrand bij de Ubbergseweg vanaf polderniveau meteen met 11 %. De laatste strook is met een stijging van 13 % het zwaarst. Dit is tevens het maximale percentage op de Nijmeegse stuwwal. De middenstroken kunnen zittend. Bewaar je punch tot het laatst.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Nijmegen-Oost – Beekmansdalseweg
11 – 8 – 8 – 13 %
40 hm – 400 m – 836 wtr – 9 ufl
Hanenberg

Waar de Nieuwe Holleweg vanuit Beek linksaf tegen de Beekerberg opkronkelt, slaat de Oude Holleweg rechts af de Hanenberg op. Voor het Kastanjedal draait de weg weer scherp naar links en stijgt 500 meter lang aan 10 % richting de noordelijke kern van Berg en Dal. Op de top kijk je uit over het Oliemolendal en spot je het kerkje van Persingen. De Oude Holle beklim je, en daal je nooit af.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Beek-Ubbergen – Nieuwe Holleweg, Oude Holleweg
5 – 5 – 6 – 12 – 9 – 11 – 10 – 11 – 4 %
73 hm – 900 m – 1275 wtr – 11 ufl
Kleine Kop

Vanaf polderniveau in Ubbergen volg je de Rijksstraatweg en sla je rechts af de Ubbergse Holleweg richting Nijmegen in. Waar de bochtige klinkerweg door het Kopsendal overgaat in de Holleweg fiets je rechtdoor aan 10 % verder over de klinkers. Sla je bij de driesprong rechts af, dan beklim je de Grote Kop. Linksaf kun je half verhard naar de Hengstberg met op de top de St. Maartenskliniek.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Ubbergen – Rijksstraatweg, Ubbergse Holleweg, Holleweg
3 – 7 – 10 – 9 – 6 – 6 – 10 %
51 hm – 700 m – 794 wtr – 9 ufl
Sterrenberg

Door de wijziging op de Hogeweg kan, naast de Beekerberg, voortaan ook de Sterrenberg apart beklommen worden, als nieuwe klim in de zwaarste categorie. Vanuit het centrum van Beek steek je direct aan 13 % omhoog over de Van der Veurweg en Bosweg, die als een zoomweg boven het Elzendal liggen. Sla bij de splitsing met de Nieuwe Holleweg links af en ga op de kruising verderop nogmaals links over de Westerbergweg.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Beek-Ubbergen – Nieuwe Holleweg, vd Veurweg, Bosweg, Westerbergweg
3 – 13 – 1 – 9 – 2 – 6 – 10 – 10 – 3 %
57 hm – 900 m – 833 wtr – 9 ufl
Stollenberg

De Stollenberg begint in Beek op de Rijksstraatweg en loopt via de Boterberg met een scherpe linkse hoek over de Jan Dommer van Poldersveldtweg, gevolgd door de Stollenberglaan naar Berg en Dal. De 83 meter hoge Stollenberg was de scherprechter bij het WK Studenten 2008. De aanloop over de Rijksstraatweg vanuit Ubbergen is slechts een fractie minder zwaar. In de afdaling afremmen voor de klinkerstrook!

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Beek-Ubbergen – Rijksstraatweg, Jan D V Poldersveldtweg, Stollenberglaan
3 – 5 – 8 – 3 – 2 – 1 – 12 – 10 – 5 – 6 – 5 – 4 – 4 %
69 hm – 1300 m – 840 wtr – 9 ufl

Back to top of page

Stuwallonia

Omdraaien en inkeren

De stuwwallen van Hilversum, Utrecht, Arnhem, Doetinchem, Nijmegen, Xanten en Krefeld leveren een Aconcagua aan hoogtemeters. Die berg is er dus al, geschapen door het landijs en bijgeschaafd door de rivieren Maas, Niers, Rijn, IJssel en Vecht. Dat je in Nederland niet kunt klimmen lijkt dus eerder een plat excuus voor een vlakke route, dan een onoverkomelijke barrière. De combinatie van bochten en hellingen dwingt daarnaast tot extra inspanning.

Linkerreinst
Route Hoogte (m) Afstand (km)
Waalsebijl 1310 116
Faalsebijl 1010 117
Boonenhard 960 117
Totaal 3280 350
Nederrijns massief

Deze routes door het Nederrijns massief liggen in Noord-Holland, Utrecht, Gelderland en het Duitse Nordrhein-Westfalen. Verder zijn stuwwallen te vinden in Overijssel, Drenthe, Friesland en Groningen, evenals in het noordelijkste puntje van Limburg. De Flevopolder niet meegeteld, moeten alleen Noord-Brabant, Zeeland en Zuid-Holland het in Nederland zonder stellen. Toch kun je daar via de natuurlijke Opbergunits 1.1 Terras (Brabantse wal), 1.2 Horst (Peel), 3.1 Zandrug (strandwallen) en 3.2 Duin (duinen) de nodige hoogtemeters maken.

Rechterreinst
Route Hoogte (m) Afstand (km)
Gooisebijl 770 107
Zeistsebijl 930 114
Ederieprijs 1300 111
Geldseprijs 740 105
Totaal 3740 437
Klimmaaterkenning

Wil je desondanks hogerop dan kun je het Rijnlands Leisteenplateau met als hoogste punt de Großer Feldberg (+880m) bezoeken. De noordwestpunt van het linkerdeel is de Kollenberg (+90m) in Sittard, op een uitloper van de Ardennen. Aan de rechterzijde van de Rijn vormt de Kaiserberg (+75m) in Duisburg de meest noordwestelijkste uitloper van het Sauerland. Tussen het linker- en het rechterdeel van het Rijnlands Leisteenplateau ligt de Beneden Rijnslenk. De afstand naar beide uitlopers vanaf het nulpunt op de Dam is met 170 km gelijk.

Back to top of page

Montafoney

Ghelders Reineken

Zo’n opening van de Gelderse Poort is natuurlijk hartstikke mooi, maar kan ie ook weer dicht? De heuvels van het Montferland, Veluwe en Rijk van Nijmegen waren in theorie ooit met elkaar verbonden, of was het toch de Utrechtse Heuvelrug? Dat het laaggelegen land ertussen niet vrij is van hoogteverschillen kun je aan de gemiddelde stijging van de Polderingen afleiden. Deze kun je dus prima gebruiken in een klimroute die hoogten verbindt. Het antwoord is dus ja. A ridge too far, or to(o) close? Marketing van je achtergarden om ons heerlijk Ghelders Rijneken.

Ridge2close
Route Hoogte (m) Afstand (km)
Opgelder 2050 185
Bovenbant 550 99
Overburger 510 96
Totaal 3110 380
Montverwant

De Brabantse Poort, gevormd door de rivieren Raam en Maas, kan dicht via de Horst van Mill, de sandr van de Hatertse Heide en de rivierduinen van de Hatertse Vennen. Daartussen dient ook het Maas-Waalkanaal geslecht te worden. Klimmen in Limburg kan ook zonder terassen van de Maas. De westwand van de Limburgse poort wordt gevormd door de Maasduinen en het Plateau van Wemb, het noordelijkste hoogterras links van de Rijn. Aan de overzijde van de Niers ligt de Gocher Heide, waarvan men niet weet of dit nu een hoogterras van de Rijn betreft, een ongelaagde stuwwal, of een sandr.

Mont2marry
Route Hoogte (m) Afstand (km)
Mokertour 1060 100
Faalsemijl 1010 117
Mollenhut 500 73
Pfalzplat 500 91
Totaal 3080 381
Dievels Alt

Een meer voor de hand liggende benadering, dan het oversteken van een riviervlakte, is het koppelen van de aaneenliggende hoogten tussen de rivieren. De stuwwallen zitten ook hier echter niet direct aan elkaar, maar worden gescheiden door sandrs, zwak hellende terrassen van weinig reliëfrijk zand, gevormd door afglijdend en sedimenterend water. Een soort van Nederland in het klein. De afdekkende klei, löss, komt niet van het water, maar van de wind. Deze vreemde pariteit leidt tot een duivels dilemma. Het gras bij de buren lijkt altijd groener, maar zo zijn we niet getrouwd, of in het echt verbonden.

Back to top of page

Vooralberg

Alpe du Hexe

Als je in de polder een klimring kunt aanleggen om een heuvel te maken, kun je in de heuvels een berg realiseren. Met een effectiever gebruik van nabije hoogteverschillen kunnen jaarlijks miljoenen autokilometers, enkel om bergop te fietsen, worden voorkomen. Om zo’n verre Alp na te bootsen heb je wel een helling en een afdaling nodig die allebei voldoende steil zijn.

Klimstroom
Traject ALP HVT
Alpe d’Huez 441 552
Alpe du Hexe 312 437
Ratio 0,71 0,79
Ho ho Zeven

Meerdere keren is geprobeerd de Gelderse heuvels van Berg en Dal te profileren als volwaardig alternatief voor Zuid-Limburg, maar deze koersen eindigden in een sprintersbal. De storende factor blijkt de beroemde Zevenheuvelenweg, waarvan de selectiviteit relatief laag is. Klimmen worden effectiever als hindernis, door ze niet te kort na een afdaling of niet te lang na een bocht te leggen, zoals de U-bocht voor de Cauberg in Valkenburg. Het voordeel van rijden in een peloton wordt nu een nadeel door het harmonica-effect.

Klimstroom
Traject ALP HVT
WK Valkenburg 52 133
Ho ho Zeven 108 197
Ratio 2,08 1,48
Holle straten

De hoge steile opgangen bij Nijmegen zijn ongetwijfeld de zwaarste stuwwalhellingen van de Benelux. Een reisje langs de Rijn meer dan waard. Vanuit de Randstad liggen de heuvels van Vlaanderen en Zuid-Limburg minstens dubbel zo ver. Daarbij komt dat in het laatst genoemde gebied slechts twee hellingen beduidend zwaarder zijn dan de beklimmingen over de Oude en de Nieuwe Holleweg. Beter een goede muur, dan een verre tiend.

Back to top of page

Oost en Rijk

Uitstraling in het Oostblok

Aangezien de Noord-Europese Laagvlakte wordt gekenmerkt door laagdrempelige stuwwallen, legt een fietsformule voor exploitatie van bergketens het af. Met het krampachtig opstapelen van hoogtemeters blijf je hier aan het kortste eind trekken en het rendement blijft beperkt. Het effect van efficiënt lokaal opwerken blijkt uit de electrabel. Hoewel de meeste recente route bijna 40 % korter is en 25 % minder hoogtemeters heeft, stijgt de klimwaarde (WTR) met 15 %, terwijl de klimkracht (UFL) gelijk blijft. Gezien de reacties in het milieu heeft kernachtig trainen niet altijd een goede uitstraling in verband met de halfwaardetijd.

Electrabel
Traject ALP HVT
Oostblok ’12 41 82
Oostblok ’14 56 122
Oostblok ’16 81 184
Ratio 1,98 2,24
Meltdown in de stadskern

De route Oostblok ’12 bestaat nog uit drie heuvelkernen, geïsoleerd door twee plateaus (Hunerberg en Kwakkenberg). Na het doorontwikkelen met de beschreven opwerktechnieken (OWT 1-4), is de klimsterkte (ALP) met 100 % gestegen en de klimspanning (HVT) met 125 %. Een heuvelkern is afgestoten, terwijl de andere twee zijn versmolten. Het overbruggen van de relatief vlakke delen is gedaan door het opvoeren van de klimspanning. Deze systematische benadering is mede mogelijk gemaakt door de aanwezige straatlantaarns op alle hellingen. Van collectieve lastenverzwaring naar persoonlijke straatverlichting.

Back to top of page

Volverde

Inversie

Volverde is een generieke intervaltraining die gebruik maakt van hoogteverschillen die in heel Nederland voorkomen. Denk hierbij aan bruggen, viaducten, tunnels, zandruggen, duinen en waterkeringen. In de Zuidplaspolder kun je onder NAP gewoon een Volverde-training doen. Klimmen naar de zeespiegel is in dat deel van Holland het hoogst haalbare, maar omdat de bodem tot zeven meter lager ligt, zijn ook daar stroken van 3-4-5 % te vinden.

Trammelant

De effectiviteit van de training is in 2017 uitvoerig getest op de hoogte bij Nijmegen, Opberg categorie 2.1 Stuwwal, met straatlicht en geschikt geacht om uitgerold te worden over andere hoogtes in Nederland, bijvoorbeeld een strandwal, Opberg categorie 3.1 Zandrug, waarbij het hoogteverschil ontstaan is doordat veen rondom is afgegraven, drooggelegd en ingeklonken. Een transitie van hoog en droog naar intrinsiek nat en omgekeerd plat.

Trendbreuk

Trainen op klimkracht vindt traditioneel plaats in de heuvels op de steilste stroken, maar ook daar duurt steilheid het kortst. Je kunt het effect van klimkracht langer in je voordeel gebruiken door minder steile klimmen te selecteren en die op het buitenblad af te werken. De natuurlijke ondergrens aan de cadans werkt sturend, omdat de efficiëntie daaronder grondig afneemt en vice versa. Steile of hoge heuvels zijn handig, maar niet noodzakelijk.

Staanplaat

Staand op de grote plaat met de handen in de beugels is minder efficiënt dan zittend op het kleine blad met de handen op het stuur, maar wel effectiever. Door frequente blootstelling aan verzuring, zal deze minder snel optreden en sneller wegtrekken. De training werkt het best met veel hellingen met weinig hoogtemeters, zodat het aantal intervallen groter wordt, terwijl je niet in de weerstand geraakt. Het moet geen worstelen en bovenkomen worden.

Opberghoek

13 hm – 1,9 km – 9 VLV
Opberghoek

Een voorbeeld van een Volverde-training in Bergschenhoek, Zuid-Holland. De omloop is 1,9 kilometer lang en kent drie oplopende stroken: tweemaal 4 % en eenmaal 5 %. Dit is goed voor 9 VLV per ronde. Doe je de route acht keer, dan verzamel je 72 VLV in 15 kilometer. Doe je dit zes dagen per week, dan bedraagt de opgetelde krachtspanning in dit schema 450 VLV, gelijk aan 150 stroken van 5 %, staand op de pedalen, met slechts vier uur training.

Denivellering

Het samenpersen van zo veel mogelijk significante hoogtemeters in een optimale rondgang, heeft midden in de vlakte een kleine klimring gecreëerd, die met een stijging van 0,68 % valt in de categorie Niedering. Opwerktechnieken zijn hier geen luxe, maar een voorwaarde, anders is er überhaupt niks. Hierdoor vallen inschakelen (OWT1) en voltanken (OWT2) samen, gevolgd door kortsluiten (OWT4). Aftappen (OWT3) van laaggeladen hoogtemeters is niet nodig.

Back to top of page

Ullridge

Platslaan

Bij het ontbreken van natuurlijk hoger gelegen gronden, die van meerdere kanten benaderbaar zijn, omdat juist daar de nederzettingen en wegen liggen, kun je alsnog klimmen met behulp van een Uflacht. Dit werkt voor grote delen van Nederland onder de basisassumptie dat als het land plat is, er een dijk ligt, en als er geen dijk ligt, het land onder water staat. Benodigd zijn een aantal dijkopgangen met een tussenafstand van minder dan een kilometer.

Kinderalp

Met de steilheid van de dijken is niets mis, ze missen alleen de hoogtemeters en zijn in de regel slechts van een kant benaderbaar, omdat aan de andere zijde de uiterwaard ligt. Dit laatste kun je oplossen door na een aantal opgangen de route terug te laten draaien, waardoor een achtje ontstaat. Hiermee sluit je de schaars aanwezige volgetankte hoogtemeters zo goed mogelijk kort. Je ervaart zo misschien niet de continuïteit, wel de steilheid van een alp.

Opzadelen

In plaats van het gebruikelijke opsprinten, kun je ervoor kiezen te trainen op vermogen leveren vanuit het zadel. Hiervoor schakel je al in de aanloop naar het kleine blad en en trap je door tot boven, waar je de onvermijdelijke bocht neemt en op het kleine blad snelheid maakt, voordat je overschakelt naar de grote plaat tot de volgende afdaling. In tegenstelling tot Volverde-training is Ullridge-training niet getest op de Nijmeegse stuwwal, dus kom van dat dak af.

Opweurt

Het dijkdorp Weurt onder de rook van Nijmegen kent op korte afstand een aantal steile wegen tegen de dijk, waarvan de steilste piekt op 13 %. Daarvoor hoef je dus niet naar Nijmegen. In een route van bijna 9 kilometer kun je een klimkracht van 14 UFL overwinnen in het polderland van Maas en Waal. Bereken je de klimkracht per kilometer (161 ULL), dan blijkt deze gelijk aan die van de klimroutes op een stuwwal. Opbergen kan dus werkelijk overal.

opweurt

39 hm – 8,7 km – 161 ull

Back to top of page

Negen millimeters

Terreintred

Tektonisch wielrennen kan niet alleen in Zuid-Limburg, maar tot op zekere hoogte ook in Noord-Brabant. De Peelhorst wordt in het westen begrensd door de Centrale Slenk en in het oosten door de Venloslenk. Bij beide overgangen treedt een terreintrede in het landschap op. Evenwijdig aan de Gravebreuk is door de Maas een terrasrand van pakweg tien meter hoog uitgeschuurd in de Horst van Mill. Kwestie van een ongelijke tred.

Opperbest

Door dit hoogteverschil goed kort te sluiten ontstaat een kleine klimring van 1,3 kilometer, de lengte van een criteriumparcours. Als men deze ronde 57 maal aflegt in een wedstrijd van 75 kilometer, wordt een hoogteverschil van 500 meter overwonnen. De gemiddelde stijging van 0,68 % komt overeen met die van een forse Niedering. In theorie is het dus opperbest mogelijk om klimcriteriums te organiseren in het Brabantse landschap.

Hoogstraat

De start / finish van dit terrascriterium ligt voor de Sint-Willibrordeskerk op de Burgemeester Verstraatenlaan. Na de start gaat het rechtsaf over de Kerkstraat, rechtsaf naar de Hoogstraat en rechtdoor over de Beerseweg naar beneden. In de vlakte sla je viermaal rechts af naar de Groenedijk, Looijerijweg, Brandsestraat en Pastoor Maasstraat, waar ter hoogte van de bocht naar links de onvermijdelijke opgang naar de streep aanvangt.

9 millimeters

9 hm – 1,3 km

Back to top of page

Zevenheuvelenweg

Knotseklef

De Knotseklef of Panoramaberg is de eerste heuvel van de Zevenheuvelenweg naar Berg en Dal. Vanuit het Hoenderdal loopt de straat vanaf de oude kerk in Groesbeek steil omhoog. De tweede heuvel van het oude pad was de Galgenhei die vroeger gebruikt werd als vuilstort. De nieuwe weg schampt de Kampheuvel en bestijgt de Boksheuvel.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg, Chopinstraat
7 – 8 – 2 – 5 %
22 hm – 400 m – 262 wtr – 5 ufl
Kampheuvel

Een ouderwets debat betreft het aantal hellingen van de Zevenheuvelenweg, voorheen gesteld op vijf. Data van 21 profrenners uit de 2e etappe van de Giro d’Italia 2016 laten echter zien, dat de Kampheuvel en Boksheuvel twee momenten van vertraging opleveren, die niet verklaard kunnen worden door het verschil in stijging alleen. De data van de dag erna laten zien dat ook de Posbank een voorzettafeltje heeft.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
4 – 7 – 2 – 3 %
16 hm – 400 m – 143 wtr – 3 ufl
Boksheuvel

Alom bekend van de derde dag van de Vierdaagse, is de Boksheuvel de zwaarste van de hobbelige hellingen in het Groesbeeks Bekken, de Zeven Heuvelen. De klim begint in de zogenaamde Dodemansbocht, gelegen in het smalle droogdal tussen de Kampheuvel en Boksheuvel. Als verzwaring toegevoegd aan de omloop van het NK Weg 2002 en decor voor de tussensprint in de 2e etappe van de Giro d’Italia 2016.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
8 – 9 – 7 – 6 – 3 %
33 hm – 500 m – 461 wtr – 6 ufl
Vlierenberg

De Vlierenberg is als vierde heuvel van de Zevenheuvelenweg onderdeel van de Zevenheuvelenloop en van de Nijmeegse Vierdaagse. Tijdens het NK Weg in 2001 was het de vierde en in 2002 de vijfde helling op het parcours. De vlier(enberg) is gewijd aan Vrouw Holle. Zij houdt draadloos bij of mensen vlijtig of lui waren. Snel je device uitschakelen helpt hier dus niet.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
8 – 7 – 3 %
18 hm – 300 m – 230 wtr – 4 ufl
Engelenberg’

Vanuit Groesbeek gezien is dit de vijfde helling van de Zevenheuvelenweg en ook de een na laatste beklimming van de Zevenheuvelenloop. Op de derde dag van de Nijmeegse Vierdaagse volgt nog de klim naar de Brantberg in Berg en Dal. De laatste meters over het fietspad naar de top zijn venijnig steil, de rijbaan zelf is ingesneden en ligt een paar meter lager.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Berg en Dal – Zevenheuvelenweg
5 – 8 %
13 hm – 200 m – 177 wtr – 4 ufl
Duivelsberg

Bij de T-splitsing van de Meerwijkselaan en de Zevenheuvelenweg kun je rechtsaf richting Groesbeek naar de Engelenberg, of linksaf tussen de Brantberg en de Duivelsberg naar Berg en Dal. Bij de NK’s Wielrennen beklom het peloton de Brantberg en bij de Vierdaagse wordt deze heuvel ook beklommen. Rechtdoor over de Zevenheuvelenweg is verboden in te rijden, dus wordt het meestal rechtsaf naar de Duivelsberg.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Berg en Dal – Zevenheuvelenweg, Clarenbeekseweg
2 – 6 – 3 %
11 hm – 300 m – 91 wtr – 2 ufl

Back to top of page

Opbergunits

Stapelgek

Klimmen bij Nijmegen staat gelijk aan klimmen in Nederland. Want hoe reliëfrijk het landschap van Zuid-Limburg ook mag zijn, het complete arsenaal aan Nederrijnse opbergelementen is te vinden op de terrassenkruising, de plek waar de grote rivieren samenkomen, uitwaaieren en overgaan van insnijden naar afzetten. De combinatie van forse verkeersbruggen, kilometers aan dijken, uit de vlakte oprijzende stuwwallen en uitgestrekte rivierduincomplexen zorgt voor een aanzienlijk aantal hoogtemeters, terwijl nabije terrassen en horsten het klimgehalte verder aanvullen en opvoeren.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Een voor alles

Voor terpen hoef je niet naar Friesland en voor aardbevingen niet naar Groningen, wierd? Groeves en afvalbergen zijn allesbehalve zeldzaam. Denk bijvoorbeeld aan de Leemkuil en de Wijchense Berg. De Berendonck en de Groene Heuvels zijn 25 meter diep, maar liggen vol met water. Niet meegenomen zijn parkeergarages, vestingwerken, molenbelten, monumentale heuvels, uitkijkpunten en bolle essen. De wel in Nederland, maar niet bij Nijmegen, voorkomende drumlins, zoals op Texel, vallen in de categorie stuwwallen, kames onder sandrs en de zeldzame eskers onder zandruggen.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Col de collage

Opbergtheorie

Klimmen in de Lage Landen blijft pappen en nathouden. Geen enkele heuvel in Nederland is hoog, zwaar of lang genoeg om ook maar in de verte dienst te doen als zelfstandige training. Eigenlijk geldt dit fenomeen voor Holland in zijn algemeenheid. Want wat doe je met ontelbare reepjes land gescheiden door water? Die voeg je samen tot polder, bestuurd door een model van waterschappen dat inpoldert tegen hoogwater. Als je land kunt winnen uit moeras, moet het ook mogelijk zijn een berg te winnen uit glooiing. Maar hoe gaat dat in de praktijk?

Montem Batavorum

Een klassieke vraag is of het Oppidum Batavorum een enkele grote heuvelstad betrof, of verwees naar een ketting van kleine dorpen verspreid over de beschikbare hoogtes in het rivierengebied. Een kern op een heuvelrand succesvol vervangen door een rand van heuvelkernen, is een benadering van Randstadformaat. Kwestie van Bataafs verbinden? Hoewel een Batavus Nexus nooit een Colnago zal worden, zijn de principes van Bataafs schakelen nuttig bij het omvormen van meerdere heuvels tot de mythische berg Alpe du Hexe.

Zeven Upbergen

Eeuwenlange inspanning onder de noemer ‘Dat land komt er’ heeft slechts geleid tot tijdelijk land. Een polderstelsel dat bestaat bij de gratie van continue bemaling. Zo bezien is Nederland een pop up land van zeven afgescheiden provinciën, waar men in zeven sloten tegelijk kan lopen. Afgezien van een enkel fort is de stuwwal al die tijd vooral gebruikt als stapel brandhout. Waar in gezamenlijk beheer de polder floreerde, eindigde het hoogland in een kale woestijn. Staatsbosbeheer heeft de puinhopen van acht eeuwen groen mogen opbergen.

Pop Upladen

Heuvellandschappelijke zaken die in al die jaren wel van de stuwwalgrond kwamen waren de Neolithische grafheuvels (-800), Romeins aquaduct (100), Burcht Mergelp (1000), Klever Gärten (1650), Kronenburgerpark (1880), Heilig Landstichting (1911), Mooi Nederland (1913), Goffertpark (1939), Zevenheuvelenweg (1953) en Skibaan Molenhoek (1984). De rest betreft ontgrondingen of vuilnisbelten. Succesvolle creaties als de Zevenheuvelenweg en Bergspoor Mooi Nederland betreffen een concentraat van bestaande elementen.

Op Zeven gaan

De eerste stap is de fietsformule voor exploitatie van hooggebergtes niet langer als de maat der dingen zien en de rest als opmaat. De Noord-Europese Laagvlakte kent nu eenmaal geen hoge bergkammen met diep ingesleten kloofdalen, maar wel stuwwallen met tongbekkens, smeltwaterdalen en hellingen die door rivieren ondermijnd zijn. De vlakte is er opgekreukeld in een serie van drempels, die bij elkaar geteld als een Alpe du Hexe de benodigde hoogtemeters leveren. De Nederlandse berg bestaat dus wel degelijk als een Col de Collage.

Binnenste buitenland

Bij het samenstellen van een binnenlandse klimmende fietroute zul je in eerste instantie vooral oog hebben voor het totale hoogteverschil. Je hebt zo zicht op de te leveren arbeid, maar omdat de omstandigheden niet bekend zijn, weet je nog heel weinig over de inspanning die het kost om die arbeid te leveren. Door het hoogteverschil te delen door de lengte krijg je de gemiddelde stijging. Hoe die stijging precies verdeeld is staat er niet bij, maar het is de beste indicator om mee te starten tijdens het opbergen van een klimgebied.

Back to top of page

Opbergkabinet

Nederrijnse Opbergunits

De Nederrijnse Opbergtheorie stelt dat je in Nederland kunt klimmen door middel van klimringen of hoogmakerijen analoog aan landwinning door inpoldering. De terrassen van Zuid-Limburg en de stuwwallen van Gelderland, Utrecht en Overijssel genieten op dit vlak enige erkenning, maar vormen slechts twee van de twaalf bronnen van unieke Nederlandse hoogtemeters. Vaak staart men zich blind op een muur, zoals bijvoorbeeld die van Beek. Is een omslag van eenhoogkoning naar opbergkabinet mogelijk?

Natuurlijk
1 Opheffing 2 Opstuwing 3 Afzetting
1.1 Terras 2.1 Stuwwal 3.1 Zandrug
1.2 Horst 2.2 Sandr 3.2 Duin
Aan de heuvelketting

Bij het effectief inzetten van hoogtemeters rond Nijmegen is logischerwijs eerst naar de stuwwallen gekeken. Een route van 200 kilometer levert 2000 hoogtemeters, twee keer Alpe d’Huez. Aangezien de stuwwallen van Rijk van Nijmegen, Veluwe en Montferland gescheiden zijn, is voor de verbinding gebruik gemaakt van bruggen over de Waal, Rijn en IJssel en van rivierduinen tussen Doetinchem en Doesburg. Hieruit blijkt de rol van deze aanvullende natuurlijke en menselijke opbergunits in klimroutes.

Menselijk
4 Verkeer 5 Water 6 Nijverheid
4.1 Brug 5.1 Dijk 6.1 Stort
4.2 Tunnel 5.2 Terp 6.2 Groeve
Maas in de wetlands

Dat klimmen rondom Nijmegen ook zonder stuwwallen kan, bewijzen twee routes van 100 kilometer die gezamenlijk 1000 hoogtemeters leveren. Je reinste d’huez ex machina. De eerste maakt gebruik van de Hatertse Heide sandr, duinen van de Hatertse Vennen en de horst van Mill, geflankeerd door bruggen over de Maas en Maas-Waalkanaal. De tweede genereert klimkracht met de Maasduinen, terras van Wemb en de sandr van de Gocher Heide. De hoogste tijd om de bekende twee voor twaalf om te ruilen.

Back to top of page

Opbergkansen

Nimmalaya

De hoogteverschillen in de Himalaya zijn natuurlijk fenomenaal, maar ligt er ook asfalt op de juiste plek? En mag je daar vervolgens ook met de fiets overheen? Opbergen draait om het economisch en met beleid inzetten van (over)winbare hoogtemeters in een land dat gebukt gaat onder het juk van de dominante waterstaat. Een strategisch beheer van de natuurlijke en kunstmatige voorraad oneffenheden ontbreekt over de hele linie.

Opbergketen

Het Nederrijnse Opbergbeleid onderscheidt drie maal drie categorieën aan klimkansen en bedreigingen die beheerst kunnen worden. Verbeteringen in de eerste categorie zijn verreweg het eenvoudigst te realiseren. Dit zijn tweerichtingsverkeer voor fietsers op hellende wegen, gedeeltelijke openstelling van hellende voetgangersgebieden voor fietsers en doorgangen op hellende semi-publieke terreinen betrekken bij de openbare weg.

Opbergbeleid
1 Politiek 2 Mobiliteit 3 Economie
1.1 Rijrichting 2.1 Reconstructie 3.1 Bebouwing
1.2 Openstelling 2.2 Uitbreiding 3.2 Verbinding
1.3 Openbaarheid 2.3 Verharding 3.3 Onderhoud
Hellingbaan

Ook de tweede categorie biedt kansen als er een einde komt aan het schijnbaar fundamentele recht om zonder conditie op een versnellingsloze fiets elke plek in Nederland te bereiken. Het ongebreideld egaliseren en aanleggen van ruimtevretende flauwe hellingbanen is onbetaalbaar. Opgangen bij reconstructies kunnen steiler, nieuwe fietspaden hoeven niet perse op de meest egale tracés en recreatieve verharding mag natuurlijker.

Heuvelschap

Hoge gronden structureel als natuurgebied aanwijzen en mensen tot zeven meter onder de zeespiegel te laten kopen is een economische keuze. Het opwerpen van superterpen heeft het niet gehaald, evacueren is goedkoper. Vaste oeververbindingen zijn hierbij van groot belang. De Randstad tijdig evacueren lijkt me bovendien kansrijker per fiets. Hoge gronden kunnen heuvelschapsbelasting invoeren voor wegonderhoud.

Back to top of page

Klimringen

Heuvelstelsel

Voordat je de klimmen individueel gaat opmeten, kun je de potentie van een heuvelstelsel in kaart brengen met een klimring. Hierbij worden zo veel mogelijk hoogtemeters samengeperst in een optimale rondgang. De klassering gebeurt op basis van de gemiddelde stijging. Hiervoor deel je het hoogteverschil door de afstand. Klimringen met een stijging van meer dan 0,75 % krijgen het label Obering, tussen 0,50 % en 0,75 % geldt de naam Niedering en een oversteek tussen heuvelstelsels van 0,40 % tot 0,50 % heet Poldering.

Klimringen
Naam Stijging min (%) Stijging max (%)
Obering 0,75 1,50
Niedering 0,50 0,75
Poldering 0,40 0,50
Knippenberg

Klimringen hebben niet alleen een beschrijvende, maar ook een praktische werking. Je kunt ze aan elkaar schakelen tot een grotere ronde, of juist doorknippen, en een van de zijden gebruiken om een doorgaande route te creëren. Het eenvoudigst is de zwaarste Obering centraal stellen en van daaruit verder te breien. De klimringen van Nijmegen en Xanten zijn de zwaarste in hun sector. De vraag is of de Romeinen zich daar hoofdzakelijk settelden, omdat een fijnmazig wegennetwerk heuvelop mogelijk was, of is het andersom?

Nimmalaya
Klimring Hoogte (m) Afstand (km)
Oberingen 1350 117
Niederingen 740 118
Totaal 2090 235
Mooiland

De Moylander en Uedemer stuwwallen zijn minder hoog en breed dan die van Nijmegen en Kleve, maar hebben beide voldoende body voor een Obering, zeker in combinatie met de ongelaagde stuwwal van Louisendorf. De duidelijk zichtbare laagte naar de stuwwal van Moyland is gevormd door verzameld smeltwater. Van de binnenkant is de Uedemer stuwwal veel minder herkenbaar, behalve bij Kalkar en vooral Uedem, op de hoekpunten. Aan de overkant van het Uedemerbruch begint de Sonsbecker Schweiz met de beboste gescheiden stuwwallen van Sonsbeck en Xanten.

Kalkarpaten
Klimring Hoogte (m) Afstand (km)
Oberingen 1110 119
Niederingen 650 113
Totaal 1760 232
Breiwerking

Waar de Oberingen vrijwel alleen gebruik maken van de stuwwallen zijn de Niederingen diverser samengesteld. Neerbosch, Malden, Goch en Uedem combineren een sandr met bruggen, terwijl die van Wijchen bestaat uit duinen. Bedburg schakelt een sandr aan een stuwwal en die van Pfalzdorf loopt enkel over een sandr. Uedemerbruch ligt weliswaar in de gelijknamige laagte, maar kan gebruik maken van de oplopende dalkanten van twee stuwwallen. Kevelaer mengt bruggen met versneden laagterras.

Back to top of page

Hoogmakerij

Streekreactor

Klimringen zeggen enkel iets over de hoeveelheid hoogtemeters binnen een bepaalde afstand en houden, als eerste opbergfase, geen rekening met steilheid. Stap twee is het opbergen van heuvelkernasfalt in een streekreactor, zodat een geheel groter dan de som der delen ontstaat. Hoogmakerij Klim bij Nijmegen heeft als doelstelling het maximaliseren en instandhouden van een heuvelkettingreactie met landelijke uitstraling.

Kerntaken
Opbergcode Handeling Resultaat
1.1 Opzetten Opzetten hoogtemeters Kaart en database
1.2 Opwerken Verbinden klimmen GPS fietsroute
2.1 Opnemen Fotograferen klimmen Beeldmateriaal
2.2 Opschrijven Beschrijven klimmen Naam en beschrijving
Kettingreactie

De twee belangrijkste kerntaken van een hoogmakerij zijn het opzetten van alle relevante hoogtemeters tot klimmen (1.1 Opzetten) en het verbinden van de klimmen in fietsroutes (1.2 Opwerken). Daarna volgen het fotograferen (2.1 Opnemen) en het achterhalen van de naam en geschiedenis van de beklimmingen, zodat een herkenbare beschrijving kan worden toegevoegd (2.2 Opschrijven). Anders blijven het cijfers.

Opwerken
Techniek Opwerkcode Handeling
Inschakelen OWT1

Kiezen juiste klimmen

Voltanken OWT2 Toevoegen steile stroken
Aftappen OWT3 Uitsluiten zwakke stroken
Kortsluiten OWT4 Optimaal verbinden
Klimfusie

Verbinden in routes (2.1 Opwerken) begint met het inschakelen (OWT1) van de juiste klimmen. Voltanken (OWT2) doe je door sterk hellende hectometers te selecteren, waarna je de zwakker hellende hoogtemeters aftapt (OWT3), zodat de geselecteerde hoogtemeters zo goed mogelijk worden kortgesloten (OWT4). Met de juiste formules kun je in klimmen opgezette hoogtemeters fuseren tot opbergketens, die het niveau van klimringen overstijgen.

Back to top of page

Plamuur van Beek?

Nieuwe verkeerssituatie

De beklimming van de Van Randwijckweg, nog gemarket in de Giro d’Italia 2016, blijkt na de reconstructie in 2017 gedeeltelijk verboden voor wielrenners. Halverwege de helling moeten fietsers voortaan oversteken en hun klim richting Berg en Dal vervolgen over de smalle Hogeweg, waar bovenaan wederom een oversteek wacht. Aan het traject van de afdaling is echter niets gewijzigd. Per fiets afdalen over het begin van de Nieuwe Holleweg mocht al niet en de Van Randwijckweg afdalen mag nog steeds, evenals de Hogeweg.

Impact op de klimwaarde

Het nieuwe traject over de Van Randwijckweg en Hogeweg is niet eens zo’n slechte deal. De klimwaarde ligt iets hoger, met name door een vrijgegeven strook van 13 %. Door het gedeeltelijke klimverbod is de aloude combinatie Sterrenberg en Hanenberg (1832 wtr) niet meer mogelijk, maar daarvoor in de plaats komt de nieuwe combinatie Sterrenberg en Beekerberg (1711 wtr). Deze loopt via de Van Randwijckweg, RA Oude Bosweg, RA VD Veurweg, RD Nieuwe Holleweg, LA Van Randwijckweg en RA Hogeweg. Een bescheiden impact.

Modellandschap in NL

Het zwakke punt van de reconstructie is de toepassing van de landelijke regel, die oplegt dat de autorijbaan op een grote weg binnen de bebouwde kom een minimale breedte behoeft. Prima bedacht voor een weidse polder in een Staats waterrijk, maar onbruikbaar in het heuvelland van Berg en Dal. Het originele plan betrof een aanleg van twee fietsstroken met in het midden een rijstrook, maar polderspecificaties boden te weinig ruimte voor deze uitvoering. Het resultaat is dat de fietsers omgeleid worden, omdat ze in de weg fietsen.

Oog van de haarspeld

Omdat de verknipte Van Randwijckweg beenharen ten berge deed rijzen is de opgang van de ‘Gelderse Cauberg’ door de politiek gered van stoemploze ondergang. De gemeente Berg en Dal heeft als wegbeheerder de wijzigingen teruggedraaid. De reconstructie was in 2013 gepland door de voormalige gemeente Ubbergen, in 2015 samen met Millingen en Groesbeek opgegaan in de fusiegemeente Berg en Dal. Waar eerder enkel de Zevenheuvelenweg op het huidige gemeentehuis telde, heeft men voortaan een grotere heuvelportefeuille in beheer.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Ansichten bij Nijmegen

Ansicht 1-9

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 10-18

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 19-27

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 28-36

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 37-45

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 46-54

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 55-63

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 64-72

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 73-81

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Ansicht 82-90

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Stijlverschillen in omgang

Op de Nederrijnse Heuvelrug

Routes Mokerkoning en Qetila respectievelijk geprojecteerd op ABC- en DE-kaart laten twee verschillende patronen zien: afb. 1) Stuwwal en afb. 2) Puinkegel, oftewel stuwwallen versus spoelzandwaaiers, smeltwaterterrassen en ijswiggen. Aan de D-groen klimmen is de vorm van de stuwwal redelijk te zien. De spreiding van de grijze dwergen lijkt meer op die van de Oortwolk. Dit lijkt een aanwijzing om E-grijs wel buiten de A:B:C:D = 1:2:3:4 verdeelsleutel te houden, maar niet buiten de metingen, zoals eerder. Je kunt wachten op beloofde bergen, of efficiënter omgaan met wat bestaat. Klimwaarde D-groen + E-grijs = 7315 WTR = 1/2 Alpe d’Huez.

Klim bij Nijmegen Qetila

Ervaar de outline van de Nijmeegse stuwwal, het noordelijkste deel van de Nederrijnse Heuvelrug. In de driehoek Goch, Kleve en Nijmegen lag vroeger een omvangrijk rijkswoud, dat Ketelwald of Ketila genoemd werd, ingeklemd tussen de rivieren Maas, Niers, Rijn en Waal. Zoals te zien zijn grote delen van de heuvelketen succesvol herbebost. Het middelste ‘klimrijk’ op de Lower Rhine Ridge ligt in de driehoek Xanten, Kalkar en Goch. Het zuidelijkste deel is gesitueerd op de lijn Krefeld, Kamp-Lintfort en Xanten. Op Nederlandse bodem is de Utrechtse Heuvelrug, als voortzetting van de Neusser of Krefelder Staffel, naar men zegt het nauwst verwant aan deze Nederrijnse bergen.

Back to top of page

De Wedrenners

“Namens de Stichting Wedrenners organiseert Marc Heijnen op dinsdag en op zondag gezamenlijke fietstrainingen. Als je ook wil meerijden stuur dan je adresgegevens en je telefoonnummer naar marc.heijnen@wedrenners.nl. Nieuwe deelnemers kunnen zich ook aanmelden 15 minuten voor het vertrek van onze dinsdagavond tochten. Voor onze zondagse tochten kan men zich alleen vooraf via mail aanmelden.”

Bron: website van Stichting Wedrenners

A- en B-route

Bruchsche Strasse

Vanaf polderniveau in de Duffelt kun je van drie kanten het viaduct over de B504 bestijgen. De vangrails aan beide zijden geven het geheel zowaar een Frans uiterlijk. De opgang via de Bruchsche Strasse is met twee stroken van vier procent het zwaarst. Aan de berkenbomen in de berm kun je afleiden dat het broekland niet ver weg is, aangezien de Nijmeegse stuwwal nauwelijks waterhoudende dalen kent.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Kranenburg – Bruchsche Strasse
4 – 4 %
8 hm – 200 m – 64 wtr – 2 ufl
Lentsenberg

Korte klim over de Gocherstrasse vanaf de kerk in Frasselt naar de uitloper van de Lentsenberg, verderop in het Reichswald. Als je bij de kerk links afslaat kun je via de Schottheider Strasse onder het viaduct van de Kranenburger Strasse de Heyberg in Schottheide beklimmen. De helling is blijvend opgenomen in beide dinsdagroutes van de Wedrenners.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Frasselt – Gocherstrasse
2 – 2 – 3 – 5 %
12 hm – 400 m – 79 wtr – 2 ufl
Mussenberg

De lange flauw hellende wegen aan de zuidoostkant van het Reichswald over de Gocher Heide, hebben nog het meeste weg van die op de Hoge Veluwe nabij Apeldoorn, met kilometers lang elke honderd meter een meter stijging. Die klimmen vanaf de kant van de stuwwal zelf zijn korter en steiler. Opgenomen in de dinsdagroute van de Wedrenners na de Lentsenberg en voor de Jansberg (A) of Hunsberg (B).

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Frasselt – Gocher Strasse, Kranenburger Strasse
. 2 – 2 – 3 – . -2 – .. 4 – 3 – 5 %
19 hm – 1200 m – 75 wtr – 2 ufl

A-route

Jansberg

De heuvelkam tussen relatief lage Maartensberg (66 m) en de beduidend hogere Duitse Jansberg (78 m), is het meest zuidelijk gelegen stuk stuwwal van de Benelux. De klim over de Zwarteweg, Neutraleweg en Holleweg blijkt een echte pas vanuit de Maasvallei naar het Rijndal. Op de top heb je een prachtig uitzicht op het Groesbeeks Bekken. Elke dinsdag in de A-route van de Wedrenners.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Milsbeek – Holleweg, Neutraleweg
6 – 5 – 9 – 5 – 2 %
27 hm – 500 m – 317 wtr – 5 ufl

B-route

Hunsberg

De lange glooiende Kartenspieler Weg door het Reichswald vormt een rechtstreekse (private) fietsverbinding tussen de Duitse grensplaatsen Grunewald in het Niersdal en Grafwegen in het Bekken van Groesbeek. De Hunsberg is sinds 2013 alleen opgenomen in de B-route van de Wedrenners. Het ‘Reich’ in Reichswald komt van het ‘Rijk’ in Rijk van Nijmegen. Ook deze weg behoort tot het Forstamt Kleve.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Grafwegen – Kartenspieler Weg
2 – 2 – 3 – 4 – 2 – 2 – 2 – 2 – 5 – 3 %
27 hm – 1000 m – 158 wtr – 3 ufl

A- en B-route

Freudenberg

De Grafwegener Strasse, van Kranenburg naar Grafwegen, vormt de oostelijke tegenhanger van de Wylerbaan, die van Groesbeek naar Wyler loopt. De Freudenberg kom je op dinsdag bij de Wedrenners tegen na de Jansberg (A) of na de Hunsberg (B), maar voor de Drullerberg, Lindenhof en de Duivelsberg. Boven goed rechts houden, want op de Grafwegener Strasse wordt hard gereden.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Grafwegen – Grafwegener Strasse
2 – 5 %
7 hm – 200 m – 53 wtr – 1 ufl
Drullerberg

De 75 meter hoge Drullerberg vormt samen met de tegenovergelegen 89 meter hoge Brandenberg het knikpunt tussen het Bekken van Groesbeek en het kleinere Bekken van Kranenburg. De Drullerberg kom je op dinsdag bij de Wedrenners tegen na de Freudenberg, maar voor de Lindenhof en de Duivelsberg. Ook hier boven goed rechts houden, want op de Grafwegener Strasse wordt hard gereden.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

De Horst – Grafwegener Strasse
3 – 3 – 4 %
10 hm – 300 m – 68 wtr – 2 ufl
Lindenhof

Vanaf de Steenbroekse Hei volgt het Lagewald de loop van de rijksgrens richting Wyler. Daar waar in de middeleeuwen de hoeve Brandenburg lag, maakt het asfalt een vreemde knik naar links door het Metgensdal, om alsnog met een bocht naar rechts richting de Lindenhof te hellen. Deze voormalige variant van de Beerheuvel is de laatste helling voor de Duivelsberg in de dinsdagroutes van de Wedrenners.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

De Horst – Lagewald
2 – 6 %
8 hm – 200 m – 70 wtr – 2 ufl
Duivelsberg

De gevorkte Duivelsberg markeert de overgang van de steile noordrand naar Nijmegen en het zachter hellende Bekken van Groesbeek. Het asfalt van de mooi slingerende Oude Kleefsebaan door het dal van de Holdeurn is een van de meest beklommen hellingen van de Nijmeegse stuwwal en de aankomstklim van de Wedrenners. Tot na de middeleeuwen werd de heuvel Kleverberg genoemd.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Wyler – Oude Kleefsebaan
2 – 2 – 2 – 2 – 2 – 3 – 3 – 3 – 5 – 4 – 4 – 5 – 4 – 5 – 4 – 4 – 4 – 2 – 2 %
62 hm – 1900 m – 434 wtr – 6 ufl

Back to top of page

Ronde van Nijmegen

“De Ronde van Nijmegen is een schitterende wielertocht voor recreatieve wielrenners. De Ronde wordt op 13 mei 2018 voor de zevende keer georganiseerd. De route is een mix van pittige klimmetjes, afgewisseld met vlakke stukken dijk en glooiend heuvellandschap. Men kan kiezen uit drie verschillende afstanden: 70km, 120km of 160km. We adviseren iedereen om een lange afstand te kiezen, omdat het na afzien extra genieten is.”

Bron: website van De Ronde van Nijmegen

Alle routes

Oeselenberg’

Op de Nijmeegsebaan ligt traditioneel de eerste echte helling van de Zevenheuvelenloop, tussendoor tevens opgenomen geweest in de parcoursen van het NK Wielrennen 2001, 2002 en het WK Wielrennen Studenten 2008. Een deel van het voetpad bestaat uit kasseien. Aan je rechterhand kijk je uit over het Heijendal met daarin de spoorlijn naar Roermond.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Heilig Landstichting – Nijmeegsebaan
3 – 4 – 4 – 4 %
15 hm – 400 m – 114 wtr – 3 ufl
Engelenberg

De Engelenberg is met 95 meter boven NAP het hoogste geasfalteerde punt van het Nederlandse deel van de Nijmeegse stuwwal. Bij de T-splitsing van de Meerwijkselaan en de Zevenheuvelenweg, kun je linksaf naar de Brantberg en Duivelsberg in Berg en Dal, of rechtsaf naar Groesbeek om de Engelenberg te beklimmen. Vroeger lag hier camping de Uileput.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Berg en Dal – Meerwijkselaan, Zevenheuvelenweg
2 – 2 – 3 – 3 – 6 – 8 %
24 hm – 600 m – 223 wtr – 4 ufl
Vlierenberg’

Met het hoogste punt op +93 meter NAP is de Vlierenberg op de Zevenheuvelenweg net iets lager dan de nabije Engelenberg. De beklimming van de flauwe zijde is de enige helling zonder stijgingspercentages van minimaal zes procent. Bij het zoeken naar een zevende dwerg kun je ook bedenken dat men wellicht niet een bepaald aantal bergen, maar een landschap van ondefinieerbare heuvels bedoelt.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Berg en Dal – Zevenheuvelenweg
3 – 3 – 3 – 2 – 2 %
13 hm – 500 m – 70 wtr – 2 ufl
Boksheuvel”

Korte klim vanuit de Bovve Hel, het diepe droogdal dat de Vlierenberg van de Boksheuvel scheidt. Bovenaan tref je het mooiste uitzicht op het brede Bekken van Groesbeek. De gelijkende benamingen Bocholt, Boekholt of Bokelt verwijzen naar beukenhout of beukenbos, evenals Bocholtz en Boekel. Boxmeer is dan weer vernoemd naar een middeleeuwse heer.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
8 – 6 %
14 hm – 200 m – 202 wtr – 4 ufl
Liesenberg’

Deze opgang over de Vogelsang is de kant van de Liesenberg die het vaakst beklommen wordt. De weg loopt over een vreemde smalle richel, die aan beide kanten stevig afloopt. De rondgang van de Vogelsang lijkt nog het meest op een enorme walburcht, met omsloten vlak voorterrein en versterkte hoogte. Net voor de bocht heb je goed zicht op de Beerheuvel.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Wyler – Vogelsang
4 – 7 – 7 – 6 %
24 hm – 400 m – 298 wtr – 5 ufl
Wylerberg

De klim loopt vanaf de B9 net buiten de bebouwde kom van Wyler over de Hohldörn door een smeltwaterdal tussen de Wylerberg en de Duivelsberg. In de haakse linkse bocht ligt meestal grind. Vanaf de andere kant start een alternatief vanuit het dal van de Holdeurn, waar de Oude Kleefsebaan loopt. De steilste stroken zijn hier 8 en 11 %, dus oppassen met afdalen!

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Wyler – Neuer Grenzweg, Hohldörn
4 – 4 – 4 – 4 – 2 – 5 – 9 – 6 %
38 hm – 800 m – 392 wtr – 6 ufl
Duivelsberg

De gevorkte Duivelsberg markeert de overgang van de steile noordrand naar Nijmegen en het zachter hellende Bekken van Groesbeek. Het asfalt van de mooi slingerende Oude Kleefsebaan door het dal van de Holdeurn is een van de meest beklommen hellingen van de Nijmeegse stuwwal en de aankomstklim van de Wedrenners. Tot na de middeleeuwen werd de heuvel Kleverberg genoemd.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Wyler – Oude Kleefsebaan
2 – 2 – 2 – 2 – 2 – 3 – 3 – 3 – 5 – 4 – 4 – 5 – 4 – 5 – 4 – 4 – 4 – 2 – 2 %
62 hm – 1900 m – 438 wtr – 6 ufl
Hanenberg

Waar de Nieuwe Holleweg vanuit Beek linksaf tegen de Beekerberg opkronkelt, slaat de Oude Holleweg rechts af de Hanenberg op. Voor het Kastanjedal draait de weg weer scherp naar links en stijgt 500 meter lang aan 10 % richting de noordelijke kern van Berg en Dal. Op de top kijk je uit over het Oliemolendal en spot je het kerkje van Persingen. De Oude Holle beklim je, en daal je nooit af.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Beek-Ubbergen – Nieuwe Holleweg, Oude Holleweg
5 – 5 – 6 – 12 – 9 – 11 – 10 – 11 – 4 %
73 hm – 900 m – 1275 wtr – 11 ufl
Kleine Kop

Vanaf polderniveau in Ubbergen volg je de Rijksstraatweg en sla je rechts af de Ubbergse Holleweg richting Nijmegen in. Waar de bochtige klinkerweg door het Kopsendal overgaat in de Holleweg fiets je rechtdoor aan 10 % verder over de klinkers. Sla je bij de driesprong rechts af, dan beklim je de Grote Kop. Linksaf kun je half verhard naar de Hengstberg met op de top de St. Maartenskliniek.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Ubbergen – Rijksstraatweg, Ubbergse Holleweg, Holleweg
3 – 7 – 10 – 9 – 6 – 6 – 10 %
51 hm – 700 m – 794 wtr – 9 ufl

Routes 120-160km

Stadtberg

Direct vanaf de vroegere spoorlijn van Nijmegen naar Kleve door de Duitse Duffelt, begint de kruisende Kampstrasse gelijkmatig op te lopen richting de westflank van de Neuer Tiergarten. Na de oversteek van de drukke B9, voert de helling verder over de Heidestrasse en Postweg, langs de door het Klever Kreiswald beboste Donsbrügger Heide. De Stadtberg is opgenomen in het parcours van de Eurorun um den Wolfsberg.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Donsbrüggen – Kampstrasse, Heidestrasse, Poststrasse
3 – 4 – 4 – 4 – 5 – 5 – 5 – 4 – 4 – 4 – 4 – 7 – 5 – 4 %
62 hm – 1400 m – 580 wtr – 7 ufl
Wolfsberg

De Wolfsberg vormt, net als de nabijgelegen Hingstberg, een nieuwere tweede opstuwing voor de meer dan 90 meter hoge, door het Reichswald beboste, centrale kam van de stuwwal. De Wolfsbergstrasse markeert de oostelijke rand van het bekken tussen Kranenburg en Nütterden. De afslaande Treppkesweg is pas weer na 2 kilometer verhard.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Nütterden – Wolfsbergstrasse
3 – 3 – 1 – 4 – 5 %
16 hm – 500 m – 111 wtr – 3 ufl
Treppkesweg

Het viaduct van de Treppkesweg is de zuidelijkste van de vijf oversteken over de B504, die van Kranenburg naar Goch voert. Van deze oversteken is enkel de middelste gelijkvloers, de noordelijkste het viaduct in de Duffelt en de andere twee via een tunnel. Verder zuidelijk zijn nog twee oversteekplaatsen, een bij de splitsing met de Gocher Strasse en de andere bij de afslag naar de Kartenspieler Weg door het Reichswald. Altijd opletten.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Schottheide – Treppkesweg
3 – 3 – 4 %
10 hm – 300 m – 68 wtr – 2 ufl

Alle routes

Brandenberg’

Na de Frasselterberg of de Klinkenberg kun je via de Schrammstrasse de oversteek maken van het Bekken van Kranenburg naar het Bekken van Groesbeek. Het lokale wegennet is tamelijk mysterieus, maar het uitzicht in beide richtingen in ieder geval prachtig. Je kunt de klim trouwens deels ontlopen via de Postweg, die een vlakker verloop kent, langs de hoogtelijn.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Frasselt – Schrammstrasse
4 – 2 – 3 – 3 – 6 – 3 %
21 hm – 600 m – 158 wtr – 3 ufl
Drullerberg’

Van veraf lijkt het Reichswald een gesloten hoogte, maar ten zuiden van de Drullerberg heeft een doorbraak van smeltwater voor een stevige laagte gezorgd waardoor je nu zonder al te veel hoogteverschil zo naar Gennep aan de Maas zou kunnen. De moerassen in het Maasdal staken daar vroeger echter een stokje voor. Die rond Kranenburg zijn in de 13e eeuw door Hollandse broekers drooggelegd.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Kranenburg – Grafwegener Strasse
1 – 2 – 2 – 2 – 2 – 3 %
12 hm – 600 m – 50 wtr – 1 ufl

Routes 120-160km

Hunsberg’

Een weg kun je graven, maar een dal wordt al iets lastiger. Grafwegen hoorde bij Kessel aan de Niers met het klooster Graefenthal, waar dertien Gelderse graven begraven zijn en al veel eerder een keizer geboren is. Net als elders in de regio hebben reuzen of hunnen ook hier hun reuzenstenen gestapeld. En wellicht deden ze hun diluviale vreugdedansen rond het Goldenes Kalb.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Grafwegen – Grafwegener Strasse, Kartenspieler Weg
2 – 2 – 2 – 5 – 6 – . – 5 %
22 hm – 700 m – 155 wtr – 3 ufl
Scheidal

Voordat je aan het einde van de Kartenspieler Weg de Kranenburger Strasse bereikt, krijg je nog de twee knikken van het gespleten Scheidal voor de wielen. Omdat de droogdalen hier loodrecht op de drempel van het Niersdal staan, in plaats van de contouren van de gebogen stuwwal te volgen, wordt verondersteld dat de Gocher Heide een eerdere niet gelaagde opstuwing betreft, waar de Nijmeegse stuwwal ingedrukt is.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Grunewald – Kartenspieler Weg
5 – . -4 – 4 – 2 – 2 – 1 %
14 hm – 700 m – 69 wtr – 2 ufl
Knollenberg

Tussen Grunewald en Asperden kun je voor Kessel via het Dickmönchstal het Reichswald in. Tijdens de aanloop door het woud zie je rechts de bomen steeds hoger opgaan, terwijl de Dickmönchstalweg zelf relatief vlak blijft. Totdat het landschap aan de bosrand plotsklaps een Wylerbergachtige dimensie openbaart, inclusief een haakse bocht, vanuit het droogdal de rollende heuvel op, zij het minder zwaar.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Kessel – Dickmönchstalweg, Kesseler Strasse
3 – 1 – 4 – 2 – 2 %
12 hm – 500 m – 63 wtr – 2 ufl
Kalvariberg

HochNess boven dertien Gelderse graven, begraven in het dal van de graaf, in klooster Graefenthal, gesticht door een Gelderse graaf, langs de Niers tussen Asperden en Kessel, op de plaats waar in de Romeinse tijd castrum Rot lag. In de buurt zou volgens overlevering nog muurwerk van een verdoemde en verzonken burcht onder de zoden schuilen. Iets met gulden sporen, maar dan zonder slag. Van Nederrijn naar Vlaanderen, of andersom.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Asperberg – Kesseler Strasse
5 – 2 %
7 hm – 200 m – 53 wtr – 1 ufl
Jansberg

De heuvelkam tussen relatief lage Maartensberg (66 m) en de beduidend hogere Duitse Jansberg (78 m), is het meest zuidelijk gelegen stuk stuwwal van de Benelux. De klim over de Zwarteweg, Neutraleweg en Holleweg blijkt een echte pas vanuit de Maasvallei naar het Rijndal. Op de top heb je een prachtig uitzicht op het Groesbeeks Bekken. Elke dinsdag in de A-route van de Wedrenners.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Milsbeek – Holleweg, Neutraleweg
6 – 5 – 9 – 5 – 2 %
27 hm – 500 m – 317 wtr – 5 ufl

Alle routes

Kiekberg

Komend vanuit Milsbeek over de Jansberg, kun je bij het Nederlandse buurtschap Grafwegen links afslaan, om de Kiekberg te beklimmen. Ga je rechtdoor dan kom je de heuvel alsnog tegen, vlak voor de kom van Breedeweg. Omdat de Bremberg alleen via de Kiekberg te bereiken is, viel deze beklimming eerder weg, maar een opsplitsing is een betere weergave van de hobbelige werkelijkheid.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Breedeweg – St. Jansberg
5 – 7 %
12 hm – 200 m – 149 wtr – 3 ufl
Bremberg

Als je op de top schuin achterom kijkt heb je een prachtig uitzicht over het Bekken van Groesbeek en het Duitse Reichswald. Het dal tussen de Kiekberg en Bremberg ligt in het verlengde van het Zevendal. Eerder was de helling gekoppeld met de Stroberg en de Kiekberg vanuit Breedeweg, maar na het wijzigen van de oude KBN formule naar WTR is deze koppeling niet meer de beste beschrijving.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Breedeweg – Klein Amerika
5 – 6 – 5 – 3 %
19 hm – 400 m – 187 wtr – 4 ufl
Laatberg

Met aan je linkerhand de eeuwenoude vijver de Vlasroet, kun je via de Knapheideweg langs de bosrand omhoog naar Hotel de Wolfsberg, gelegen aan de Rijlaan. De oude paden naar Mook en Molenhoek liepen aan weerszijden van de verderop in het bos te vinden Wolfsberg, door het Hoenderdaal en het Herwendaal en niet erover zoals nu het geval is.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Knapheideweg
7 – 5 – 3 %
15 hm – 300 m – 161 wtr – 3 ufl

Back to top of page

Zevenheuvelenloop

“Het parcours van de NN Zevenheuvelenloop staat al jaren bekend als het mooiste van Nederland. Het is echter ook het snelste parcours ter wereld. Het wereldrecord bij de mannen is gelopen op de heuvels tussen Nijmegen en Groesbeek in 2010 door Leonard Komon (41.13). Bij de vrouwen heeft Tirunesh Dibaba in 2009 het wereldrecord gelopen (46.28). Het parcours is één ronde van precies 15 kilometer.”

Bron: website van Stichting Zevenheuvelenloop

Oeselenberg’

Op de Nijmeegsebaan ligt traditioneel de eerste echte helling van de Zevenheuvelenloop, tussendoor tevens opgenomen geweest in de parcoursen van het NK Wielrennen 2001, 2002 en het WK Wielrennen Studenten 2008. Een deel van het voetpad bestaat uit kasseien. Aan je rechterhand kijk je uit over het Heijendal met daarin de spoorlijn naar Roermond.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Heilig Landstichting – Nijmeegsebaan
3 – 4 – 4 – 4 %
15 hm – 400 m – 114 wtr – 3 ufl
Langenberg

Na de kern Heilig Landstichting klimt de Nijmeegsebaan uit het Steenkuilendal als een taludweg richting Groesbeek. De ophogingen en insnijdingen kun je goed zien als je de maaiveldhoogte links en rechts van de weg in het oog houdt. De Langenberg is de tweede beklimming van de Zevenheuvelenloop. Daarna volgen de Vlierenberg, Engelenberg en Meerberg.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Heilig Landstichting – Nijmeegsebaan
2 – 4 – 6 – 4 – 2 – 2 – 1 – 2 – 3 – 3 – 2 – 2 – 1 – 2 – 1 – 2 %
39 hm – 1600 m – 215 wtr – 4 ufl
Boksheuvel

Na het relatief vlakke stuk over de Derdebaan sla je links af over de Zevenheuvelenweg naar Berg en Dal. Het laatste deel van de Boksheuvel levert direct een grijze dwerg op. De Babyloniërs kenden de zeven klassieke planeten op hun duimpje, maar tot op de dag van vandaag heerst onenigheid over het wezenlijke aantal. De vraag is of je echt mee wil tellen op deze planeet, of dat je het wel gelooft.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
5 – 2 %
7 hm – 200 m – 53 wtr – 1 ufl
Vlierenberg

De Vlierenberg is als vierde heuvel van de Zevenheuvelenweg onderdeel van de Zevenheuvelenloop en van de Nijmeegse Vierdaagse. Tijdens het NK Weg in 2001 was het de vierde en in 2002 de vijfde helling op het parcours. De vlier(enberg) is gewijd aan Vrouw Holle. Zij houdt draadloos bij of mensen vlijtig of lui waren. Snel je mobiele device uitschakelen helpt hier dus niet. Ik zou gewoon doorlopen.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Groesbeek – Zevenheuvelenweg
8 – 7 – 3 %
18 hm – 300 m – 230 wtr – 4 ufl
Engelenberg’

Vanuit Groesbeek gezien is dit de vijfde helling van de Zevenheuvelenweg en ook de een na laatste beklimming van de Zevenheuvelenloop. Op de derde dag van de Nijmeegse Vierdaagse volgt nog de klim naar de Brantberg in Berg en Dal. De laatste meters over het fietspad naar de top zijn venijnig steil, de rijbaan zelf is ingesneden en ligt een paar meter lager.

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Berg en Dal – Zevenheuvelenweg
5 – 8 %
13 hm – 200 m – 177 wtr – 4 ufl
Meerberg

De laatste heuvel van de Zevenheuvelenloop is de Meerberg vanuit het dal van de Meerwijkselaan. Sla op de kruising met de Postweg rechts af en loop over de stuwdam langs de vijvers van de Watermeerwijk omhoog naar de noordelijke kom van Berg en Dal. Het Romeinse aquaduct zou op dit punt haar oorsprong hebben gehad. Het Kerstendal is door mensen gegraven, maar wanneer en door wie?

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Heilig Landstichting – Postweg
2 – 5 – 5 – 1 – 2 – 5 – 2 %
22 hm – 700 m – 155 wtr – 3 ufl
Kwakkenberg

Mocht je water intussen op zijn, de laatste hobbel van de Zevenheuvelenloop voert langs het waterreservoir van Nijmegen. Waarom de Romeinen een aquaduct vanaf de vorige heuvel, de Meerberg in Berg en Dal, hebben gelegd blijft een raadsel. De afstand tot het Kops Plateau bedraagt vanaf hier een paar honderd meter. Of waren het toch de Germaanse Chauken of Quaken die zorgden voor deze klassieke mijl op zeven?

Klim bij Nijmegen | Wielrennen in de heuvels - 100 hoogtes om Nijmegen & Kleve - Fietsroutes & hellingen

Nijmegen – Kwakkenbergweg
1 – 2 – 3 %
6 hm – 300 m – 26 wtr – 1 ufl

Back to top of page

Maximale stijging

Wel steil

Als ergens in Nederland een driehoekig waarschuwingsbord geplaatst wordt met 10%, is het gebagatelliseer niet van de lucht. Het academisch wegwuiven kan beginnen, of anders wel de stijlfiguur van de ridicule associatie met Alpe d’Huez, omdat daar ook zo’n bordje staat. Hoogte en steilheid hebben echter weinig met elkaar van doen. Sterker nog, dit stijgingspercentage is typisch voor de Hollandse dijkopgang en daarmee verre van zeldzaam hier te lande.

Puur natuur

Natuurlijk staat helling gelijk aan vermogen en hoogte aan de duur daarvan. Beide zijn nodig voor een beklimming, maar kunnen elkaar compenseren. Bekijkt men de spreiding van de maximale stijgingspercentages van de geologische hoogten rond Nijmegen, dan blijkt 5 % het meest voorkomend op de Nederrijnse stuwwallen, die als los zand aan elkaar hangen. Volle hectometers die tien meter hoogte overbruggen zijn hier inderdaad schaarser, klopt.

maximale stijgingspercentages

Back to top of page

Pvbel Derdebaan

Voorspelling

Op papier zijn de Oude Kleefsebaan (445 wtr’) en de Derdebaan (444 wtr’) even zwaar. De eerste werd door het peloton beklommen tijdens het NSK 2016 en de tweede in 2017 bij de Omloop der Zevenheuvelen. Waar de Oude Kleefsebaan begint na een afdaling van de lagere Beerheuvel, wordt de Derdebaan voorafgegaan door de Vossenheuvel en een haakse bocht. Daardoor zal de gemiddelde snelheid op het Strava segment Derdebaan lager moeten zijn, te verklaren door de grotere aanloopfactor (ANL).

Resultaat

De 19 renners die de data van beide koersen hebben gedeeld, realiseerden gemiddeld 33,8 km/u op het segment Derdebaan (444 wtr’) en 35,5 km/u op het segment Oude Kleefsebaan (445 wtr’). Een gepaarde t-toets merkt het verschil van -1,7 km/u aan als significant (p=0.000325). Omgezet naar klimprestatie (BKM) is het verschil -8 % (706 en 763 bkm). Afdalingen, bochten en klimmen vooraf hebben effect, maar de aanloopfactor (ANL) is beperkt bij lange klimmen. In beide koersen stond de wind dwars (2 Bft).

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Pvbel Vogelsang

Tegenstelling op de helling

De Prins van Belvedere is een lekenonderzoek naar de klimwaarde (WTR) van trajecten aan de hand van geselecteerde Strava segments en gereden tijden. Voor 2016 zijn twee trajecten (Pvbel16) aangemaakt die bestaan uit meerdere hellingen. De verwachting is dat de gemiddelde snelheid over het gehele traject te herleiden is uit de klimwaarde. De geselecteerde trajecten Vogelsang en Sangvogel zijn elkaars tegengestelde, maar hebben een gelijke klimwaarde (WTR). De gemiddelde snelheid zou dan ook gelijk moeten zijn.

Altijd hetzelfde liedje

Een selectie van 61 vrouwen die beide segmenten hebben gereden, behaalde gemiddeld 20,29 km/u op het segment Vogelsang (470 wtr) en 20,41 km/u op het segment Sangvogel (480 wtr). Een gepaarde T-toets classificeert dit verschil van 0,12 km/u als niet significant (p=0.7650). Dit is in lijn met de resultaten van Pvbel14. Met de opgetelde klimwaarden (∑WTR) voor Vogelsang 690 ∑WTR en Sangvogel 928 ∑WTR, kan de gelijke gemiddelde snelheid op beide segmenten in ieder geval niet worden verklaard.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Pvbel Zevenheuvelenweg

Vermogensprofessie

De Prins van Belvedere Giro is een lekenonderzoek naar de geschatte klimwaarde (WTR’) van trajecten aan de hand van aangemaakte Strava-segmenten. Voor de Giro d’Italia zijn twee hellingen op het Gelderse parcours gekozen als meettraject (Pvbelgiro). De verwachting is dat de gemiddelde snelheid (km/u) te herleiden is uit de geschatte klimwaarde (WTR’) en het gemiddelde vermogen (W) per profrenner. De gekozen trajecten Boksheuvel en Posbank kennen met 479 en 503 wtr een vergelijkbare geschatte klimwaarde (WTR’), dus een gelijk gemiddeld vermogen (W) zou dezelfde gemiddelde snelheid (km/u) moeten opleveren.

Globaal even zwaar

Na herziene heuvelmetingen blijkt dit werkelijkheid. 21 profrenners, die hun data op Strava hebben gepubliceerd, realiseerden 30,80 km/u op het segment Boksheuvel (479 wtr’) en 30,57 km/u op het segment Posbank (503 wtr’). Een gepaarde t-toets merkt het verschil van 0,23 km/u aan als niet significant (p=0.6327). Op het segment Boksheuvel leverden de Giro-renners een gemiddeld vermogen van 419 W en op het segment Posbank 408 W. Een gepaarde t-toets geeft het gemeten verschil van 11 W als niet significant (p=0.3891). De Posbank en de Boksheuvel op de Zevenheuvelenweg zijn dus globaal even zwaar.

Na vijven en zessen

Een ouderwets debat betreft het aantal hellingen van de Zevenheuvelenweg, voorheen gesteld op vijf. De eerste data-analyse van de 2e etappe van de Giro d’Italia 2016 op de Zevenheuvelenweg laat twee momenten van vertraging zien, die niet verklaard kunnen worden door het verschil in stijging alleen. Dit is opgelost door de Boksheuvel op te delen in Kampheuvel en Boksheuvel. Zo heeft de Zevenheuvelenweg voortaan zes heuvels in plaats van vijf. Uit de gepubliceerde gegevens van de 3e etappe blijkt verder dat ook de Posbank een dergelijk voorzettafeltje heeft. Waar een Gelderse Giro al niet goed voor is.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Pvbel Randwijckweg

Oude Holle of Randwijck

In de aanloop naar de start van de Giro d’Italia in Gelderland werd logischerwijs gepleit om de Oude Holleweg (1275 wtr) op te nemen in het parcours. Deze opgang bleek echter te smal, daarom was de parcoursbouwer genoodzaakt te kiezen voor de op papier minder zware, maar langere Van Randwijckweg (1060 wtr). De vraag is of de Oude Holleweg wel zo veel selectiever is, ook al heeft de helling een grotere klimwaarde. Om deze vraag te beantwoorden is gebruik gemaakt van gereden tijden op Strava-segmenten.

Straatresultaat

De 184 renners die in 2016 van januari tot en met april het segment Oude Holleweg hebben gereden, behaalden een gemiddelde snelheid van 10,66 km/u. De 242 renners op het segment Van Randwijckweg 12,89 km/u. Een ongepaarde T-toets classificeert dit verschil van 2,23 km/u als significant (p=0.00001). De gemiddelde klimprestatie (BKM) is op beide hellingen gelijk (466 en 476 bkm). De gemiddelde rijtijd op beide hellingen blijkt echter ook gelijk te zijn (337 en 335 s). Wat betekent dit voor de gewenste selectiviteit?

Klimwaarde ≠ selectiviteit

In de tweede Giro etappe werd de Van Randwijckweg beklommen met een gemiddelde snelheid van 25,20 km/u. Op de Oude Holleweg zou dit ongeveer 22,90 km/u zijn geweest. De rijtijd is in beide gevallen 157 seconden. De tijd voor een aanvaller om het verschil te maken is dus gelijk, alleen is het aandeel luchtweerstand op de Oude Holleweg, met deze snelheden, 2,15 % kleiner en hiermee ook het pelotonsvoordeel ten opzichte van de aanvaller. Het verschil in klimwaarde bedraagt 11 %, dus klimwaarde ≠ selectiviteit.

Klipfactor

Aangezien toergroepen fors lagere klimsnelheden hanteren dan profrenners, valt het voordeel van het rijden in een peloton al veel eerder weg. Bij het plannen van een route kan aan de hand van de klimprestatie (BKM) rekening gehouden worden met de klipfactor. Op de Stekkenberg (337 wtr’) met 310 bkm wordt de ingevulde formule 7,25 maal 22 km/u maal 44 hoogtemeters in het kwadraat gedeeld door 1300 meter, daarna gedeeld door 310 bkm = 0,77 klf, tegen 0,90 klf van de profrenners op de Muur van Beek tijdens de Giro.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Klimwaarde

Beklimming

Om de exacte zwaarte van de beklimmingen te achterhalen kun je per helling om de honderd meter de hoogte meten. Na de eerste globale meting meet je de stijgingspercentages van de steilste delen maximaal uit. De andere meetpunten volgen om de honderd meter deze steilste stroken. Individuele benadering heeft de voorkeur bij beklimmingen van verschillend formaat, vooral te vinden in gebieden met opbergunits 1.1 Terras en 2.1 Stuwwal.

WTR-formule

Aan de hand van de gemeten stijgingspercentages kan de klimwaarde van zowel klimmen als routes worden bepaald met dezelfde WTR-formule. De formule gaat uit van interactie tussen stroken onderling en die van andere klimmen en kende daarom een aantal correctiefactoren. Bij goed ingemeten en gescheiden klimmen is alleen de verhouding tussen de steilst mogelijke helft en de vlakkere helft van de hoogtemeters belangrijk voor de klimwaarde.

Klimeenheden
Omschrijving Notatie Formule
Hoogteverschil H WTR, WTR’, UFL
Lengte totaal L WTR, WTR’, UFL
Lengte tophelft LTH WTR
Klimweerstand OPB WTR’
WTR = 160 * H² / L + 20 * H² / LTH
WTR’-formule

Bij goed ingemeten klimmen kun je de klimwaarde berekenen met enkel hoogteverschil en lengte. Voor 95 % van de klimmen geldt een klimweerstand (OPB) van 1,1, met een afwijking van +/- 10 %. Hiervoor neem je het product van 220 (= 200 * 1,1) en het hoogteverschil in het kwadraat en deelt dit door de lengte. Bij routes werkt de WTR’-formule niet door de groezelige tussendelen, die van de klimweerstand een onbekende maken.

WTR’ = 220 * H² / L
UFL-formule

De WTR-formule beschouwt een route als een lange klim met tussentijdse afdalingen. Ook als de stijgingspercentages bekend zijn, is de klimwaarde WTR niet altijd een geschikte maat voor de routezwaarte. Dit geldt bijvoorbeeld bij het oversteken naar een ander heuvelcomplex, of bij een klimroute die gebruik maakt van dijken. Met een omzetting naar stapelbare blokken die je eenvoudig optelt, krijg je een beter beeld van de klimwaarde.

Klimcodes
UFL Klimcode Voorbeeld
1-2 E-grijs Nesciobrug
3 D-groen Rijsberg
4-5 C-geel Grebbeberg
6-7-8 B-oranje Posbank
9-10-11-12 A-rood Cauberg
UFL = √ (25 * H² / L) – 1

Back to top of page

Klimstroom

ALP-formule

Bij herhalende omlopen, zoals bijvoorbeeld gebruikt in wedstrijden, zegt de klimwaarde alleen iets over een keer rond. Om parcoursen met elkaar te vergelijken op intensiteit heb je meer aan de klimwaarde per kilometer. Hiervoor deel je de klimwaarde door de lengte en vermenigvuldig je met duizend. De klimsterkte kan worden opgevoerd met extra hoogtemeters, of door een verminderde afstand tussen hellingen.

ALP = 1000 * WTR / L
HVT-formule

Wil je iets weten over de steilheid van de beklimmingen, dan kun je de klimspanning berekenen. Hiervoor deel je de klimwaarde tot de macht twee door het hoogteverschil tot de macht twee en vermenigvuldig je met vijf. Als de hellingen in een route minder dicht bij elkaar liggen, of weinig hoogtemeters bevatten, kan toch een aanvaardbare klimwaarde worden bereikt door het toevoegen van steile stroken.

HVT = 5 * WTR2 / H2
OPB-formule

De weerstand die de klimstroom ondervindt kan worden berekend door het product van een tweehonderdste van de klimwaarde en de lengte te delen door het hoogteverschil tot de macht twee. Door lange klimmen en korte afdalingen op te nemen in een kortgesloten route, krijg je de laagste klimpedantie. De tijd die wordt geklommen, ten opzichte van de daaltijd, neemt nog verder toe en de ruimte voor herstel neemt af.

OPB = 0,005 * WTR * L / H2
VLV-formule

Meer halen uit minder helling kan met klimkrachtstroom. Deze bereken je door het aantal stroken met een stijging van 4, 5 en 6 % te vermenigvuldigen met drie, en op te tellen bij de hectometers met een stijging van 3 en 7 % maal twee. Alleen de VLV-stroken die staand in de beugels worden afgewerkt en zonder grote aanloop worden benaderd tellen mee. Klimmen die pieken boven de 7 % zijn uitgesloten.

VLV = 3 * (n4% + n5% + n6%) + 2 * (n3% + n7%)
SPR-formule

In gebieden met veel groezelig vlak, zoals de duinen of sandrs, kan de klimwaarde lastig te stroomlijnen zijn, met meer dan de helft van de hoogtemeters buiten de beklimmingen in het Groubaix (GRB), in plaats van maximaal een kwart. De wel gevonden klimkrachtstroom mag in dit geval staand of zittend worden opgevoerd met bootstrapondersteuning Sparkus, opdat je je gebruikelijke kruissnelheid aanhoudt.

SPR = VLV * (0,75 + GRB / H)
ULL-formule

Bij OPB > 3 is het niet meer raadzaam om een route op te vatten als een lange beklimming met tussentijdse afdalingen. Bijvoorbeeld in een polderland met dijken, waar de klimstroom te veel weerstand ondervindt van vlakke delen. Omdat de klimsterkte hierdoor steeds weer richting nul gaat, mag je de klimductiestromen optellen en delen door de afstand, als maat voor hoe snel die klimstroomstoten elkaar opvolgen.

ULL = 100000 * UFL / L

Back to top of page

Klimprestatie

BKM-formule

De gerealiseerde gemiddelde snelheid op een specifieke klim kan worden omgezet naar een gestandaardiseerde klimprestatie. Dit doe je door de overwonnen rolweerstand, luchtweerstand en hellingbelasting bij elkaar op te tellen. De eerst- en laatstgenoemde nemen lineair toe, terwijl de tweede exponentieel stijgt. De maximale klimprestatie lijkt normaal verdeeld met een grote groep in het midden en een afnemende bezetting op de flanken. De weergegeven waarden gaan over getrainde sporters.

Snelheidslimieten
WTR 100 BKM 1000 BKM
0 25 km/u 59 km/u
250 10 km/u 49 km/u
500 6 km/u 40 km/u
750 4 km/u 33 km/u
1000 3 km/u 27 km/u
BKM = 1,11 * km/u + 0,0045 * (km/u)³ + 7,25 * km/u * H² / L
KLF-formule

De klipfactor van een beklimming hangt, naast klimwaarde, af van de gebezigde klimprestatie. Hoe lager die klimprestatie, des te selectiever de helling. Dit komt omdat het aandeel van de luchtweerstand in de klimprestatie zeer snel afneemt met de snelheid en daarmee ook het voordeel van het uit de wind zitten. De klipfactor bereken je door 7,25 maal de snelheid in kilometer per uur te vermenigvuldigen met de hoogte in het kwadraat gedeeld door de lengte, en dit te delen door de klimprestatie.

KLF = (7,25 * km/u * H² / L) / BKM)

Back to top of page

Parcours Zevenheuvelenloop

Zoek de zevende dwerg

Een van de aanbevelingen van de Prins van Belvedere 2014 is het traceren en in de berekening opnemen van dwergklimmen, omdat deze een significante invloed kunnen uitoefenen op de routezwaarte. De eerste kandidaat hiervoor is het parcours van de Zevenheuvelenloop, dat net als de Zevenheuvelenweg, meer heuvels belooft dan het levert. Of zit het anders? Naast de vijf duidelijk te onderscheiden hellingen schampt het traject van de 7H-loop namelijk de Kentenberg, Ketelberg, Boksheuvel, Kwakkenberg en Huiselenberg. Wat is de invloed van deze stukken hellend asfalt?

Ontelbare heuvelen

Uit nadere analyse blijkt dat dit gezelschap twee grijze dwergen (E-grijs) herbergt, die de zeven heuvels van de loop compleet maken. De klimsterkte stijgt van 25 naar 29 ALP. Dit is een stijging van meer dan veertien procent, ongeveer eenzevende zwaarder. De oplopende meters van de Kentenberg en Ketelberg missen de steilheid en de knik naar de Huiselenberg mist het hoogteverschil. Of het voorvoegsel zeven nu wel of geen telwoord is, valt niet uit te maken. Wel is het zo dat zeven ook onbepaald, ontelbaar of allemaal kan betekenen.

Holle op de Vlierenberg

Uit nieuwe metingen blijkt verder dat de middelste heuvel de Vlierenberg als C-geel helling de grootste klimwaarde heeft en niet de Langenberg, die uiteraard de meeste hoogtemeters kent. De OPB waarde van 2,23 geeft aan dat de klimwaarde van de route factor 2,23 groter is dan de klimwaarde van een theoretische helling met een hoogteverschil van 120 meter en een constante stijging van 0,80 %. Een laatste feit dat opvalt is dat de route wat betreft klimwaarde net zo goed in tegengestelde richting kan worden afgelegd.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Over de Zeven Heuvelen

Heuvelgraven

Hoe zit het met de Gelderse Zeven Heuvelen? In Zuid-Limburg liggen ze bij Gronsveld. Noord-Brabant kent meerdere Zevenbergen, waaronder die bij het Vorstengraf in Oss. Zeven verwijst op beide plekken naar een zevental grafheuvels uit de prehistorie. De stad Nijmegen is naar Romeinse traditie gebouwd op zeven heuvels. In haar omgeving ligt een illustere heuvelige weg, waarvan het aantal maar niet klopt. Een loopje met de waarheid? In 2016 is naast het oude pad van Groesbeek naar Beek een zestal grafheuvels ontdekt, of is ook hier de zevende heuvel weg? Van hellend vlak naar Ad Chartam.

Bergendalsebaan

De weg heette in 1885 nog gewoon Berg en Dalsche Baan naar Groesbeek. Wel worden de Engelenburg en Flierenberg genoemd. In 1570 liggen in het Nederrijkswald vooral bospaden, maar prijken de Molenberg, Boksheuvel en Brantberg. Vanuit de Heerlijkheid Groesbeek loopt in 1768 de Beeksche Straat over de Knotseklef, langs het gericht op de Galgenhei, slingerend het Nederrijkswald (1758) in. Dit pad sluit in de Meerwijk aan op de rechthoekige parkaanleg, waarvan de doorgetrokken noordelijke zijde rond 1900 de naam Weg over de Zeven Heuvelen krijgt. In 1953 wordt de Galgenhei echter omgelegd.

Wegverbergen

In 1825 wordt de weg van Nijmegen naar Groesbeek de meeste allure van het Geldersch Lustoord toegekend, omdat deze ‘door zijne rijzingen en dalingen, zeven heuvelen vormt, en even zo vele dalen’. De wandeling tussen Berg en Dal en Groesbeek wordt niet gemaakt. Hij keert op landgoed de Groote Vlierenberg, waar ook nu de verlichting op het fietspad ophoudt, bij het beeld van de Zevenheuvelenloper. In 1882 koppelt een andere wandelaar door Nederland het toponiem ‘zeven heuvelen’ aan de Berg en Dalsche baan. De weg van Nijmegen naar Groesbeek is geëffend en hij gaat trouwens per trein.

Rijkaardskunde

Terwijl rijkaards spreken over Zeven Heuvelen, nog in 1848 op de Groesbeeksche baan, spreken aardrijkskundigen over de Mokerheide (1843, 1860). Met de opkomst van de wielrijder stelt de professionele recreatieve kampioen in 1888 dat de weg tussen Berg en Dal en Groesbeek ‘over zeven heuvelen’ loopt. Een aarzelende aardrijkskundige schrijft in 1907 over de zogenaamde ‘weg over de zeven heuvelen’, met de verantwoording dat deze haaks op droogdalen is aangelegd. Zeven is hier dus een telwoord, en de bron van het toponiem staat sinds 2015 ook te boek als de bedenker van de term ‘keizerstad’.

Kaarten
 * T. Witteroos, Het Nederrijkswald en omliggende plaatsen (1570) Geverifieerd door waldgraaf Thomas van Appeltern.
 * J. van Aarden, Cart van den Nederrijxe Walt : met desselfs inleggende gecultiveerde landerijen (1758).
 * J. van Aarden, Cart van de heerlijkheid Groesbeek..., in het laatst des jaars 1768 (1768).
* Tranchot en von Müffling, Kartenaufnahme der Rheinlande durch Tranchot und von Müffling, 1 Nijmegen Nord - 3 Nijmegen Sud (1803 - 1820). 
* N.N, Van Nijmegen naar Berg-en-Dal. Wandelkaart van Ubbergen, Beek, Berg-en-Dal en de Meerwijken (1885).
 * N.N, Nijmegen en omstreken (ca 1900).
Teksten
 * C. ten Hoet Jz, Het Geldersch lustoord, of Beschrijving van de stad Nijmegen en derzelver omstreken, met geschied- en oudheidkundige bijzonderheden (1825), p 53.
 * A.J. van der Aa, Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden, vierde deel (1843), p 899.
 * P. Nijhoff, Een Geldersch reisje, van Amsterdam of elders, naar Arnhem, Zutphen, Het Loo en Nijmegen (1848), p 83.
 * A.J. van der Aa, Aardrijkskundig woordenboek der Nederlanden, dertiende en laatste deel (1851), ZEV p 144-172.
 * W.C.H. Staring, De bodem van Nederland, de zamenstelling en het ontstaan der gronden in Nederland, tweede deel (1860), p 49-56.
 * J. Craandijk, Wandelingen door Nederland met pen en potlood deel 6 (1882), p 216.
 * J.B.M. van Galen, No 194 ANWB Cleve, in de Kampioen maart 1888 (1888), p 94.
 * E.J. Brill (red.), Tijdschrift van het Koninklijk Nederlandsch Aardrijkskundig Genootschap, 2 reeks: d.24 (1907), p 668.
 * Dr. Beckers, Voordracht Archeologische onderzoekingen in Z.-Limburg, in Natuurhistorisch Maandblad, 20e jaargang - No.1 (1931), p 10.
 * J.F. van Agt, Zuid-Limburg uitgezonderd Maastricht (1962), p 14.
 * G.G. Driessen en J.D.G. Montenberg, Oud-Groesbeek in woord en Beeld (1980), p 25, 29, 144 en 148.
 * H. Fokkens, R. Jansen en I.M. van Wijk (red.), Oss-Zevenbergen; de langetermijn-geschiedenis van een prehistorisch grafveld Archol Rapport 50 (2009), p 227.
* W. de Jonge, Keizerstad; Het keizerlijke imago van Nijmegen (2015), p 19. 
* P. Klinkenberg en W.J.A. Kuppens, Identificatie van een prehistorisch grafveld in de Westermeerwijk, gemeente Berg en Dal (2016), p 16.

Back to top of page

De originele zeven

Een heuvel over

Waar is de zevende heuvel van die weg gebleven? Bekijk hiervoor het hoogteprofiel van het slingerende pad vanaf de kerk in Groesbeek over de velden het Nederrijkswald in, en vanaf de parkaanleg van de Meerwijken rechtsom langs de buitenrand naar Berg en Dal, zoals weergegeven op de Tranchotkaart uit het begin van de 19e eeuw. Hoewel een heuvel meer, is het hoogteverschil in vergelijking met de zes heuvels van de huidige Zevenheuvelenweg hier 20 % kleiner (100 vs. 125 m), doordat de weg dichter langs de kam loopt, waar de droogdalen minder diep zijn. Je moet er maar opkomen.

Op de weg terug

Ooit lagen er Zeven heuvelen op de route van Groesbeek naar Berg en Dal: 1. Knotseklef, 2. Galgenhei, 3. Boksheuvel, 4. Hogeklef, 5. Vlierenberg, 6. Engelenberg en 7 Brantberg. De oude route over de Galgenhei is steeds meer naar het oosten verschoven. Tegen de tijd dat de weg dus eindelijk haar naam kreeg, had zij reeds een heuvel verloren. Deze heuvel kun je terugwinnen door op de Zevenheuvelenweg links naar de Mozartstraat af te slaan, rechts af te slaan bij de Dries, en na kort links over de Nieuweweg, rechts af te slaan naar de Siep, die in vroeger tijden bekend stond als de Maldensebaan.

Reizende bergen

De originele zeven rijzingen zouden zich tot 1850, voor effening van de Groesbeekseweg en Nijmeegsebaan, bevinden op de weg van Nijmegen naar Groesbeek: 1. Huiselenberg, 2. Kentenberg, 3. Ketelberg, 4 Oeselenberg, 5 Lage Langenberg, 6, Hoge Langenberg en 7. Stekkenberg. De nummers drie, zes en zeven kun je met een kleine omweg herbeleven. Ketelberg: RA v. Cranenborchstraat, LA v.d. Boekhoffstraat, RD Peter Scheersstraat, LA Schlatmaeckerstraat. Hoge Langenberg: RA Nijmeegsebaan, RD Parklaan en Stekkenberg via het terrein van Werkenrode parallel aan de Nijmeegsebaan.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Prins van Belvedere 2014

De Prins van Belvedere is een lekenonderzoek naar de zwaarte van trajecten aan de hand van geselecteerde Strava segments en gereden tijden. Voor 2014 zijn een aantal trajecten (pvbel14) aangemaakt die bestaan uit meerdere hellingen. Het doel is om aan de hand van de verdeling van BKM scores te onderzoeken hoe de oorspronkelijke WTR formule toegepast kan worden op meerdere hellingen achter elkaar. Het wegen van de niet-WTR hoogtemeters in routes valt buiten de scope.

Verwachte snelheid km/u vs. BKM-score
Segment WTR 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Holleweg 1646 2 4 6 8 11 13 15 17 19 21
Beekdom 1419 3 5 8 11 13 16 18 21 23 25
Oesellang 279 11 19 26 31 35 39 42 45 48 50
Hunerhaan 281 11 19 26 31 35 39 42 45 48 50

Zoals in de tabel valt af te lezen zullen de grootste verschillen in gemiddelde snelheid naar verwachting niet worden gerealiseerd op het zwaarste segment, maar op het lichtste. De verhoudingen zullen wel ongeveer gelijk blijven. Bij een individuele klimtijdrit zijn de absolute verschillen in tijd, tussen renners met verschillende maximale BKM-scores, vooral afhankelijk van de zwaarte van de klim in relatie tot de lengte. De onderstaande steekproeven zijn gematched door de oorspronkelijk gepaarde gemiddelde snelheden per segment te sorteren van hoog naar laag. In de regel leveren renners binnen en tussen ritten namelijk niet op elke helling dezelfde inspanning, of nemen wanneer zij dit wel doen, niet dezelfde rust, behalve bij bloktraining. In het segment Beekdom zijn de niet WTR hoogtemeters (8 hm) over de Ubbergseveldweg, alsnog betrokken in de berekening, 1296 WTR voor, 1419 WTR na.

Holleweg vs. Beekdom km/u
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Holleweg 1646 1912 100 15,15 15,16 0,94 z-waarde -3.6886
Beekdom 1419 2006 100 16,85 16,91 1,22 p-waarde 0.0002
Holleweg vs. Beekdom BKM
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Holleweg 1646 1912 100 7,30 7,25 0,47 z-waarde 0.5172
Beekdom 1419 2006 100 7,04 7,06 0,54 p-waarde 0.6031

Het segment Holleweg start in Beek en voert via de Nieuwe Hollweweg, vd Veurweg, Bosweg, Nieuwe Holleweg en Oude Holleweg over de Sterrenberg en Hanenberg naar Berg en Dal. Beekdom begint in Nijmegen en loopt via de Beekmansdalseweg, Ubbergseveldweg, Ubbergse Holleweg, Rijksstraatweg, JDV Poldersveldtweg en Stollenbergweg over de Grote Kop en Stollenberg naar Berg en Dal. Als je de som van de hellingzwaartes (∑WTR) als uitgangspunt neemt dan zou de gemiddelde snelheid op het segment Beekdom lager zijn dan op het segment Holleweg. Dit is echter niet het geval, 16,91 versus 15,16 km/u, te verklaren door de hogere samengestelde routezwaarte (WTR) van het segment Holleweg. De lengte van de afdaling en de nabijheid van de volgende klim zijn dus medebepalend voor de zwaarte van een traject. Door de correctie van het segment Beekdom is tevens de invloed van ‘dwergheuvels’ op de routezwaarte aannemelijk gemaakt. De testen zijn overigens uitgevoerd op de mediaan.

Oesellang vs. Hunerhaan km/u
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Oesellang 279 335 99 25,60 25,49 2,40 z-waarde 0.7990
Hunerhaan 281 323 99 25,60 25,44 2,21 p-waarde 0.4237
Oesellang vs. Hunerhaan BKM
Segment WTR ∑WTR N MD M SD Mann-W U-Test
Oesellang 279 335 99 3,00 3,00 0,42 z-waarde 0.0891
Hunerhaan 281 323 99 3,00 2,99 0,38 p-waarde 0.9283

Het segment Oesellang start in Heilig Landstichting voert via de Nijmeegsebaan, over de Oeselenberg en Langenberg naar Groesbeek. Hunerhaan begint in Nijmegen en loopt via de Berg en Dalseweg en Oude Kleefsebaan over de Hunerberg en Hanenberg naar Berg en Dal. Of je nu de som van de hellingzwaartes (∑WTR), of de samengestelde routezwaartes (WTR) als uitgangspunt neemt, de gemiddelde snelheid zal op beide segmenten gelijk zijn. Dit is ook het geval, 25,49 versus 25,44 km/u, te verklaren door de gelijke samengestelde routezwaartes (WTR) als input in de BKM formule voor klimprestatie (3,00 versus 2,99). De in de tijd ontstane doorgaande wegen van Nijmegen naar respectievelijk Berg en Dal en Groesbeek blijken dus exact even zwaar.

Zwaartebepaling
WTR = 0,95 * h * (% * (1 + %l/l) + s% / (1 + %l/l)) en ∑WTR ≠ WTR

Formules waarbij zwaartes van hellingdelen worden opgeteld zijn geschikt voor het vergelijken van gelijkvormige, of vloeiende hellingen. Voor het beschrijven van de zwaarte van een serie ongelijkmatige klimmen bij Nijmegen zijn dergelijke formules minder toegerust. Ter vergelijking, bij het optellen van hellingen heeft een etappe met aankomst bergop dezelfde zwaarte als die etappe inclusief afdaling. De WTR formule geeft een andere uitkomst, omdat bij aankomst bergop een groter deel van de etappe uit helling bestaat. Het relatieve gemak en hogere snelheid in de afdaling worden niet meegenomen in het berekenen van de gemiddelde snelheid, die dus bij aankomst bergop lager zal uitvallen. De ratio tussen ∑WTR en WTR geeft aan hoe effectief de beschikbare klimmen gebruikt worden in een klimroute. Lange klimmen en korte afdalingen geven in de regel een hogere ratio dan andersom. Met een mix van lange klimmen en afdalingen tussen klimpockets, en korte klimmen en afdalingen binnen klimpockets, wordt meestal de hoogste WTR waarde bereikt. Zware hellingen zijn helemaal niet nodig voor een goede klimroute. Belangrijker is dat ze voldoende steil, hoog, talrijk en nabij zijn.

Elementen routekwaliteit
1) Sterk hellende hectometers
2) Significante hoogtemeters
3) Verhouding klimmen en dalen
4) Verhouding klim- en routezwaarte

Hellingen met een WTR kleiner dan 75 werden tot nu toe beschouwd als niet significante hoogtemeters. Bij het uitdrukken van routezwaarte in ∑WTR was hun bijdrage aan het totaal namelijk gering, maar in WTR ligt dit anders. Daarnaast ging ik er vanuit dat deze zogenaamde dwergklimmen gelijk verdeeld zijn en een gelijke impact kennen. Deze aanname is in WTR niet langer houdbaar. Het is goed denkbaar dat de invloed wel degelijk verschilt. De stuwwal is per slot van rekening niet overal even hobbelig. Een van de aanbevelingen van de Prins van Belvedere 2014 is daarom om de onverkende dwergklimmen beter in kaart te brengen. In het verlengde hiervan ligt de gedachte dat de kwaliteit van een heuvelstelsel mogelijk beter tot uitdrukking komt als deze wordt gemeten aan de hand van de zwaarste ronde van 15 kilometer in plaats van de zwaarte van de aanwezige hellingen. Niets meer dan een stap verder in het optimaal gebruiken van beschikbare hoogteverschillen op de fiets.

Back to top of page

Prins van Belvedere 2013

Onderstaand de gestandaardiseerde bulkgetallen voor de Prins van Belvedere 2013, een vergelijking van de gemiddelde snelheid op de Grote Kop, Kleine Kop, Hanenberg en Sterrenberg. Op basis van omgerekende inspanning (BKM) volgen de Strava leaderboards een redelijke normaalverdeling met een iets grotere groep onder het gemiddelde. Aangezien de data afkomstig zijn van trainingen op de openbare weg is het niet raadzaam uit te gaan van de maximaal behaalde snelheid, maar van de gemiddeld behaalde snelheid. Bovendien rekent Strava om naar hele seconden en bepaalt het de positie aan de hand van beschikbare GPS gegevens. Een losse meting zegt dus weinig, maar de hele set ook niet alles. Voor het verder vergelijken van de heuvels is daarom uitgegaan van een selectie van renners waarvan de snelheid per renner op beide te vergelijken segments niet meer dan 2,5 km/u afwijkt, zie Sterrenberg vs. Hanenberg en Grote Kop vs. Kleine Kop.

Snelheid km/u
Segment WTR Z=+2 Z=+1 Z=0 Z=-1 Z=-2 N M SD
Sterrenberg 1507 19,4 16,5 13,6 10,7 7,8 205 13,6 2,9
Hanenberg 1477 19,4 16,3 13,3 10,2 7,2 1665 13,3 3,1
Grote Kop 992 21,1 17,4 13,6 9,9 6,1 1176 13,6 3,8
Kleine Kop 933 21,4 18,4 15,4 12,4 9,4 329 15,4 3,0
Verdeling BKM scores
Segment Z>+2 Z>+1 Z>0 Z<0 Z<-1 Z<-2 N M SD
Sterrenberg 2,4% 14,1% 32,2% 38,5% 10,7% 2,4% 205 6,0 1,3
Hanenberg 2,9% 10,3% 36,8% 39,7% 8,8% 2,9% 1665 5,7 1,4
Grote Kop 4,4% 9,2% 29,2% 43,8% 11,4% 1,0% 1176 4,0 1,2
Kleine Kop 2,4% 13,0% 33,9% 36,7% 11,2% 2,4% 329 4,3 0,9

Cijfers om nader te bestuderen in een ‘within context’ zijn die van de Hanenberg, die zwaarder lijkt dan de Sterrenberg, gezien de hogere gemiddelde snelheid daar. Het lijkt erop dat de steekproeven van elkaar verschillen. Ook de hoge gemiddelde, maar relatief lage maximum snelheid op de Kleine Kop roept vragen op. Voor deze verschillen zijn legio verklaringen te vinden, zoals de betrouwbaarheid van de data in het geval van korte segments, het zogenaamde ‘snipen’ van segments, wat betekent dat er pas gas gegeven wordt op dat deel van een overlappend segment dat korter is en dus meer deelnemers kent, en de bekendheid van de klim, waardoor de populairdere segments minder geoefende fietsers trekken. Voor nu ligt de focus op de verschillen tussen de Sterrenberg en Hanenberg enerzijds en die tussen de Grote Kop en de Kleine Kop anderzijds. De vraag is of de metingen en de WTR waarden voor deze hellingen bevestigd worden door de afgeleide inspanningsdata.

Sterrenberg vs. Hanenberg km/u
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Sterrenberg 1507 1485 82 13,52 1,16 36,6% t-waarde 3,0389
Hanenberg 1477 1382 82 13,75 1,25 63,4% p-waarde 0,0032
Sterrenberg vs. Hanenberg BKM
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Sterrenberg 1507 1485 82 5,92 0,52 46,3% t-waarde 0,1879
Hanenberg 1477 1382 82 5,91 0,50 53,7% p-waarde 0,8515

Om de vraag te beantwoorden of de Hanenberg, of juist de Sterrenberg, de zwaarste klim bij Nijmegen is, zijn de gepaarde gemiddelde snelheden van 82 Strava renners, die in 2013 beide hellingen beklommen, geanalyseerd met een gepaarde T-toets. Hieruit volgt dat de behaalde gemiddelde snelheden op de Sterrenberg significant (p<0,01) lager liggen, dan die op de Hanenberg. Van alle mogelijke verklaringen is de meest plausibele dat de Sterrenberg voor de meeste renners een zwaardere klim is dan de Hanenberg. Om de prestaties van de renners te vergelijken kan gebruik gemaakt worden van de nieuwe BKM formule die rol-, lucht- en klimweerstand optelt. In een vergelijking met een gepaarde T-toets blijken de BKM scores niet significant (p>0,01) te verschillen. De renners doen dus op beide hellingen even hard hun best.

Grote Kop vs. Kleine Kop km/u
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Grote Kop 992 881 82 15,62 3,02 35,4% t-waarde 3,0167
Kleine Kop 933 852 82 16,08 2,64 64,6% p-waarde 0,0034
Grote Kop vs. Kleine Kop BKM
Segment WTR KBN N M SD Best Gepaarde T-toets
Grote Kop 992 881 82 4,66 0,98 56,1% t-waarde -2,3684
Kleine Kop 933 852 82 4,54 0,82 43,9% p-waarde 0,0203

De Grote Kop en de Kleine Kop zijn twee dicht bij elkaar in de buurt liggende klimmen, die bijna even zwaar zijn, maar verschillen in lengte, hoogte, steilte en wegdek. De Grote Kop is lager, korter, steiler en bekleed met glad asfalt, terwijl de Kleine Kop hoger, langer, minder steil en voorzien is van klinkers. Ook hier zijn de gepaarde gemiddelde snelheden van 82, deels andere, Strava renners, die in 2013 beide hellingen beklommen, geanalyseerd met een gepaarde T-toets. Hieruit volgt dat de behaalde gemiddelde snelheden op de Grote Kop significant (p>0,01) lager liggen. Hoewel de verschillen klein zijn, is de Grote Kop gemiddeld een zwaardere klim dan de Kleine Kop. Bovenstaande resultaten bevestigen zowel de heuvelmetingen als de WTR formule. Op grond van de steekproeven van de Prins van Belvedere 2013 is de belKOM formule bijgesteld en hernoemd naar BKM formule.

Snelheid km/u vs. BKM-score
Segment WTR 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10
Sterrenberg 1507 3 5 7 10 12 14 16 18 20 22
Hanenberg 1477 3 5 7 10 12 14 16 18 20 22
Grote Kop 992 4 7 10 13 16 19 22 25 28 31
Kleine Kop 933 4 8 11 14 17 20 23 26 29 32

Zoals in de tabel af te lezen worden de grootste verschillen in gemiddelde snelheid niet gerealiseerd op de zwaarste klim, maar juist de lichtste. De verhoudingen blijven echter ongeveer gelijk. Bij een individuele klimtijdrit zijn de tijdsverschillen tussen renners met verschillende maximale BKM-scores daarom vooral afhankelijk van de zwaarte van de klim in relatie tot de lengte. De tijdsverschillen tussen BKM-scores kennen grofweg dezelfde verhouding als die van de WTR waardes maal de lengte van de klimmen. Zo zullen de verschillen in tijd, tussen renners met een gelijk verschil in BKM, naar verwachting een factor 1,31 groter zijn op de Kleverberg (1042 WTR, 1,9 km), dan op de Sterrenberg op plaats 2 (1507 WTR, 1 km), gevolgd door de Hanenberg en Stollenberg op de plaatsen 3 en 4. De Kleine Kop en de Grote Kop staan pas op plaats 15 en 22 in deze theoretische ranglijst.

Klimprestatie
BKM = ((4 * m/s) + (0,2 * m/s3) + (0,1 * WTR * m/s)) / 100

Back to top of page

Profielen holle wegen

Vijf van Nijmegen

Holle straten klimmen het hardst. Deze vijf opgangen en hun varianten zijn ongetwijfeld de zwaarste stuwwalhellingen van de Benelux. Een reisje langs de Rijn meer dan waard. Vanuit de Randstad liggen de heuvels van Vlaanderen en Zuid-Limburg minstens dubbel zo ver. Daarbij komt dat in het laatst genoemde gebied slechts twee heuvels beduidend zwaarder zijn, dan de beklimmingen over de Oude en de Nieuwe Holleweg.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Back to top of page

Toponymiewegen

Zevelichse Heuvelen?

Volgens de Lies van Limburgse plaats- en gemeintenamen gewald = gezag, dan Siebengewald iets van gezagsscheiding. https://t.co/zQvIOgJlGy

Als zeven = septum, dan split -heuvelen, -dal, -laagte, -woud, -boom, -water, -bronnen #scheidingsweg #schottheide #zevenaar #sepa #cleve

Zevenheuvelen: een bepaald aantal bergen, of een landschap van ondefinieerbare heuvels? #7H #BergenDal #telganger #hobbelpaard #knollentuin

De 7 Heuvelen soap continues: Wasser und Seyffen leerden de Romeinen van de Germanen. http://t.co/ksQkCTaE09

Van Zyfflich tot Çevlik. Romeins afval vind je werkelijk overal. Hielden volgens mij niet zo van opruimen? #duurzaam @RomeinseLimesNL

Van Sefflum naar Kukleum via Sennekensboom en Sipendaal. Door het land van Canisius, Cillissen, Sieneke & Seveke. pic.twitter.com/hPuRw0Bued

Santen, Sevelich, Sevelaer, Salkar, Saesar
Xanten, Xevelich, Xevelaer, Xalkar, Xaesar
Canten, Cevelich, Cevelaer, Calcar, Caesar

Sevelich: 3 leugae van Nijmegen, 22 van Blerick. Ceve(lums)heuvelen? Ceve(lums)dal? Ceve(lums)gewald? #foutehobby http://t.co/1xotFO1UQU

Nog een toponiem in de Zevenheuvelenserie: Sieben Quellen | Rad am Niederrhein http://t.co/UhzTBpJnCj & http://t.co/utZrscytVG #telwoord

Sevengewalt – Zevenghewaet. Wade/oversteek. De Kendel is alleen niet reuzebreed. http://t.co/NA0ENtPJxP

Safliggi/Saflika 975 AD. Zavel/Sabulum ‘zand ‘ 500-1200 AD. Sabel/Sabellum ‘zwart’ (slavisch bont) komt van na 1200 AD. #duivelsdrijfzand

Zyfflich: plaats met rood-rossig (oranje) zand. Holdeurns aardewerk?http://t.co/RccAwaSnAG & http://t.co/j1mYeioZaV & http://t.co/GY6NhSj9qM

Ooy/Ooij hoort ook nog bij Zevenaar/Zyfflich, Groessen/Groesbeek, Duiven/Düffel. Zevenaar ligt op een stroomrug/grofzandafzetting van de Aa.

Poort of gracht? Zevenaar/Zyfflich, Groessen/Groesbeek, Duiven/Düffel & Elten/Elden, Emmerich/Eimeren, Rees/Ressen http://t.co/YEp6IJyIMe

Terug bij af! Grafheuvels vaak bij breuken en bronnen, dus de verklaring siepen / sijpelen in Zevenheuvelen kan even goed. #rondjesdraaien

Een ander Nijmeegs debat betreft het aantal heuvels van de Zevenheuvelenweg. NB de Zeven Provinciën waren stiekem met zijn achten #PS15

Als Zyfflich als ‘afgescheiden’ liciae/lice wordt opgevat, dan is die doorbraak van voor 880 AD. Saffligi vs Souvlaki pic.twitter.com/OputwupbNh

Post-Romeinse Waal neemt hap uit Liesenberg en breekt door rivierduin Beek-Zyfflich, en het Wylerbergmeer ontstaat. pic.twitter.com/5fkHCMkM2F

7H & Romeinen: Septem = zeven, septum = scheiding. Bij zeven scheid, of zuiver je zaken. vgl. Zoek de zevende dwerg! http://t.co/VdgdQJjNMB

Op het oude Zevenheuvelenpad lagen toch 7 heuvels: Knotseklef, Galgenhei, Kampheuvel, Boksheuvel, Vlierenberg, Engelenberg en Duivelsberg.

Het Zevendal, Zevenaar, Zevengewalt en het Zevenboomsven in Afferden waren igg allemaal ooit Kleefs gebied.

Zevelichse heuvelen? Heuvels behorend bij het oeroude sticht Zyfflich? http://t.co/LuvvPABDMj

Zwanen van Mergelpe?

Mergelp, Duivelsberg, Holdeurn en Heksendans. Mahr → Alp → mn Duivel, vr Heks. de.wikipedia.org/wiki/Nachtalb #nachtmerrie

Het overgebleven deel kon het lokalere toponiem Wylerberg blijven dragen en de steilrand Wylseklef. Het stift werd later helemaal Kleefs.

Het ‘langzaam uit de vlakte verheffen’ van Balderiks Houberg kan oostelijk vanaf Hau en Qualburg. #oudsteheuvelnaam

Mahralp: Grimmige Schwanjungfrauen op eiland in Wylermeer? #mergelp #schwanenritter #aspel http://t.co/DlkLi5nRu3 & http://t.co/HgUjrPjTZX

Het originele bonnetje van de transfer van Meregelpe van het Stift Zyfflich naar de aartsbisschop van Keulen in 1117 http://t.co/CMr8YSEwfE

Dyluvyeberg? Mergelpe? Stortvloedberg? Bij doorbraak rivierduin is igg wel het een en ander in het meer gegleden. http://t.co/EX40qTB95v

Als “in monte qui Mergelpe vocatur” = Duivelsberg, snap ik de latere naam voor deze toen Kleefse exclave in het stift Zyfflich: Kleverberg

http://t.co/V1cC88yyFd via @Taaldacht *De aan Zyfflich ontfutselde Mergelp werd geschonken aan de graaf van Kleve. #schwanensage #lohengrin

Schwanenritter-Sage aus Elten? http://t.co/j1eOrpx4La via @rponline *Na het proces stichtte de nu bezitloze Balderik een stift in Zyfflich.

Ook Mere (Mehr) vermeld in 721. Of het in de 13e eeuw opgedroogde mere ‘gelp’ was, geen idee. http://t.co/WvvE64MzdC pic.twitter.com/E9zrtX31Nn

Balderiks Meregelpe? 1117 Xanten->Zyfflich, 1143 Bedburg, Na 1223 wereldlijk, bouw beloofde burcht Kranenburg op 1400m afstand van Kleyen.

Nou, mijn dode tablet doet het igg ineens weer. Opladen op de Mont Fer. Over Klapperstenen, ijzer en silicum aldaar: http://t.co/vZD383wMLj

Duffeltberg of Hellendoorn?

De Tannenberg in Materborn van Tanfana of Vrouw Holle? Heerseres dodenrijk vgl. Tankenberg www.runningfox.nl

Folkloreverklaring voor de Romeinse leemputten rond de Duivelsberg. Er zou een verzonken schat in het hart liggen. www.groetenuitbergendal

Holdeurn of Dorent. Vgl. Dörenther Klippen, Hockenden Weib in het Teutoburgerwoud bij Ibbenbüren? @TecklenburgRF1 http://t.co/HblQPbMAjF

Netbook lijkt ook geraakt door de vloek van Balderkamon. Up & running binnen een dag dankzij @tweakers & @afutureNL Duivelsberg it is ;~)

Ze zijn wel naamgever van de houtje-touwtjejas http://t.co/UIEksCtqq2, maar de Holdeurn is dat van Romeins aardewerk http://t.co/ewFLCIV64A

Holle Doorn, Holunder, Vlier, Hellendoorn http://t.co/4lBxspHwsy. Op de kaart van Thomas Witteroos staat Hollersboom #flierefluiter #sambuca

De Vlier(enberg) gewijd aan Vrouw Holle. Zij checkt jaarlijks of mensen vlijtig of lui waren. http://t.co/D94b4BFvPp pic.twitter.com/c3UMLfTzfi

En zo eindig je bij Sleedoorn in Hellendoorn http://t.co/TtHcQooeUB & Hol, hel. De Nieuwe Taalgids. Jaargang 37 http://t.co/OB11lkLJHR

Holldorn betekent zoiets als doornenheuvel. Als dit verwijst naar de doorns van ‘beduvelde’ bramen komt Duivelsberg niet van Duffelt.

De (oc)cultheuvel Hanenberg, ook wel gestaafd als Manenberg, ligt in de buurt van de Zonneheuvel (Ravenberg), Sterrenberg en Duivelsberg.

Kwamen de oude Groesbekers ook als sterren uit de hemel? Googeleklef, Stekkerberg en ook nog de *Boks*heuvel ;-) pic.twitter.com/hU7IN4a9P4

Karel op de Slotberg?

Door zo’n megalithische bril is de latere mini-reuzentoren op de Valkhofkapel dan wel weer logisch #skyline #024geschiedenis @madurodam

Ook de grondvorm vd Nicolaaskapel lijkt op Valkhofheuvel. Rond met portaal ZW #024geschiedenis #dakkapel #matroesjka

Hellingshoek 1e dak Nicolaaskapel is gelijk aan de Valkofheuvel zelf. Latere toren verknalt de lijn #024geschiedenis

Nog geen smoking gun van 700 jaar geschiedenis tussen de 4e en 11e eeuw. #speldindeslotberg

Zou Karolingisch Nijmegen dan toch eindelijk gevonden zijn? @RomeinseLimesNL 601799498617200640

In het aartsdiakonaat Xanten viel alleen Nijmegen (van oudsher) onder het patronaatsrecht van het St. Apostelnstift. pic.twitter.com/wE8KlzLgAB

Het silhouet van de koepel van de Apostelnkirche in Keulen doet me denken aan de St. Nicolaaskapel op het Valkhof. http://t.co/hxEtNBOiBy

Ruim voor Keizer Karel stond Millingen nl. op de kaart. Geen middeleeuws spoor van Nijmegen-Groesbeek-Kranenburg-Kleve. #geldersestreken

Zuidelijker plaatsaanduidingen in het noorden Limbourg (België), Geldern (Duitsland) en Orange (Frankrijk) #Delahaye #Peutingerkaart #PS15

Een kop, klef of berg?

Nijmeegse vervoeging? Verstoppen = verstoppelen. Sintelen-, Ketelen-, Oeselen-, Huiselen- en Engelenberg + Koekeleklef @hetiskoers @eijkb

Leuke site, met alle toppen van de heuvels in het Reichswald op de foto: http://t.co/SwbIXdBnVA

Op de Hunsköbel, Drölsenberg, Hoenderberg en Hunerberg lagen structuren uit de Steentijd. Hun of drol is reus: de vermeende stenenstapelaar.

Dageraad in de Meerwijk http://t.co/2EkvpH9JzX @ottoschapendonk. Het is wsx toch de Brantberg! En de Meerberg->Brantberg=Galgenberg :-)

Die ‘flank’ van de Hengstberg is dus een grijze dwerg genaamd Kleine Kop. Beukstraat/Berg en Dalseweg/Cerialisstraat

Waarom Neder-rijkswald? Omdat het nog maar bestond uit laag bos, hakhout. Op de Wolfsberg liepen geen wolven, maar werd ijzer gewonnen.

Herwendaal en Herwendaalsehoek? In de middeleeuwen lag daar de vlasroet (Koepel) –> ‘vlas gherwen’. Databasedank: @Taalbank_INL

Back to top of page

Rekentool

Bereken je klimwaarde

Bereken eenvoudig de klimwaarde en klimprestatie door hoogte, lengte en snelheid van een beklimming in te voeren en bekijk daarna hoe selectief de helling voor jou is aan de hand van de berekende klipfactor. Een hoge klipfactor betekent dat het grootste deel van de klimprestatie uit overwonnen hellingbelasting bestaat. Wil je de klimprestatie zuiver meten, dan heb je boven idealiter dezelfde snelheid als aan de voet.

Rekentool

Back to top of page

Links bij Nijmegen

Gelders fietsnet ~ Het informatieportaal voor fietsers, infrastructuur en voorzieningen die Gelderland biedt.

Heuvels Fietsen ~ Informatie over heuvels, voorzover deze met de racefiets beklommen kunnen worden.

Inge Fietst ~ Ergens in 1989 ben ik met het fietsvirus besmet geraakt en ik ben er nooit meer van genezen.

Nijmegen Fietst ~ Fietsbeleid, fietsroutes, fietswinkels, fietsclubs en fietsverenigingen in en om Nijmegen.

Peters Fietssite ~ Profielen, statistieken en kaartjes van meer dan 100 hellingen in Midden-Nederland.

Roelof Schokker ~ Trainingen, ervaringen en belevenissen als wielrenner, wielertoerist en granfondisto.

Sportieve Fietser ~ Ik, mijn fiets en de fietswereld. En natuurlijk mijn godfatherschap.

Wiel-Rent ~ Verhuur van fietskoffers, racefietsen, tijdritwielen, tijdrithelmen, ploegleiderswagens, etc.

Back to top of page